Klaas Vantornout openhartig: “Ik heb nog nooit zo veel supporters gehad”

Klaas Vantornout openhartig: “Ik heb nog nooit zo veel supporters gehad”

Foto: BELGA

Klaas Vantornout (35) is bezig aan zijn afscheidstournee, na dit seizoen zet hij er een punt achter. De tweevoudige Belgische kampioen werd vaak op de korrel genomen door het grote publiek maar uitgerekend in het jaar waarin hij niet langer meestrijdt voor een podiumplek is dat gekeerd: “Ik heb nog nooit zo veel supporters gehad”, zegt hij in een openhartig interview aan Sporza.

Klaas Vantornout werd in zijn carrière twee keer Belgisch kampioen. In 2013 in Mol en in 2015 in Erpe-Mere. Hij heeft onder andere ook de crossen van Gieten, Middelkerke, Ruddervoorde en Asper-Gavere op zijn palmares staan. Toch was hij nooit de populairste renner bij de supporters en werd hij soms zelfs uitgejouwd. Maar die tijd is voorbij, zoals blijkt uit een openhartig interview bij Sporza met Christophe Vandegoor.

“Ik heb de indruk dat de mensen me meer en meer respecteren”, vertelt Vantornout. “Ik heb nog nooit zo veel supporters gehad. Ik rijd niet voor het podium en toch word ik nu luidkeels aangemoedigd. Dat vind ik leuk en plezant. Waar die plots vandaan komen, weet ik ook niet. Ik heb de indruk dat de mensen toch respect hebben voor mijn carrière.”

Dat was lang niet altijd het geval. “Op een gegeven moment ben ik gebotst met renners als Nys, Wellens en Albert. Ik heb uitspraken gedaan die ik misschien niet moest doen. Ik ben iemand die zegt waar het op staat. Dat heeft me groot gemaakt, maar de laatste jaren heeft het me ook een klein beetje gekraakt. Sven Nys had erg fanatieke supporters.”

Uitgejouwd als Belgisch kampioen

Het BK in in Erpe-Mere in 2015 was het keerpunt. Tijdens de podiumceremonie weerklonk er her en der zelfs boegeroep in het publiek. Dat hij publiekslievelingen als Sven Nys of de jonge hond Wout Van Aert klopte, viel blijkbaar niet overal in goede aarde. Zeker omdat hij de crossen daarvoor vaak afwezig was geweest wegens ziekte én omdat hij in de laatste ronde wegreed na een opvallend manoeuvre waarbij hij de opzittende Rob Peeters hinderde met zijn fiets en waarna hij zelf een voorsprong kreeg.

“Ik ben ook maar een mens van vlees en bloed, toen is er toch iets geknakt. Zowel mentaal als fysiek”, geeft Vantornout toe. “Ik kon niets positief meer doen voor de toeschouwers. Ze joelden me de hele ronde uit. Dat was zwaar. Voor mij en voor mijn gezin.”

“Iedereen heeft het recht om wedstrijden te laten vallen. Ik was ook geen oersterke renner, een body als de supertoppers had ik niet en ik ben zeker geen figuur zoals Nys of Albert. Dat besef ik maar al te goed. Ik heb wel het maximale uit mijn carrière gehaald. Ik moest toeslaan in de wedstrijden die ik uitgekozen had. En dat is me heel vaak gelukt.”

Het zwarte gat

Wat Vantornout na de cross gaat doen, weet hij nog niet. En dat zorgt voor een dubbel gevoel: “Veldrijden is altijd mijn passie geweest. Aan alle mooie liedjes komt een einde, maar het zal heel veel pijn doen. En dat maakt me een beetje bang. Ik vrees voor het zwarte gat. Misschien ben ik er zelfs te veel mee bezig.”

“Ik heb al duizend keer de vraag gekregen wat ik na mijn carrière ga doen. Het probleem is dat ik er zelf niet op kan antwoorden. Dat maakt me ambetant. Ik zal geen boterham minder moeten eten als ik de eerste maanden geen werk vind. Ik heb een mooi centje verdiend in een hele mooie periode. Ik heb geen domme dingen gedaan met geld. Nu kan ik rustig uitkijken naar een leuke job. Die luxe heb ik. Maar ik moet wel iets omhanden hebben.”

Corrigeer