‘Ik sta te popelen om mijn gedacht te zeggen’

Johan Bruyneel praat voor het eerst na de bekentenis van Armstrong

Armstrong en Bruyneel

Armstrong en Bruyneel

Helemaal verdwijnen na de bekentenissen van wielrenner Lance Armstrong kan de voormalige ploegleider van Radioshack niet. Maar met een sabbatjaar in Londen doet hij daar toch een aardige poging toe. ‘Na lang zwijgen sta ik te popelen om mijn gedacht te zeggen maar mijn advocaten hebben me opgedragen te zwijgen‘, zegt Bruyneel aan Humo.

Volgens intimi is Bruyneel helemaal geen slecht man, integendeel. Het vaderschap maakte hem zacht. ‘Sterker nog, Johan is een gevoelige ziel’, zegt een vriend. Die uitspraken staan in schril contrast met wat je de voorbij maanden kon lezen. ‘Er zijn weinig mensen die mij echt kennen’, zegt Bruyneel. ‘Ik kom dan misschien wel over als een koele kikker als ik professionele beslissingen moet nemen maar dat is maar goed ook. Ik hou werk en privé graag gescheiden.’

The Sopranos

Niet alleen de media maar ook bepaalde wielrenners hebben geen goed woord over voor Bruyneel. Tyler Hamilton, ex-ploegmaat van Armstrong, neemt in zijn boek ‘The Secret Race’, geen blad voor de mond. ‘Telkens als ik die sympathieke gangsters uit ‘The Sopranos’ zie, dan moet ik aan Johan denken’, schrijft Hamilton. ‘Hij kan het meest buitensporige doodnormaal doen lijken.’

De zwaarste beschuldiging vinden we in het rapport van de Amerikaanse anti-dopingcommissie (USADA): ‘Johan Bruyneel maakte van jonge renners geroutineerde druggebruikers en dwong hen om doping te gebruiken.’

Johan Bruyneel is verbijsterd. ‘Deze aanklachten vallen me zwaar, heel zwaar. Als mijn moeder in tranen belt omdat ze iets slechts over mij gelezen heeft, breekt dat mijn hart. Vooral omdat het pertinente leugens zijn. Ik kan iedereen recht in de ogen kijken. Ik heb nooit iemands gezondheid in gevaar gebracht.’ Het stoort Bruyneel dat hij deze beweringen niet mag weerleggen van zijn advocaten. ‘De lopende procedures maken dat onmogelijk. Maar ik kan één ding zeggen: Ik ben geen duivel of wat dan ook. Het publiek denkt misschien van wel maar op termijn zal iedereen een beter inzicht krijgen in de situatie en zal dat beeld omslaan.’

Landis

Desondanks staat de man er niet alleen voor. Veel ex-renners springen in de bres voor Bruyneel. ‘Als renner heb je altijd de keuze om erin mee te gaan. Niemand kan je dwingen’, klinkt het eensluidend. Ook Jonathan Vaughters, ex-ploegmaat van Armstrong, deelt die mening. ‘Bruyneel heeft me nooit gedwongen doping te nemen’, laat Vaughters via e-mail weten.

Op de vraag of Bruyneel spijt heeft, kan hij helaas niet antwoorden. ‘Ik kan door de lopende procedures niet op de details ingaan. Volgens het USADA-rapport ben ik het brein achter het meest gesofisticeerde dopingsysteem in de geschiedenis maar dat was niet zo. Daar ben ik van overtuigd.’

Het hele verhaal had nooit het daglicht gezien als Floy Landis de bal niet aan het rollen had gebracht. Landis, de wielrenner die zijn tourzege verloor nadat hij betrapt werd op doping, raakte aan lagerwal. Bruyneel wilde hem als ploegleider geen tweede kans geven én op de koop toe maakte Armstrong net dan zijn comeback. ‘Als Armstrong niet was teruggekomen en als ik Landis opnieuw in de ploeg had opgenomen, dan was dit alles nooit gebeurd. Daar ben ik tweehonderd procent van overtuigd. Zonder die twee feiten zouden we helemaal anders praten.’