On-Belgisch (bis)

De benjamin van de judoploeg een bronzen medaille, een judo-oudje van 35 jaar op een zucht van een medaille, en een Belgische zwemploeg bij de beste acht van de wereld. Zoek de rode draad in het verhaal. Tip: het heeft te maken met zelfverzekerd zijn als mentale instelling.

We vergeven het de Belgische supporter die zaterdagavond vroeg wanneer Charline Van Slick (sic!) aankwam in het Belgium House. Alle sportminnende Belgen weten inmiddels dat Charline Van Snick het typevoorbeeld is van een on-Belgisch denkpatroon. Concreet: niet supervoorzichtig de ambities uitspreken, wel zeggen dat je gaat voor een medaille en het dan ook doen. Rücksichtslos aan haar laars lappend dat ze op haar bek kon gaan en dat ‘de mensen' misschien zouden kunnen zeggen dat ze een grote mond heeft.

Idem dito voor judoka Ilse Heylen. Bergen kritiek kreeg ze de afgelopen jaren van flink wat bobo's en andere judokenners. Dat ze misschien bezig was aan haar jaar te veel, dat ze misschien beter zou stoppen na een zoveelste revalidatie, en dat ze toch niets meer waard was toen ze op het EK dit jaar na een handvol seconden in de eerste ronde werd gevloerd. Heylen stippelde, wars van alle kritiek, haar weg uit, bepaalde zelf waar ze op stage ging in plaats van zich te laten commanderen. Ze geeft elke criticaster lik op stuk en bewijst dat ze op 35 jaar en na drie Olympische Spelen er nog altijd staat. Tegen de stroom in handelen, on-Belgisch.

Een ander staaltje van Belgische zelfverzekerdheid voltrok zich gisteren in het Aquatic Centre, dé olympische sport van de eerste week. De jonge beren van het Belgische vrijeslagzwemmen spraken vooraf openlijk de ambitie uit om in een olympische finale, de beste acht van de wereld, te staan. Hoewel zwemland België dat nog nooit voor elkaar had gekregen, zelfs niet in de tijd van witte raven als Fred Deburghgraeve, Stefaan Maene, Brigitte Becue, Sidney Appelboom, Ingrid Lempereur, Isabelle Arnould, Pascale en Carine Verbauwen. En dan? Et alors? Belgium stond gisteren te blinken tussen de absolute toplanden.

Tot slot: in een discipline waarin de Belgen het meest Belgisch van allemaal zijn, eendagskoersen, liep het wel mis. Boonen ging vol voor goud, zei hij vooraf, het draaide anders uit. En dan? Springt hij mee en pakt hij een medaille, zegt iedereen dat de tactiek fantastisch was. Nu kon hij niet tonen wat hij waard was. On-Belgisch denken vooraf, on-Boonens resultaat. Kan gebeuren. Maar de juiste mentale instelling is al een halve medaille waard.