Reus op lemen voeten maar wel een reus

Anderlecht-voorzitter Roger Vanden Stock heeft gelijk. Een beter moment om naar San Siro te gaan, is moeilijk denkbaar. Seedorf, Inzaghi, Ibrahimovic, Nesta, Zambrotta, Gattuso, Thiago Silva: wat er in enkele maanden aan wereldklasse uit Milaan verdween, is ongezien en ondraaglijk voor elk team. De wisseling van de wacht verloopt te bruusk en toptransfers bleven uit. Bovendien ontbreken Pato, Robinho en Montolivo vanavond nog –in de return wellicht niet meer– en is het met de loep zoeken naar een regisseur die dit krasselend Milan op sleeptouw kan nemen. En helemaal gezellig is dat de stoel van trainer Massimo Allegri wankelt en voorzitter Silvio Berlusconi niet kan wachten om hem het laatste duwtje te geven.

Dat alles maakt dat dit Milan als een reus op lemen voeten in de arena treedt. Maar het blijft een reus. Paars-wit mag lekker wegdromen, is zelfs verplicht om een stunt in te calculeren maar mag de zin voor realiteit niet verliezen. Dit is AC Milan, een team dat gebouwd is rond Italiaanse internationals, ervaren en geslepen spelers die zich van de nodige commedia dell'arte bedienen als het even tegenzit. En rond spelers als Bojan of Boateng die aan één flits genoeg hebben.

Milan is misschien Milan niet meer maar geldt dat ook niet voor Anderlecht? Is Anderlecht al het echte Anderlecht? Milan speelde een heel elftal kwijt en behield zijn trainer. Anderlecht koos voor de andere weg. Een elftal waar sleet op zat, werd behouden. De frisse wind moest komen van een nieuwe oefenmeester. Op kruissnelheid is de landskampioen echter nog niet. Achterin blijven de slordigheden elkaar opvolgen, voorin wordt er nog te kwistig met doelkansen omgesprongen. In de competitie dan.

Dit is de Champions League. Aan een gebrek aan motivatie of een scheutje overmoed zou het dit keer niet mogen liggen. Het is ook niet gepermitteerd. Om iets te rapen in San Siro is een ijzeren discipline nodig en moet het meezitten. Trainer John van den Brom beweerde gisteren dat dit Anderlecht niet in staat is tot betonvoetbal. Nochtans was dat wel het goede voorbeeld dat Atalanta zaterdag gaf: zet negen man achter de bal, dek de Milanezen kort en breng hen aan het twijfelen. En bid dan tot God.

Of vanavond: tot Dieu. Want als Mbokani op de afspraak is, buigen ook devote Italianen misschien het hoofd. We bidden ervoor.