Tyler Farrar wil de derde rit Giro opdragen aan Wouter Weylandt

‘Het wordt een lastige dag, maar ik hoop dat het een mooie wordt', zegt Tyler Farrar over de derde etappe in deze Giro. Die staat volledig in het teken van nummer 108. Voor Farrar was Weylandt echter geen nummer uit het peloton, maar een boezemvriend. ‘Ik mis hem vooral naast de fiets.'

Wil je de Giro rijden? Dat vroeg het team me deze herfst, op het eind van het seizoen. Ik weet het niet..., antwoordde ik twijfelend. Ik had me eigenlijk voorgenomen om eerst een paar jaar weg te blijven uit die koers. Om de slechte herinneringen te ontwijken. Maar hoe vaker ik erover nadacht, hoe meer ik besefte dat wachten niet de oplossing is. Elk jaar dat ik het uitstel, wordt het moeilijker. Dus dacht ik: I grip my teeth. Ik ga de confrontatie aan, en zie wel wat ervan komt.'

Een jaar geleden stapte Tyler Farrar als een gebroken man uit de Giro. De dag na de fatale crash, nadat hij eerst nog de neutrale rit voor Weylandt had afgehaspeld. Aan de streep in Livorno, waar hij samen met de Leopard-ploeg voor het peloton over de streep reed, kreeg een huilende Farrar met moeite nog zijn arm op de schouder naast hem. Daarna vluchtte hij weg van de nachtmerrie, naar huis.

Simpele koffie

De Tyler Farrar die nu weer in de Giro rondrijdt, is een ander mens. ‘Het is moeilijk om dat uit te leggen, maar ik merk het aan alles. Met Gent bijvoorbeeld, waar ik woon, heb ik niet meer dezelfde band. Wouter was mijn maatje daar, ik heb er zoveel herinneringen. Daar mis ik hem het meest. Bij een eenvoudige koffie op een terras, of op die dagen na de klassiekers, als je even niets te doen hebt. In het peloton was Wouter gewoon een collega, maar in mijn leven was het een maat die wegviel. Ik heb mijn tijd nodig om het te plaatsen. Het gaat met ups en downs, maar het gaat nooit volledig weg.'

Een jongen die opgroeide in het koude en stille Noorden van de States verwerkt zoiets liever alleen. Zoals hij ook het zware fietsongeval verwerkte van zijn vader, die na een aanrijding in 2008 voor altijd in een rolstoel zit. Toen ging Farrar vaak op lange, eenzame trainingstochten rond Wenatchee, om de gedachten te verzetten. ‘Nu doe ik dat ook weer. De laatste jaren waren die eenzame tochten zeldzaam geworden. Dan was ik vaak met Wouter onderweg, samen met de hele bende die langs de Scheldedijk trainde. Sommige van hen doen het nog altijd, ik heb er nog weinig behoefte aan. Iedereen verwerkt dat op zijn eigen manier.'

W-teken

Dat doet Farrar ook nu, in deze Giro. ‘De organisatie heeft me niets speciaals gevraagd voor de herdenking. Best zo. Ik vind het wel goed dat die herdenking er is, maar ik beleef die liever in de schaduw. Op mezelf. Als er twintig camera's voor je neus staan, is het moeilijk om je emoties echt te beleven.'

Als spurter heeft hij trouwens zo zijn eigen manier in gedachten om Weylandt te eren. Net zoals vorig jaar, in de derde etappe van de Tour, toen hij met zijn vingers een W vormde terwijl hij als eerste de streep overschreed. In deze Giro staat die derde etappe ook met rood aangekruist. De etappe waarin Wouter Weylandt vorig jaar het leven liet, maar ook diegene die hij twee jaar geleden won in Middelburg. ‘Ik probeer vooral aan dat laatste te denken. Het wordt een speciale dag, zeker ook een lastige. Maar ik hoop dat ik uit de goede herinneringen motivatie haal voor deze etappe. Dat ik de kracht vind om te winnen. Dat zou enorm veel betekenen.'