We zijn maart en het einde van de competities op alle niveaus komt in zicht. Dat geeft sportieve spanning maar ook financiële stress. De sponsorgelden van in het begin van het seizoen die opgedroogd geraken, mislukte sportieve ambities zorgen voor afhaken van spelers, enz... Allemaal problemen die bovenop de al langer heersende moeilijkheden komen: er zijn steeds minder vrijwilligers, de bestuursleden worden oud en niet vervangen,...
De kleine clubs, die de basis van ons voetbal vormen, krijgen het steeds moeilijker. Ook dit seizoen wordt de lijst van de clubs die verdwijnen of tot een fusie verplicht worden weer langer. Dat zijn geen vermoedens, ze worden ondersteund door de realiteit.
De neergang die in 2007 werd ingezet, gaat steeds sneller. In 2006-07 waren nog 1.045 clubs in de Vlaamse provinciale reeksen actief, na dit seizoen zijn dit er nog maximaal 987. Dat is een achteruitgang van 58 clubs, meer dan vijf procent, in zes jaar. Het meest verontrustende is dat vooral de jongste twee jaar veel clubs verdwijnen of fuseren, 30 in totaal.
Hoe deze negatieve spiraal te stoppen?
Bent u zelf lid van een voetbalclub en hebt u creatieve oplossingen voor de problemen die de clubs teisteren? Laat het ons hier weten.
Wat zijn de grootste problemen?
We vroegen elke club hun top-3 van de grootste problemen te geven.

PROBLEEM 1: Te weinig vrijwilligers
De ergste bedreiging, aangegeven door 60 procent van de clubs, vormt het gebrek aan vrijwilligers. Hierbij worden de gratis werkende sympathisanten bedoeld. Nadat ‘vrijwilligers’ intussen ook kunnen worden betaald –door de overheid ingevoerd om het aantal ‘vrijwilligers’ te verhogen– is het probleem alleen maar groter geworden. De kost voor ‘vrijwilligers’ is daardoor flink gestegen.PROBLEEM 2: Te weinig steun van de overheid

PROBLEEM 3: Te weinig geld
Bij 41 procent van de clubs stegen de onkosten voor de spelers de afgelopen twee jaar, bij 52 procent stegen de kosten voor de jeugdtrainers terwijl bij 58 procent de recettes uit toegangskaarten daalden en bij liefst 83 procent de sponsorinkomsten daalden. Als die sponsors al betaalden. Liefst 65 procent van de clubs, dat is twee op drie clubs, wordt geconfronteerd met te late of helemaal niet betalende sponsors. Resultaat: liefst 44 procent verhoogde het lidgeld (gemiddeld 150 euro) voor zijn spelers. Direct gevolg daarvan is dat er minder spelers aansluiten en er dus minder ploegen zijn. 

Wat zijn de vooruitzichten voor de komende 2-3 seizoenen?


PROBLEEM 4: Te weinig bestuursleden

PROBLEEM 5: Te slechte infrastructuur
Gemiddeld drie velden en zes kleedkamers
Een club telt gemiddeld 6 kleedkamers. Driekwart van de clubs (76%) heeft tussen de 4 en de 8 kleedkamers. Eén op de elf (9%) moet het met minder doen. Eén op de zeven clubs (14%) heeft de luxe om over meer kleedkamers te beschikken.
PROBLEEM 6: Te weinig jeugd
Opvallend is dat zelfs op de allerlaagste niveaus veel te weinig met eigen jeugdspelers in de A-ploeg wordt gewerkt. Liefst 74 procent van de clubs heeft meer dan de helft aangetrokken spelers in de basis van de A-ploeg staan.
PROBLEEM 7: Te veel bemoeienissen van de ouders












