Mark Eyskens brengt met 'Land van ergens' zijn 50ste boek uit

'Ik kan het schrijven niet laten'

Print
'Ik kan het schrijven niet laten'

Foto: © Cemil Belek

'Ik kan het schrijven niet laten. Dat is mijn afwijking', zegt Mark Eyskens (79). De oud-premier brengt met 'Land van ergens' al zijn 50ste boek uit. En daar zal het niet bij blijven. 'Ik heb romans en gedichten geschreven, memoires en cursussen. Het enige dat nog ontbreekt is een bloedstollende thriller.'

Mark Eyskens mag dan 79 zijn, aan stilzitten denkt hij niet. 'Ik heb het voornemen gemaakt om pas na mijn dood met pensioen te gaan', zegt de CD&V-coryfee. Ondertussen vult hij zijn dagen met schilderen en schrijven. 'Ik breng mijn gedachten en opvattingen graag naar buiten. Dat stoort sommigen, maar voor mij is het een noodzaak. Ik lijd aan scribomanie, schrijfzucht. Dat is mijn afwijking. En volgens psychologen bestaat de enige genezing erin om trots te zijn op je afwijking.'

En zo pende Eyskens ondertussen al een hele boekenkast bijeen. Zijn 50ste heet Land van ergens en wordt door uitgeverij Lannoo aangekondigd als 'een reeks eigenzinnige teksten, met als rode draad de verwondering waarmee Mark Eyskens naar de wereld kijkt'. En de politicus is nog dagelijks verwonderd. 'Over de schoonheid én de lelijkheid van de wereld. Dat klinkt zwaar, maar het boek blijft lichtvoetig. Het is een verzameling van 300 korte stukken. Borrelnootjes dus. Je hoeft het niet in één ruk uit te lezen.'

Schrijven is voor Mark Eyskens geen opgave, integendeel. 'Het is ontspanning. Toen ik minister was, deed ik het op vrije momenten, in het vliegtuig bijvoorbeeld.' Nu doet hij het thuis, maar het tempo ligt daarom niet lager. 'Ik ben nog steeds 25 uur per dag in de weer.' Altijd bezig, maar niet lichamelijk. 'Sporten doe ik amper. Ik heb een hometrainer in mijn bureau, maar daar heb ik de afgelopen tien jaar welgeteld 35 kilometer op gereden.'

Eigen stijl

Zo'n 15.000 bladzijden moet Mark Eyskens intussen bij elkaar geschreven hebben. Van geen enkele daarvan heeft hij spijt, al heeft hij met het ene boek meer dan met het andere. 'Het boek waaraan ik het meest gehecht ben, is De oude prof en de zee. Een filosofische roman over een Nobelprijswinnaar in de fysica die een doctoraatsstudente begeleidt en verliefd wordt op haar. Het onderwerp van dat boek ligt me zeer en op het einde komt alles goed, zoals het hoort.'

Alles wat Eyskens uitbrengt, heeft hij eigenhandig geschreven. Van ghostwriters moet hij niet weten. 'Daar ben ik totaal tegen gekant. Alles wat ik schrijf, is herkenbaar. Ik heb mijn eigen stijl. Papier komt daar trouwens nog amper bij kijken, bij dat schrijven. Ik dicteer aan mijn computer, en die noteert. Spraaktechnologie dus, al is die niet meer van Lernout & Hauspie. Tot vijf keer toe herwerk ik mijn teksten, tot ik het goed vind. Pas dan mail ik de tekst naar mijn uitgever.'

En na vijftig boeken blaakt Eyskens nog van ambitie. 'Ik heb ondertussen zowat alles gedaan. Ik heb gedichten geschreven en romans, universiteitscursussen en memoires. Maar nog nooit schreef ik een echte thriller. Een verhaal bedenken dat de lezer de daver op het lijf jaagt, dat zou ik wel willen. Misschien moet ik dat wel onder een schuilnaam doen en zien wat de reacties zijn. Als je dus binnenkort in de boekenwinkel een straf moordverhaal vindt, in een sfeer van politieke schandalen en financiële catastrofes, en het is geschreven door pakweg Jan Vandenbergh of Pieter Janssens, dan weet je hoe de vork aan de steel zit.'