Celebs

Luk Alloo op de sofa met Jean Pierre Van Rossem

'Ik had 791 miljoen dollar, maar het stelde geen fluit voor'

'Ik had 791 miljoen dollar, maar het stelde geen fluit voor'

Foto: © Marc Herremans - Corelio

Jean Pierre Van Rossem (65) is druk in de weer met schrijven. Aan twee boeken zelfs. Eentje over de vermoorde Belgische politicus Julien Lahaut en eentje over een Belgische prinses. Nu het schooljaar is begonnen, blik ik graag eens terug op de studentenjaren van Jean Pierre.

We vergeten snel. Van Rossem heeft op zijn zachtst gezegd een bizar parcours de route achter de rug. Hij studeert economie, natuur- en wiskunde aan de universiteit van Gent, start repetitiebureaus voor studenten, heeft op een bepaald moment bijna één miljard dollar op zijn bankrekening, runt een formule1-stal, stapt met zijn partij ROSSEM in en uit de Belgische politiek en houdt zich nu al jaren in de luwte. Het fenomeen ontvangt mij bij zijn vriendin thuis in de rand van Brussel.

Het nieuwe schooljaar is net begonnen. Waren jouw kinderjaren wonderjaren?

Jean Pierre Van Rossem: 'Niet bepaald. Ik groeide op in een kleinburgerlijk, katholiek, conservatief, royalistisch gezin, waar hoegenaamd geen plaats was voor emotie, een warm gesprek, laat staan een knuffel. Ik kan me niet herinneren dat mijn ouders me ooit omhelsden, zoenden of streelden. Ze verborgen angstvallig hun gevoelens om maar één reden. Ze vroegen zich constant af hoe andere mensen over hen dachten en kozen daardoor voor een zeer georkestreerd leven, zonder persoonlijke bedenkingen en visies. Hoe kunnen mensen heel hun leventje zo'n toneel spelen? Wat een hypocrieten!'

Is dat de reden waarom je jezelf als rebel hebt ontpopt?

'Natuurlijk. Ik werd tegen beter weten in een kritisch jongetje. Ik had al snel door dat Sinterklaas niet bestond. Het viel mij op dat mijn moeder altijd vroeg welk cadeau ik wilde op 6december. Maar ik kreeg nooit de cadeaus die ik wenste, die waren immers veel te duur. Ik kreeg nooit een Märklintreintje of autootjes van Dinky Toys. Bijna elk jaar moest ik het doen met een meccanodoos. Ik vond dat rommel. De pedagogische onkunde en het bedrog van mijn ouders lieten een nefaste indruk op mij na.'

Je groeide op in een gezin met drie kinderen. Waarom praat je bijna nooit over je broer en je zus?

'Mijn jongere broertje Paultje is vroeg overleden. Toen we samen van school naar huis liepen, rende hij onder een aanrijdende bestelwagen. Mijn ouders hebben mij toen gezegd dat ik de schuldige was. Als mijn vader vertelde dat Paultje dood was, zei mijn moeder dat de Heer haar beste kind had afgepakt en die kleine rebel liet leven. Mijn jongere zus kreeg de grootste kamer omdat zij dokter wilde worden! Ik werd steeds onderdrukt, bijgevolg wilde ik snel uit dat gezin weg!'

Op de lagere school was je altijd de eerste van de klas, blonk je ook op de humaniora uit?

'Absoluut niet, waarom zou ik? Opdat mijn moeder nog wat meer zou kunnen hebben opscheppen? Forget it, man! Alles wat ze op school doceerden, interesseerde mij geen fluit. Als kind las ik hele stukken uit de encyclopedie van Elsevier. Op mijn tiende wist ik al dat Napoleon met een leger van drie miljoen manschappen en 300.000 paarden naar Rusland was getrokken. Hij keerde terug met 15.000 man en tweeduizend paarden. En dan moesten wij op die school geloven dat Napoleon een groot strateeg was, terwijl hij honderdduizenden mensen heeft laten creperen in de Russische koude. Kom zeg! Niet te verwonderen dat ik de school wantrouwde.'

Waar stond je politiek gezien tijdens je puberjaren?

'Op mijn vijftiende was ik er heilig van overtuigd dat we als kleine garnaal bedrogen werden omdat we in een kapitalistisch systeem leefden. Die ideeën pikte ik uit Das Kapital van Marx, een boek dat ik thuis had binnengesmokkeld had en verslonden heb. In de ogen van het establishment was het uiteraard een 'slecht' boek. Daarom las ik het. Voor schrijvers als Kafka en Marx heb ik een mateloze bewondering, opnieuw omdat iedereen er tegen was.'

Mag ik je vragen wanneer je de eerste vlinders in je buik hebt ervaren?

'Thuis mocht niet gepraat worden over seks. Seks was vies, zo dicteerde de tijdsgeest. In mijn straat woonde echter een mooie jonge vrouw van 35 met dikke borsten. Ik was op dat moment 13 jaar oud. Kun je nagaan dat haar verschijning een grote indruk maakte op mij. Met haar heb ik voor de allereerste keer de liefde beleefd. Voor haar knapte ik klusjes op tegen betaling. Nadat ik het gras had afgereden, kreeg ik een koekje. Op een keer vond ik het nodig te zeggen dat ik opgewonden werd van haar. Ze nam me mee naar haar slaapkamer, waar ze me inwijdde in de liefde. Het choqueerde me helemaal niet dat ik ontmaagd werd door een vrouw die twintig jaar ouder was. Door haar heb ik nooit last gehad om vrouwen te versieren. Voor mij was seks een soort bevrijding, een verademing in het bekrompen en verstikkende gat dat Brugge toen was.'

Wat wilde je als kleine knaap worden?

'Ik mocht mijn dromen niet beleven. Toneelspelen sprak me erg aan, maar dat mocht ik niet doen. Op weg naar school heb ik vaak gekoerst tegen Willy Bocklant en ik won altijd in de sprint. Maar ook koersen mocht ik niet van mijn ouders. Bocklant werd later beroepsrenner en won Luik-Bastenaken-Luik en de Brabantse Pijl. In '63 ging ik dan maar naar de universiteit van Gent. Ik volgde de onnozelste richting die er was: psychologie. Ik ben snel overgeschakeld naar economie. Niet omdat ik de ambitie had rijk te worden, maar om wat meer te weten te komen over het communisme. In mijn hele universitaire carrière heb ik welgeteld twee lessen gevolgd. Om wat geld bij te verdienen werkte ik in een papierfabriek. Dat werk was een grote klucht: in de papierfabriek kwamen Russische boten toe gevuld met boomstammetjes die gelost werden. Mijn taak bestond erin de stammetjes die bleven haperen, los te maken. Ondanks mijn job kwam ik altijd geld te kort omdat ik vaak naar Parijs reisde. Ik nam ook telkens een meisje mee om naar het toneel te gaan kijken. Ik heb enorm veel geld uitgegeven aan cultuur en aan vrouwen.' (lacht)

Wat is het gekste dat je hebt gedaan tijdens je studententijd?

'In mijn derde jaar universiteit ging ik met mijn medestudent Paul Boerjan een weddenschap aan. Hij beloofde me tien bakken bier als ik op de tram een meisje ten huwelijk zou vragen en dan ook binnen de maand zou trouwen. Ik draaide me om en zei tegen een jongedame die ik van toeten noch blazen kende: Juffrouw, ik ben al heel lang verliefd op u, maar ik durfde het nooit zeggen. Ze was spuuglelijk, maar toch trouwde ik met haar. De avond voor mijn huwelijk was ik straalbezopen, op de trouw zelf verscheen ik uren te laat, maar we woonden wel twee maanden samen. Ze heeft nooit geweten dat het voor een weddenschap was. Na enkele maanden zijn we gescheiden.'

Als student reed je al rond in een knalrode Ferrari. Hoe heb je dat aan boord gelegd?

'Dat ging zo: ik was met mijn autootje weer eens op weg naar Parijs om toneelstukken te gaan bekijken. Tussen Rijsel en Parijs stond een enorme witte Rolls Royce met motorpech langs de kant van de weg. Ik stopte, mijn oog viel op de dame die achterin zat: donkere bril en witte jurk. Ik fikste het defect en vroeg doodleuk aan de chauffeur of ik met die Rolls tot in Parijs mocht rijden. De dame in kwestie was de vrouw van een bekende juwelier. Ik maakte indruk met mijn kennis over Parijs en toneel. Ze nodigde me uit op de koffie, ik mocht blijven slapen en 's anderdaags kocht ze kostuums en hemden voor mij. Ik kreeg Château Petrus aangeboden en iedere avond gingen we samen naar het toneel of naar een spektakel in de Moulin Rouge of de Lido. Ze gidste me door Parijs: Montmartre, Trocadéro, het Louvre, de Orangerie en het café waar Sartre en de Beauvoir met elkaar van gedachten wisselden. Allemaal zeer inspirerend.'

'Op een nacht beminde ik haar. Ook al was ik 20 en zij boven de 50. Na 14 dagen moest ik terug naar Gent. In haar ogen las ik de ontgoocheling en ze vroeg me wat ik wilde hebben. Ik dacht dat ze aan het zwanzen was, dus zei ik: Dezelfde Ferrari die vorig jaar de 24 uur van LeMans heeft gewonnen. Dat was in '65, toen won een rode Ferrari. Meer heb ik niet gezegd. Na enkele weken kwam er iemand zeggen: Van Rossem, kom kijken, er staat een koersauto in de straat! Opschudding natuurlijk. We wilden die motor horen draaien en we wilden vooral weten welke klootzak ermee rijdt. Een Ferrari Competizione was op dat moment zo'n anderhalf miljoen frank waard! Aanvankelijk schaamde ik me ervoor en besloot ik hem op stal te laten. Uit schrik dat mijn vader hem zou afpakken, want in die tijd werd je maar volwassen op je 21ste.'

In het gezegende jaar '68 studeerde je af met je licentiaatsthesis 'De omloopsnelheid van het geld', waarvoor je de prijs van de Internationale Jaarbeurs van Vlaanderen gewonnen heb. Toch laat je een academische carrière schieten?

'Daar heb ik nog steeds spijt van. Tussen '68 en '75 hield ik een repetitiebureau open, maar ik wilde vooruit en ging les volgen bij Lawrence Klein aan de Pennsylvania University. Econometrie boeide mij en ik verbleef bijgevolg vijftien maanden in de States. Daar kwam ik per toeval in contact met heroïne. En dat witte monster betekende bijna mijn dood. Ik wilde dat witte monster uitproberen en dat gebeurde uiteindelijk via een meisje dat wat verderop in mijn straat woonde. Anderhalf jaar later zou ze sterven. Vanaf dat moment ging het snel bergaf met me, ik werd een junkie. Ik kan nu perfect begrijpen dat mensen hun moeder zouden vermoorden om geld te stelen voor het volgende shot.

Eenmaal terug in België bleef ik les geven in mijn repetitiekantoor en bleef ik heroïne gebruiken. Dat zou vier jaar duren. Ik onderbrak lessen om een shot te zetten. Eten deed ik amper, zodat ik graatmager werd. Vrouwen interesseerden me niet meer. Ook toneel kon me niet meer boeien. De flash die ik kreeg door te spuiten, was het enige doel in mijn leven. Al mijn geld verspilde ik aan heroïne. Op de duur kon ik de huur en de lonen niet meer betalen. Ik woog amper 46 kilo toen de flikken me uiteindelijk oppakten. In totaal kreeg ik een gevangenisstraf van vier jaar. Die vier jaar gevangenis zal ik later altijd stilhouden: ik heb altijd gevonden dat mensen het niet hoefden te weten. Ik ben immers een toonzaalmodel voor sociale reclassering: na die vier jaar brommen kon ik mij perfect herpakken.' (lacht)

Je hebt nu drie huwelijken achter de rug. In welke periode was je het gelukkigst?

'De vroege jaren '80 waren, achteraf bekeken, een geweldige tijd: ik leefde gelukkig samen met mijn eerste vrouw Nicole, en Piki (zijn zoon, nvdr.), ik hield bijzonder succesvolle repetitiebureaus open over heel laanderen, het geld stroomde binnen en ik kon mijn zinnen verzetten met mijn Ferrari's. Maar wie geld heeft, wil altijd maar meer: dat zit in de mens ingebakken.'

In 1988 stond er 791 miljoen dollar op je bankrekening. Wat is het gekste wat je ooit hebt gedaan met je geld?

'Ik heb mezelf ooit een schuitje cadeau gedaan: de Destiny, een jacht van 89 miljoen dollar. Puur voor de show en bij het jacht hoorden nog 89 ventjes: kapitein, koks, personeel. De Destiny lag naast de Koning Umberto, de langste boot die er op dat moment bestond. De mijne was een halve meter langer. Het gaat altijd om diegene die de grootste heeft. (lacht) Ik had drie decks en een helikopter. Er waren legendarische feestjes op die boot. Samen een glas drinken met Jean-Claude Van Damme of Christopher Lambert? Geen probleem. Dát waren tijden, maar het stelde eigenlijk geen fluit voor.'

Nog veel plezier met het schrijven van je boeken.

Corrigeer

Het beste van Enkel voor abonnees