De sfeer was alvast goed bij de Belgische delegatie van de Katusha-ploeg: Leif Hoste, Stijn Vandenbergh en Maxime Vantomme.
Na een verwarloosbare inleiding van 70 km komt met de Haaghoek en drie lopslopende hellingen het eerste serieuze werk.
‘Die hellingen op zich zijn niet zo’n groot probleem, maar tussenin valt het zelden stil: vals plat, smalle baantjes, korte hellingen die niet op de kaart staan', weet ploegleider Jef Braeckevelt. 'Ze zullen hier snel hun benen voelen, dat zie ik nu al. Dit wordt een slijtageslag.’
De beslissende strook wordt echter pas in Ronse verwacht, met nog goed 70 kilometer te gaan, bij de beklimming van de Kruisberg. ‘Niet te onderschatten, vooral door die moeilijke kasseien. Hier breekt de koers volledig los’, voorspelt Braeckevelt.
Daarna komen de Taaienberg - de Boonenberg, daar waar Tommeke traditiegetrouw aanvalt- en de Eikenberg. Daarna stopt het niet meer: de bonkige kasseien van de Holleweg, de Wolvenberg... Maar de échte finale barst pas los bij de derde passage van de Haaghoek. Dan gaan ze op het einde niet rechts, maar links richting Leberg. En heel snel nadien volgt de laatste helling: de Molenberg.
‘Cruciaal’, waarschuwt Braeckevelt. ‘Lang is hij niet, maar zó smal. Je staat ook bijna stil bij het opdraaien. Je moet vooraf dus al een paar kilometer geven om vooraan te zitten, dàt is de moeilijkheid. En na die Molenberg kom je in de open vlakte, waar de wind volop blaast.’
Vantomme, Vandenbergh, ploegleider Bart Leysen en Hoste zijn het erover eens: deze Omloop is een pak lastiger dan vroeger. En dan hebben ze de definitieve finale over de kasseien van de Paddestraat, de Lippenhovestraat en de Lange Munte nog niet gehad...
Lees het volledige sfeerverslag van de eerste verkenning in Het Nieuwsblad van 23 februari










