'Liever doodvallen dan opgeven'

Marieke Vervoort, triatlon als wapen tegen een sputterend lichaam

In 2000 belandde Marieke 'Wielemie' Vervoort (28) in een rolstoel. Sindsdien gaat haar toestand achteruit. Toch wenkt in haar eerste deelname ooit aan de Ironman de geschiedenis: ze kan de eerste vrouw worden in haar categorie die de wedstrijd beëindigt.

De deur van appartement 708 in de Royal Sea Cliff Resort op Alii Drive in Kona, Hawaï, staat wagenwijd open, en dus stappen fotograaf Thierry Deketelaere en ik na een luid 'hallo' binnen. Het volgende beeld lijkt in scène gezet en is dat ook: Marieke Vervoort zit klaar in haar rolstoel om ons te verwelkomen, een camera filmt, een geluidstechnicus staat paraat. Woestijnvis neemt een programma op, zo blijkt.

Hoe is het met jou?

'Heel stressy, droevig, boos. Dit was mijn grote droom en het begint een nachtmerrie te worden. Ik ben hier van 28 september. Op 1 of 2 oktober zou mijn materiaal aankomen. We zijn dinsdag 9 oktober en het is er nog altijd niet. Ik heb nog niks kunnen trainen, ik heb geen voeling met de weg. Mijn armspieren zijn een heel stuk minder, ik voel me niet goed in mijn vel. Niet leuk. Voor mij is het anders dan voor atleten die komen om te presteren. Voor mij is het een droom die uitkomt. Ik heb een progressieve (langzaam oprukkende) en zeldzame ziekte, reflex sympathische dystrofie. Voor mij is het nu of nooit, want ik weet niet wat ik volgend jaar nog zal kunnen.'

Hoe blijf je kalm?

'Als ik buitenkom en anderen zie trainen dan lopen de tranen over mijn wangen. Deze morgen kreeg ik een telefoon dat mijn materiaal pas op de dag van de wedstrijd zou aankomen. Tegen de reisorganisator, een Engelstalige, heb ik gezegd: Godverdomme, ik moet dat vandaag hebben! Je hebt jezelf niet meer in de hand. Had men me deze morgen laten doen, dan had ik het eerste vliegtuig naar huis genomen. Ik was zo over mijn toeren, zo teleurgesteld. Nu ben ik weer rustig en kan ik weer relativeren. Het allerbelangrijkste is dat na al die dingen die ik heb moeten opgeven, ik de draad nog heb kunnen oppikken en iets heel mooi van mijn leven kan maken. Dat en de vriendschap is het mooiste geschenk.'

Dat je hier bent is natuurlijk al een overwinning op zich.

'Ja, fantastisch. Er zijn niet veel mensen die in Hawaï geraken, zeker in mijn geval. Hawaï is mijn levensdroom. Het was heel moeilijk om me te plaatsen, omdat ik vanalles aan de hand had, in Antwerpen, in de Marc Herremans Classic. Tijdens het zwemmen heb ik een stomp in mijn middenrif gekregen. Telkens als ik bovenkwam om te ademen kreeg ik krampen en deed het ongelooflijk veel pijn. Tijdens het fietsen werkte mijn computertje eerst niet, toen kreeg ik een papier tussen mijn wiel en rem en daarna was ik mijn achterwiel bijna kwijt. Moest ik dus drie keer stoppen. Het was heel spannend, ik moest binnen zes uur binnen zijn. Ik dacht het niet meer te halen maar tien minuten voor mijn limiet kwam ik dan toch binnen.'

Welk gevoel gaf je dat?

'Ik ben er mentaal veel sterker uitgekomen: ik weet dat ik tot heel veel in staat ben. Zelfs al doe ik hier maar twee slagen, dan komt mijn droom uit. Doe ik de Ironman uit, dan zou ik de eerste vrouw in een rolstoel ooit worden die dat lukt. Maar ik weet totaal niet wat te verwachten. Ik heb nog nooit een hele triatlon gedaan (4 kilometer zwemmen, 180 kilometer fietsen en 42 lopen). Zoveel mogelijk proberen te genieten is de bedoeling: je ziet tijdens het zwemmen de koralen onder jou, de visjes. Afzien hoort er ook bij, ik weet dat ik heel veel zal sterven onderweg. Maar ik weet ook dat ik sterk ben, en mijn motto is liever doodgaan dan opgeven. Ik weet dat het serieus werken zal worden want we zijn met de auto naar Hawi (het keerpunt bij het fietsen, red.) gereden en daar moest ik mijn rolstoel vasthouden of ik lag achterover met de wind.'

Je weet niet wat volgend jaar zal bieden, zeg je. Is je ziekte levensbedreigend?

'Nee, dat niet. Maar het gaat heel langzaam achteruit. Het is begonnen met pijn in mijn tienerjaren, en de verlamming gaat altijd maar hoger in mijn lichaam. Nu is het tot iets onder mijn borstbeen. Kan ik mijn handen volgend jaar nog goed gebruiken? Zal ik nog hoger verlamd zijn? Allemaal vraagtekens.'

Je beslist niet over je lot, maar wel of je het aanvaardt. Jij aanvaardt het.

'Volledig aanvaarden ga ik het nooit. Telkens als ik een beetje achteruitga, is het een hele brok die je moet verwerken. Het is ook niet aanvaarden, maar een plaatsje geven. Tot nu lukt het me goed, maar het is moeilijk. Ik dacht dat mijn wereld instortte, dat ik niks meer zou kunnen. Tijdens mijn revalidatie van vier maanden in Pellenberg ben ik in contact gekomen met rolstoelsporten. Je kon er vanalles uitproberen en er ging een nieuwe wereld open. Dan bekijk je het anders: ik kan dat nog, en dat! Je merkt dat in een hoekje klagen en zagen niks opbrengt, integendeel. Zo heb ik een heel nieuw leven kunnen opbouwen.'

Wat heb je gestudeerd?

'Ik ben van opleiding kinderverzorgster (ze wilde regentaat lichamelijke opvoeding studeren, maar dat ging niet door de ziekte, red.) maar triatlon is het allerliefste wat ik doe. Al verdien ik er geen frank mee. Het is een voltijdse baan, ik train 27 uur per week. Dat is vrij veel, maar het is ook wel genieten. Van de natuur, van het gevecht met de wind. Ik hou ook van de afwisseling met de drie sporten. Het heeft ook positieve dingen, in een rolstoel belanden, want anders had ik nooit aan triatlon gedaan, en nooit op dit niveau.'

Heb je eigenlijk problemen in het dagelijkse leven? Autorijden is onmogelijk.

'Ik heb toch wel wat hulp nodig, bijvoorbeeld met knopen dicht te doen. Met die handen die soms niet meewillen is het soms namelijk moeilijk. Het is het laatste halfjaar achteruitgegaan, daarvoor deed ik alles zelf. Blijven proberen en als ik mijn geduld verlies, dan pas vraag ik het. Zoals iets uit de kast nemen. Ik ben altijd een zelfstandige mie geweest hé. Douchen en naar het toilet gaan kan ik, maar er zal een moment komen dat ik dat ook zal moeten afgeven. Ik merk het nu al, hoe anders het is vergeleken met een jaar geleden. Niet gemakkelijk, maar ik prent me in van de kleine dingen te genieten. Mijn geluk is dat ik zo positief ben ingesteld en me er telkens weer uitwurm en de draad weer oppak. Ik heb geen behoefte aan materialisme. Geef me een dikke knuffel, warmte, liefde en ik ben de gelukkigste mens ter wereld.'

Tijdens de nababbel gebeurt het: vrienden brengen het wedstrijdmateriaal binnen dat net is bezorgd. Marieke Vervoort is weer even verzoend met het leven. Zaterdagavond rond 19 uur begint ze in de Atlantische Oceaan aan haar ultieme droom.

www.wielemie.be