Zdenek Stybar begint vandaag aan zijn leven als wegrenner in Vierdaagse van Duinkerke

Stybar: 'Dit voelt als een eerste schooldag'

Zdenek Stybar

Zdenek Stybar

Zdenek Stybar maakt vandaag, in de Vierdaagse van Duinkerke, zijn debuut in het profpeloton. Meteen ook zijn eerste koers voor zijn nieuwe team. 'Drinken uit een Quick Step-bidon, het is zalig.' Bert Heyvaert

Hij ziet er scherp uit, Zdenek Stybar. Geen grammetje vet aan de kaken, de jukbeenderen duidelijk afgelijnd. Alsof hij vandaag moet starten in het WK. 'Mijn vetpercentage staat zowat op het minimum', zegt hij trots. 'Hoeveel dat dan is? (grijnst)Top secret. Maar ik heb in elk geval stevig getraind. Een stage van drie weken op Mallorca, met trainingen van meer dan zes uur. En maandagavond zat ik hier in België nog om half elf 's avonds in de fitness. Allemaal voor het grote moment.'

Voelt dit aan als een eerste schooldag?

'Ja, eigenlijk wel. Ik ga nieuwe maatjes zien, er komen nieuwe leerkrachten... Alles zal zijn waarvan ik al jaren gedroomd heb. Als klein jongetje keek ik altijd met grote ogen naar die profrenners: Met welke fiets rijden ze? Welke schoenen hebben ze aan? Hoe ziet hun truitje eruit? Nu heb ik dat allemaal gewoon zelf. De dag nadat ik terugkwam van vakantie in Dubai, kon ik me niet langer bedwingen. Ik sprong in mijn kleren en ging trainen. Om dan die eerste keer je bidon te pakken en te zien dat er Quick Step op staat: zalig. (grijnst) Al denk ik er na die eerste rit in Duinkerke misschien al anders over.'

Baankampioen Theo Bos maakte zo'n memorabel debuut in de Algarve. In de eerste rit werd hij eraf gereden, in rit 3 gaf hij op.

'Pfff... Dan zou ik enorm ontgoocheld zijn. Maar ik weet niet wat ik moet verwachten, want ik weet gewoon niet hoe snel zo'n peloton rijdt. Al ben ik wel realistisch. Mijn laatste wedstrijd was de indoorcross in Hasselt, sindsdien trainde ik enkel op basisconditie. Dan denk je niet aan winnen. Wel aan water aanbrengen, vestjes halen, kortom: me nuttig maken voor het team.'

Is dat evident? Jij bent het toch gewoon om enkel aan jezelf te denken in de cross?

'Dat is eigen aan het veldrijden. Daar zijn je teammaats vaak ook nog concurrenten. Maar zo werkt het niet op de weg. Daar geldt het recht van de sterkste, zowel in het peloton als in het team. Als je niet goed genoeg bent om te winnen, dan werk je. Simpel. En daarin moet je eerlijk zijn. Ik denk dat je meer geapprecieerd wordt als je 150 kilometer werkt voor het team en dan opgeeft, dan dat je zuinig meerijdt tot de streep.'

Wat als blijkt dat je limieten op de weg daar liggen? Een sterke helper, maar niet sterk genoeg om te winnen?

'Het eerste jaar heb ik daar geen probleem mee. Maar uiteindelijk wil ik ook iets bewijzen voor mezelf. Ik wou niet een van de velen zijn in de cross, ik wil ook niet een van de velen zijn op de weg. Ik heb nood aan zeges. Als ik lange tijd niet win, denk ik dat ik gedemotiveerd geraak. Ik wil een van de besten worden in bepaalde wegkoersen. Is dat niet zo - en dat zal ik snel ontdekken - dan keer ik terug naar de cross. Want dan is het de investering van tijd en geld niet waard.'

Lees het volledige interview in Het Nieuwsblad van 4 mei

Lees alle 3 reacties