Vrouw ontwerpt luxevilla maar slaapt elke dag in haar carport

‘Sinds ik buiten slaap, ben ik nooit meer moe'

Print
GROBBENDONK - Gerda Mertens (44) woont in een poepchic huis, inclusief kookstudio, minichocolaterie en design badkamer met lichtgevende kranen. Alleen op haar slaapkamer zal niemand jaloers zijn: de vrouw slaapt buiten in haar carport. Want alleen zo heeft ze geen last meer van het chronisch vermoeidheidssyndroom. ‘Zelfs toen het min 17 was, wilde ik niet naar binnen.'

Elke nacht in een bed kruipen onder de carport, ergens tussen het tuinhuis en het ‘houtkot' in: Gerda Mertens uit Grobbendonk zou het voor geen geld meer willen missen. Zij slaapt elke dag – ook in putje winter – in een slaapzak met donsdeken onder een muskietennet in haar tuin. ‘Dat houdt muggen tegen, maar oorwormen niet. Dat heb ik op een pijnlijke manier al moeten ondervinden', lacht ze.

Nochtans woont de vrouw overdag samen met haar man in een moderne, luxueuze villa die ze vijf jaar geleden gerenoveerd heeft. In Alles in huis, een nieuw VTM-programma waarbij vier Vlamingen elkaars woning keuren, toonde Gerda gisterenavond voor het eerst haar opmerkelijke stulpje.

Tot min vijftien graden

‘Ik heb ook vroeger al wel eens buiten geslapen', vertelt Gerda. In 2004 werd bij haar het chronisch vermoeidheidssyndroom vastgesteld. ‘Spierpijn en vermoeidheid waren dagelijkse kwellingen voor mij. Tot ik twee jaar geleden op een zwoele zomeravond in de tuinzetel in slaap viel. In geen jaren was ik zo fit wakker geworden. Sinds ik buiten slaap, kan ik om zeven uur 's ochtends meteen aan het werk.'

Dat haar man in de gewone slaapkamer ligt, vindt ze niet erg. ‘Mensen zijn niet gemaakt om samen te slapen. Natuurlijk vraagt iedereen hoe we dan wel vrijen. Alsof het altijd 's nachts en in de slaapkamer moet gebeuren. Fantaseer zelf maar, antwoord ik dan.'

De zeldzame keren dat het koppel wel het bed deelt, is bij zwaar stormweer, of bij vijftien graden onder nul. ‘Tegen koudere temperaturen is mijn slaapzak niet bestand. Eén nacht was het min zeventien. Ik schrok wakker omdat ik geen lucht kreeg. Na een paar keer blazen in mijn slaapzak, voelde ik me beter. Naar binnen ben ik niet gegaan, nee. Ik had geen zin om op te staan.'

Rat naast bed

Bij koude temperaturen zoekt Gerda haar bed op in pyjama en bottines. ‘De winterperiode is ideaal voor mijn bioritme. In mei word ik om vijf uur al gewekt door de eerste strepen zon en fluitende vogels. En om zes uur opnieuw: dan steekt de postbode de krant in de brievenbus. Maar dat is elk seizoen zo.'

Toch heeft het buitenbed voor Gerda alleen maar voordelen. ‘Een grote rat op een meter van mijn bed. Dat is het ergste wat ik al heb gemaakt. Ik had ze bijna opgepakt: ik dacht dat het een poes was. Eén nacht is er ook een mot in mijn mond gevlogen. Uren heb ik staan spoelen, maar dat irritante gevoel in mijn keel bleef de hele dag. Toch ben ik niet van plan ooit nog binnen te slapen.'

Van inbrekers heeft ze – met al haar luxeuze spullen – geen schrik. ‘Een inbreker wil binnen zijn. Waar ben ik dan veiliger dan in mijn eigen tuin?' Als er carjackers komen, heeft Gerda minder geluk. ‘Maar ik heb twee goede jachthonden, en die zullen zeker bijten', lacht ze.