Schrijnend bewijs van non-topsportbeleid

Luca Brecel heeft het niet geflikt: de allereerste WK-wedstrijd uit zijn carrière ook winnen. Een schande is dat niet. De vier 17-jarigen die hem voorgingen in het Crucible-theater van Sheffield -Stephen Hendry (1986), Ronnie O'Sullivan (1993), Judd Trump (2007) en Liu Chang (2008)- sneuvelden eveneens in de eerste ronde. Maar de eerste twee werden nadien respectievelijk zeven- en drievoudig wereldkampioen, terwijl de derde vorig jaar de finale bereikte en dit jaar de favoriet van de bookmakers is. Zeggen dat de Belgian Bullet op schema zit om door te dringen tot de wereldtop van het snooker, is niet minder dan een understatement.

Van Ronnie O'Sullivan over Steve Davis tot tegenstander Stephen Maguire -iedereen met iet of wat faam in de wereld van de strikjes hemelde Luca Brecel op tot hoogten waarmee je alleen met een zuurstofmasker mag komen. Dat deden ze niet om een sympathieke knul een pleziertje te doen, ze deden het uit oprechte bewondering voor een speler die ze vooral niet te veel willen loten in de toekomst.

De organisatie 'World Snooker' is zo blij met de ontbolstering van Brecel dat ze de Belg gisteren een wildcard gaven voor de 'Main Tour' van het snooker. Met die uitnodiging op zak heeft Brecel toegang tot alle grote tornooien. Als hij kan doordringen tot de top64 van de wereld kan hij een vaste plaats op de tour verwerven. En is de machine pas echt vertrokken.

In zijn thuisland België zitten we voorlopig nog als koeien naar een trein naar het succes van Brecel te kijken. Het lijkt wel alsof Luca eerst de wereld moest overtuigen om pas dan in eigen land believers te kunnen vinden. Als niet twee privé-sponsors in de bres waren gesprongen om de reiskosten te vergoeden en een professionele tafel te kopen, zou hij misschien nooit aan de top zijn geraakt. De Vlaamse topsportwerking mag na de stunt in de Crucible voor de spiegel staan.

Het geval-Brecel is een schrijnend bewijs van het non-topsportbeleid onder minister Muyters. Het kabinet voerde vorige week aan dat Brecel te jong was voor een Bloso-contract en geen steun kon krijgen van Topsport Vlaanderen omdat snooker niet op de lijst van topsporten staat. Wel op de lijst: speleologie, ballroomdancing, oriëntatieloop, parachutisme en reddend zwemmen.

Als Brecel een ballroomdancer was geweest, hij had wel steun gekregen? Yeah right. De lijst met topsporten, decretaal vastgelegd, is een politieke keuze. Brecel werd twee jaar geleden al verkozen tot grootste Belgische sportbelofte maar niemand had de moed hem ook een steun in de rug te geven. Muyters' voorganger(s) niet, Muyters zelf niet.

Sportredacteur