Gewelddaad op postbode of leraar meteen gemeld

Print
BRUSSEL - Magistraten moeten persoonlijk en onmiddellijk ingelicht moeten worden wanneer mensen die een taak van algemeen belang waarnemen en contact hebben met het publiek, het slachtoffer worden van gewelddaden.
Dat is het gevolg van richtlijnen die het College van Procureurs-generaal op 26 februari 2008 uitvaardigde voor de magistraten van het openbaar ministerie en de politieagenten.

Het betreft onder meer begeleiders, bestuurders en loketbedienden van de openbare vervoersmaatschappijen, postbodes, brandweerlieden, ambulanciers en het personeel van onderwijsinstellingen.

De richtlijnen kwamen er als gevolg van de toename van gewelddaden tegenover dergelijke personen. Zij moeten leiden tot een eenvormige en gecoördineerde toepassing van de wet van 20 december 2006 tot wijziging van het Strafwetboek en dienen om die vormen van agressie op een strengere manier te beteugelen.

'Nadat het parlement reeds een krachtig signaal gegeven had aan de daders van dergelijke feiten door de minimumstraffen te verdubbelen, heeft het College van Procureurs-generaal als richtlijn vastgelegd dat de magistraten persoonlijk en onmiddellijk dienen te worden ingelicht over de meest ernstige feiten om zich ter plaatse te kunnen begeven en de gepaste maatregelen te treffen', luidt het.

Wanneer de ernst van de feiten geen aanhouding rechtvaardigt, zal het openbaar ministerie andere rechtsmiddelen inzetten, zoals een dagvaarding om te verschijnen voor de correctionele rechtbank, strafbemiddeling of een minnelijke schikking.

'De daders van de feiten zullen in ieder geval op een vastberaden manier aan de gangbare normen worden herinnerd', aldus het College.

Er worden eveneens richtlijnen uitgevaardigd om een optimale communicatie met de slachtoffers te garanderen.