Vier minuten kwam Jurgen Van den Broeck vorig seizoen te kort voor de derde plaats in de eindstand van de Ronde van Frankrijk. De kopman van Lotto-Belisol
had zo de eerste Belg sinds Lucien Van Impe in 1981 kunnen zijn die het eindpodium haalde in de Tour. In 2011 leek VdB al op weg naar de trappen in Parijs, maar een valpartij in de afdaling van de Pas de Payrol deed zijn droom toen uiteenspatten. De nummer vijf uit de Tour van 2010 had in de aanloop naar de editie van 2011 zijn podiumambities kracht bijgezet met winst in een bergrit in de Dauphiné Libéré, nota bene zijn allereerste profzege. Na zijn breuken en klaplong hervatte VdB in 2011 de competitie in de Vuelta (8ste), waar hij net als in de Giro van 2008 (7de) en de Tour van 2010 de top 10 haalde. Het vertrek van wereldkampioen Cadel Evans leverde VdB in 2010 het kopmanschap op bij Omega Pharma-Lotto. De locomotief uit Morkohoven, een bijnaam die hij kreeg na zijn wereldtitel tijdrijden bij de junioren in 2001, torste al een paar jaar het etiket van superbelofte, maar kon pas in 2008 de roep bevestigen. De ex-ploegmaat van Lance Armstrong (bij US Postal) groeide uit tot Belgiës beste ronderenner. Bij zijn Tourdebuut in 2009 (15de) hield de dekselse Astarloza hem van ritwinst.