Renner Willem Van den Eynde (19) werd compleet verwaarloosd door Amerikaans diabetesteam

American Dream wordt nachtmerrie

Acht kilo lichter en met levensgevaarlijke bloedwaarden keerde Willem, een diabetespatiënt, vorige maand terug uit de VS. Daar was hij verwaarloosd en gekleineerd door zijn wielerploeg, Team Type 1. 'Ik durfde geen insuline te spuiten omdat er zo weinig eten was.'

November 2008. Willem Van den Eynde ontvangt ons in zijn ouderlijke huis in Vorselaar. Hij glimt van trots. Af en toe tovert hij een foto of een document tevoorschijn, tussenin ratelt hij honderduit. Over zijn levensverhaal, over hoe het is om diabetes met topsport te combineren. En over Team Type 1, de wielerploeg waarbij hij net een profcontract tekende. Die ploeg is speciaal opgericht voor diabetici en wordt gesponsord door belangrijke medicijnproducenten uit de sector. 'Ik zal er kunnen trainen met de best mogelijke begeleiding. Aan de ene arm een glucosemeter, aan de andere een insulinepomp', klinkt het lyrisch.

Bovendien zal Willem meegaan naar evenementen waar hij - à la Tom Boonen - handtekeningen zal uitdelen aan fans. Tien maanden lang, de hele VS rond. Willem in Wonderland dus. Het draaide enigszins anders uit. De American Dream werd één grote nachtmerrie. Gebrek aan eten, pesterijen, slaaptekort en een levensgevaarlijk tekort aan medicijnen. 'Heel wat mensen geloven me niet als ik dit vertel. Het lijkt dan ook een scenario van een film. Maar in de States is film nu eenmaal vaak de realiteit.'

Steak met een zakje chips

'Eigenlijk begon het al op de luchthaven van Los Angeles, begin januari. Ze hadden beloofd dat ze me daar zouden oppikken, maar er was niemand. Eenmaal in het hotel mocht ik niet gaan slapen, maar moest ik direct mediatraining volgen. Dat ik dan al zesentwintig uur wakker was, maakte niets uit. Eten kreeg ik ook niet, want ik was een half uur te laat gearriveerd. Na een dag van dertig uur en met een hongerige maag kroop ik onder de wol. Tot zover: dag één.'

'De volgende dagen waren even vermoeiend, soms van vijf uur 's ochtends tot middernacht. Ze werden gevuld met heel chique fotoshoots en filmsessies in immense Hollywood-camions. Dat was het belangrijkste, merkte ik al snel. Toen ik op de tweede dag voor het eerst ging trainen, kreeg ik al snel een razende ploegleider aan de telefoon: Direct stoppen. Jij moet aanwezig zijn op de mediatraining , brulde hij. Toen ik terugkwam in het hotel, bleek er niets te doen.'

'Het eten was daar in Santa Barbara ook al een probleem. 's Ochtends kregen we nog een goed ontbijt, en dus probeerde ik daar zoveel mogelijk van naar binnen te spelen. Want 's middags was het niet veel soeps en 's avonds moesten we vaak zelf op zoek. Als we dan iets kregen, was het Amerikaanse kost. Burritos in een vettige saus, een steak met een zakje chips, enzoverder. Niet echt rennerseten. Gevolg: mijn suikerwaarden stonden heel slecht. Het ging zelfs zo ver dat ik soms geen insuline durfde te spuiten. Want als ik dat niet kon compenseren met eten of cola, kon ik een hypo krijgen waar ik niet meer uit geraakte. Ik herinner me een dag waarop we eerst 3,5 uur gingen trainen en daarna een criterium reden van anderhalf uur. Ondertussen was er geen eten voorzien. Of toch, ja: één powerbar. Daarop overleefde ik twaalf uur aan een stuk, niet ideaal voor een diabeet.'

Koers was bijzaak

'Na twee weken Santa Barbara ging het even kort naar San Diego voor een criterium. Daar maakte ik voor het eerst kennis met de grillen van de ploegleiding. Ik sliep samen met twee ploegleiders op een kamer met twee kingsize bedden. Zij palmden de bedden in, ik mocht op de grond. Tja, daar kon ik nog mee leven. Maar op een bepaald moment zette ik mijn koffer op het bed van Phil. Hij ontstak in een ongelofelijke colère, riep me toe dat ik van zijn spullen moest blijven en het nooit meer moest wagen om ook maar iets op zijn bed te zetten.'

'Kijk, de ploegleider was geen uitzonderlijke coureurmaar hij had één groot talent: hij kon verhalen vertellen. Verzonnen of niet, als hij de sponsors maar kon overtuigen. Want dit is waar het allemaal om draait bij Team Type 1: geld. Reclame maken, zoveel mogelijk in beeld komen. De koers, dat was bijzaak. Mij hadden ze eigenlijk om puur commerciële redenen aangetrokken. Een Belg in de States, dat pakte wel. Ze hadden een levensverhaal opgeschreven dat ik overal moest vertellen: Amerika was de grote droom, België was zowat het ontwikkelingsland. Bij ons hadden ze geen deftige medicijnen om diabetes te behandelen, zo stond er in het verhaal. Ze vroegen zich zelfs af of de Belgen wel een tv hadden.'

Ingehouden tranen

'In mijn tweede woonplaats, in Tucson (Arizona), werd het pas echt erg. Daar geraakte ik in de problemen met mijn medicijnen. Die had ik nog altijd niet gekregen van het team, hoewel me dat was beloofd. De rest reed daar rond met een insulinepomp en een glucosemeter, zelfs ouderen die niet aan competitie deden. Ik niet. Volgende week, beloofden ze altijd. Maar als ik volgende week dan een mailtje stuurde, kwam er geen antwoord.'

'Tot Tucson had ik mijn eigen voorraad kunnen gebruiken, maar die geraakte stilaan op. Op een bepaald moment had ik geen teststrips meer, waardoor ik niet wist hoe hoog mijn suiker stond. Dat is gevaarlijk, ja. In België zouden ze dan al beginnen panikeren. Maar het ergste was dat mijn insulinevoorraad stilaan kleiner werd.'

'Met nog drie dagen te gaan, belde ik ten einde raad naar mijn ouders. Zij namen direct contact op met de VUB en met Abbott, de producent van medicijnen. Die voerden druk uit op Amerika en net op tijd kreeg ik een nieuwe voorraad.'

'De ploegleiding had een overvloed aan insuline en teststrips, maar ik mocht er niet aankomen. De ploegleider kleineerde me een hele dag. Ik had soms de tranen in de ogen, maar ik wist dat ik me moest inhouden. Want als ik uitvloog, stond ik op straat en was ik nog veel verder van huis. Veel jongens in het team zagen dat er iets verkeerd ging, maar durfden hun mond niet opendoen uit schrik om hun job kwijt te geraken.'

Alles zelf betalen

'Ik voelde me ontstellend zwak, omdat ik al maanden zonder vitaminen aan het trainen was. Die waren me ook beloofd, maar uiteindelijk moest ik ze zelf betalen, net als mijn vliegtickets, taxi's, sociale zekerheid en zoveel meer. '

'Oké , besliste ik. Ik moet hier weg. Simpel was dat niet, want ik wou die agressieve ploegleiding niet over mijn hoofd krijgen. Dus vroeg ik aan de ploeg of ik mocht meedoen aan het provinciaal kampioenschap tijdrijden in België. Ze wisten dat ik dat al gewonnen had, dus voor hen was het oké. Tot volgende week, zei ik tegen hen op de luchthaven. Terwijl ik eigenlijk wist: Tot nooit meer. Een vreemd gevoel, hoor. Maar op dat vliegtuig was ik enorm opgelucht.'

'Toen ik hier aankwam, woog ik acht kilo minder. Mijn hemoglobinewaarde stond op 9,9, een heel gevaarlijk niveau als je weet dat ik meestal rond de 7 zwerf en een normale waarde 4,5 à 5 is. Ik was gewoon op. Leeg. Daarom ben ik ook drie weken zwaar ziek geweest. Maar nu is alles weer in orde. Ook de goesting in de fiets is terug en ik heb me toch weer aangesloten bij een beloftenploeg. Een kleine, zonder al te veel show of tralala. Ik wil gewoon weer plezier hebben in de koers. Dat is veel belangrijker dan een profcontract.'

Willem Van den Eynde keerde al in maart terug uit de VS, maar vertelt zijn verhaal pas nu omdat hem vanuit het team werd verboden om contact op te nemen met de pers. Ondertussen zijn alle verwikkelingen met Team Type 1 afgehandeld dankzij de Belgische wielerbond, de UCI en zijn advocaten. Willem dient geen klacht in tegen het team, omdat hij alles zo snel mogelijk wil vergeten.

Corrigeer