Jurgen Van den Broeck blijft indruk maken op vriend en tegenstander. Gisteren bijvoorbeeld counterde hij bergop vlotjes Bradley Wiggins op de Col de Richemond. ‘Dat was geen psychologisch spelletje, maar hét moment om mee te gaan.'
De Tour-kopman van Lotto-Belisol liet Cadel Evans betijen toen hij zich in de afzink van de Le Grand Colombier in een avontuur stortte. Maar toen het serieus werd, moeide hij zich met de zaken. ‘Ik ben mijn val van vorig jaar in de Tour niet vergeten. In één flits was alles voorbij. Zo'n aanval in de afdaling haalt niets uit. Dat heb ik al geleerd. Denk je dat Lance Armstrong destijds zou gereageerd hebben op wat Evans vandaag deed? Neen. Voor hetzelfde geld misten ze alledrie van BMC hun bocht. En dan? Bradley Wiggins loste het heel verstandig op. Beneden maakten ze met vijf man tempo en daarna stelde de Brit orde op zaken.'
‘Persoonlijk ben ik heel tevreden. Ik had geen last met de counter van Wiggins. Le Grand Colombier was ook minder zwaar dan toen ik hem alleen op training opreed. We fietsten die col aan een redelijk tempo op. Ik kijk uit naar de Joux-Plane van zaterdag die ik nog nooit in mijn leven opreed. Ik denk dat er gekoerst wordt alsof de aankomst op de finish ligt. Zaterdagavond ligt de eindrangschikking zo goed als vast. Ze mogen zaterdag koersen. Het komt me goed uit want ik moet nog eens goed in het rood duiken. De conditie is redelijk, maar als het rap gaat, zit ik soms nog te wringen op de fiets. Ik heb nog enkele koersdagen voor de Tour nodig.'
Van den Broeck wou niet ingaan op de vraag of hij Vanendert niet naast hem had verwacht bergop. ‘Iedereen doet het op zijn manier', aldus Van den Broeck die nu al achtste staat in de rangschikking.










