Standard het grootste vraagteken

Voordien hing er altijd 'een casinogeurtje' rond het Standard van Luciano D'Onofrio. Zo omschreef een clubleider het ooit. D'Onofrio is een jaar weg maar de Rouches van Roland Duchatelet spelen nog steeds roulette op de transfermarkt. Met de eigengereide Nederlander Ron Jans als trainer in het Luikse speelt Standard het al niet op veilig. In zijn aankoopbeleid evenmin. De lijn van vorig seizoen wordt doorgetrokken, al was dat geen onverdeeld succes. Nacho Gonzalez toonde zich bij vlagen een even grote smaakmaker als zijn voornaam doet vermoeden, maar bewees met zijn broze gestel ook dat een topper zonder mankementen niet meer naar België afzakt. Seijas of Monaco-huurling Gakpé? Aardig, zonder meer. De Israër Buzaglo lag nagenoeg een heel jaar in de lappenmand en Bjarnason zakte door de mand. De beste post-D'Onofrio-transfers waren William Vainqueur, ook meteen de duurste, en Yoni Buyens, misschien niet toevallig een Belg.

Toch verkiest technisch directeur Jean-François de Sart ook vandaag de meeste miljoenen te spenderen aan spelers die niet vertrouwd zijn met onze competitie. De gewezen nationale beloftecoach stelt vandaag Astrit Ajdarevic voor, Zweeds belofte-international, nadat eerder Frédéric Bulot (Frans belofte-international), Danny Verbeek (22-jarige belofte uit Nederlandse tweede klasse) en Dudu Biton (oud-belofte-international Israël) de revue passeerden. En Marvin Ogunjimi natuurlijk, iemand die op zijn 24ste al moet vechten tegen het predikaat 'eeuwige belofte'. Luik kan het land van duizend beloftes zijn maar voor hetzelfde geld worden ze nooit ingelost. Standard verloor al speerpunten Tchite en Cyriac en de overschatte Felipe en zit duidelijk nog in de fase van reconstructie. Met zijn jonge kern - die twee dertigers telt en gemiddeld jonger is dan 23 - is het gepluimde Standard een kleine vier weken voor de competitiestart het grootste vraagteken onder de topclubs.

Of Standard de moedigste of de domste van de klas is, zal blijken. Feit is dat Anderlecht (Cyriac), Club Brugge (Tchite, Jorgensen) en Genk (Gorius, Monrose) niet meteen hun grootste vertrouwen in doorgedreven internationale scouting betuigen en, net als AA Gent (Messoudi, Corstjens), liever winkelen in België. Maar is een langdurig geblesseerde Cyriac of de immer onvoorspelbare Tchite wel een garantie op succes? Die zijn er niet. En de markt is nog bijna twee maanden open. Rien ne va plus bestaat niet in het voetbal.