OVERZICHT. Wie werd waar wielerkampioen?

Peter Sagan

Peter Sagan

In eigen land werd Tom Boonen nationaal kampioen wielrennen. Maar hoe zat het in het buitenland? Een overzicht.

ITALIË: Anderhalve maand geleden zat Franco Pellizotti (34) nog een dopingschorsing uit. Zaterdag stevende hij op zijn eentje naar de Italiaanse titel. Danilo Di Luca (36) finishte als tweede vóór de jonge Moreno Moser (21). Twee jaar geleden werd Pellizotti de start van de Giro ontzegd omwille van afwijkende bloedwaarden. Hij werd eerst vrijgesproken maar op 8 maart 2011 alsnog geschorst. Pas op 10 mei mocht hij opnieuw koersen.

NEDERLAND:  Niki Terpstra (OmegaPharma-Lotto) werd na een solo van meer dan vijftig kilometer in Kerkrade voor de tweede keer Nederlands kampioen. Hij won in bijzonder slecht weer met ruime voorsprong vóór Lars Boom en Lindeman. Slechts twaalf renners haalden de finish.

FRANKRIJK: Halle-Ingooigem bleek vorige woensdag dan toch dé generale repetitie voor het nationaal kampioenschap... van Frankrijk. In Saint-Amand-les-Eaux draaide het na een paar vergeefse pogingen van Sylvain Chavanel uit op een sprint. Die werd gewonnen door Nacer Bouhanni, vóór diens FDJ-ploegmaat Arnaud Demare.

DUITSLAND: Fabian Wegmann veroverde in de buurt van Leipzig zijn derde Duitse wegtitel. Hij was de snelste van een trio koplopers, voor Linus Gerdemann en Julian Kern.

SPANJE: In Spanje bood zich een groep van goed twintig renners aan in de laatste rechte lijn. Francisco Ventoso (Movistar) toonde zich de snelste, voor Koldo Fernandez en Francisco Jose Pacheco.

ZWITSERLAND: Meteen na de finish in Cham was niet duidelijk wie Cancellara zou opvolgen als kampioen. Cancellara was derde, maar Albasini wilde de finishfoto zien. Daaruit bleek dat hij Martin Kohler (BMC) precies twee duizendsten van een seconden vroeger over de streep was gevlogen.

Slovakije: Peter Sagan
Denemarken: Sebastian Lander
Kazachstan: Assan Bazayev
Letland: Aleksejs Saramotins
Kroatië: Vladimir Miholjevic
Luxemburg: Laurent Didier
Noorwegen: Edvald Boasson Hagen
Oekraïne: Andrey Grivko
Rusland: Eduard Vorganov
Tsjechië: Milan Kadlec
Groot-Brittannië: Ian Stannard