Storm en plensbuiten teisteren de tweede helft van het wereldkampioenschap. Onze landgenoot François Neuville trekt het zich niet aan en gaat voor de zoveelste keer in de aanval, samen met de Zwitser Egli. Ploegleider/journalist/manager Karel Van Wijnendaele heeft geen vertouwen in de winstkansen van de Waal en gebiedt hem zijn benen stil te houden en te wachten op Marcel Kint. Een bedenkelijke ingreep, want het WK is volgens het reglement een individuele koers. Voordien werd de Italiaan Vicini nog uitgesloten omdat hij zijn landgenoot Gino Bartali had opgewacht. Hoe dan ook, de twee krijgen het gezelschap van Kint, Amberg en Van Nek. Neuville stuift er weer vandoor, als springplank voor Kint en wordt dan bedankt met een valpartij en een gebroken trapper. Kint wordt ingelopen en in de slotronde beurtelings bestookt door de twee Zwitsers. Hij houdt echter stand en verovert de regenboogtrui.
De Zwarte Adelaar uit Zwevegem zal het shirt acht jaar mogen houden, vermits de tweede wereldoorlog verhindert dat er vóór 1946 nog eens gekoerst wordt voor de titel. Eigenlijk had Kint nóg een jaar langer wereldkampioen moeten zijn, maar in Zürich werd hij tijdens de slotronde door toeschouwers bij het zadel gegrepen terwijl zijn Zwitserse gezel Hans Knecht daarvan profiteerde om weg te snellen.
Parcours
273 km (27 ronden van 10,1 km)
Hellingen: Geulhem, Cauberg
Deelnemers
36, verdeeld over 12 landen. maximum 4 renners per land
Uitslag
1. Marcel KINT (Bel) 7u53'25'' (gem. 34,599 km/u); 2. Paul Egli (Zwi); 3. Leo Amberg (Zwi); 4. Piet van Nek (Ned) op 11''; 5. Ward Vissers (Bel) 1'18''; 6. François Neuville (Bel) 2'45''; 7. Hans Martin (Zwi) 12'53''; 8. Arsène Mersch (Lux)











