,,We zijn massaal blind voor kinderen die geslagen en misbruikt worden''

Maatschappelijke verontwaardiging over geweld is heel selectief

Maatschappelijke verontwaardiging over geweld is heel selectief

belga
Foto: © BENOIT DOPPAGNE

,,Zinloos geweld.'' Het is een verzamelnaam voor alle agressie die zo buiten proportie is dat we ze niet kunnen duiden en geschokt afwijzen. ,,Maar onze verontwaardiging is wel héél selectief'', zegt kinderpsychiater Peter Adriaenssens.

Annemie Eeckhout

We nemen de term zowat dagelijks in de mond maar wat bedoelen we precies met ,,zinloos geweld''? Waarom zijn we zo verontrust dat we marsen en benefietconcerten op het getouw zetten, dat we een vzw Zinloos Geweld oprichten en dat de Vlaamse minister-president Yves Leterme (CD&V) oproept tot een maatschappelijk debat voor een warmere samenleving?

13mei1997. Na een hevig avondje uit in het centrum van Leeuwarden ontaardt geplaag tussen twee groepen huisvaders zonder strafblad in vandalisme en een fikse scheldpartij. Voorbijganger Meindert Tjoelker (30) wil het geweld doen stoppen en wordt doodgeslagen. De Nederlandse samenleving is hoogst geschokt. Dan kijkt een plichtsgetrouwe burger eens niet de andere kant op en hij moet het met zijn leven bekopen. De emoties laaien des te hoger op omdat Tjoelker de volgende dag zou trouwen.

Cees Bangma, districtschef van het politiekorps Midden-Friesland, schrijft een open brief waarin hij oproept een minuut stilte te houden. ,,Om duidelijk te maken dat de samenleving het oprukkende zinloze geweld niet aanvaardt.'' Het begrip ,,zinloos geweld'' wordt binnen de kortste keren gemeengoed.

De mp3-moord op Joe Van Holsbeeck in het Centraal Station van Brussel. Bart Bonroy die wordt doodgestoken in Oostende, vermoedelijk wegens het weigeren van een sigaret. Hans Van Themsche die in Antwerpen op straat een donkere vrouw en een blank meisje van twee vermoordt. Treinbestuurder Guido Demoor die overlijdt na een confrontatie met jongeren op een lijnbus… We klasseren het allemaal onder de noemer ,,zinloos geweld''. De incidenten veroorzaken telkens een zelden geziene commotie.

,,Ik heb me al meermaals geërgerd want het begrip wordt vaak misbruikt'', zegt criminologe Cathy Brolet van de Vrije Universiteit Brussel, die een doctoraat maakt over jongeren en geweld. ,,Zinloos geweld is incidenteel geweld zonder motief - of voor een reden die niet in verhouding staat - tegenover een willekeurig gekozen en onbekend slachtoffer. Dat gebeurt uiterst zelden. Bovendien weet enkel de dader wat hem dreef. We kleven een etiket, nog voor we goed en wel weten wat er gebeurd is. Zo geven we uiting aan onze verontwaardiging. Maar neem nu Guido Demoor. In de eerste versie was hij op een bus door baldadige jonge Marokkanen aangevallen. Achteraf bleek dat hij aan een beroerte gestorven was en zich ook agressief had opgesteld.''

,,Alle incidenten die we als zinloos geweld bestempelen kunnen absoluut niet. Maar misschien moeten we toch wat meer moeite doen om de dader te begrijpen'', zegt Brolet. ,,Wanneer we steeds minder naar de motieven van geweld willen zoeken, zien we enkel repressie als uitweg en dat is een wel heel simplistische oplossing.''

,,Zinloos geweld bestaat niet. Er zit altijd een verhaal achter'', zegt experte in geweldloosheid Pat Patfoort.

,,Zinloos geweld is gewoon een verzamelnaam geworden voor alle vormen van agressie die we buiten verhouding vinden en daarom niet kunnen duiden'', aldus moraalfilosoof Koen Raes van de Universiteit Gent. ,,Wel een vreemde term: alsof geweld ooit zinvol is. Uit zelfverdediging vinden we het wellicht allemaal verdedigbaar, maar verder? Er zit vooral een morele boodschap achter de kreet om het zinloze geweld te stoppen: de samenleving wordt almaar intoleranter voor agressie en wijst die af.''

Brave jongeren

Onze hypergevoeligheid voor geweld geeft aanleiding tot heel wat discussies en theorieën. De maatschappij is op drift en verruwt, zeggen onheilsprofeten. De Nederlandse criminoloog Hans Boutellier verklaart onze moraliserende en repressieve houding als een reactie op wat hij de ,,risicomaatschappij'' noemt. Er zijn niet veel zekerheden meer in het leven, stelt Boutellier vast, maar tegelijk zijn we bijzonder op onze vrijheid gesteld. In een vruchteloze poging greep te krijgen op de risico's, koesteren we veiligheid. Daarom worden we zo hard geraakt wanneer iemand, door slachtoffer te worden van een misdrijf, van zijn vrijheid beroofd wordt en de illusie van veiligheid doorprikt.

Zij we in de ban van het geweld omdat het geweld is toegenomen? ,,De jaarlijkse frequentie van moord en doodslag in vredestijd zakte in de Nederlanden tussen 1200 en 2000 van ongeveer 45 naar één tot twee per 100.000inwoners'' weet doctor in de geschiedenis Antoon Vrints van de Universiteit Gent. ,,Je kunt er niet omheen: de kans om hier gewelddadig om het leven te komen, is relatief klein.''

Vrints doorprikt ook het nostalgische cliché dat de volkse buurten van weleer zoveel warmer en vreedzamer waren. ,,Er was toen ook veel publiek geweld maar het had wel een sociale betekenis. Door op straat, in de kroeg of in de traphal heel theatraal op de vuist te gaan, verdedigden de lagere klassen hun goede naam. Het was een in hun kringen aanvaarde - zelfs rituele - vorm van communicatie om respectabiliteit af te dwingen.'' Naargelang de lagere klasse verburgerlijkte en de normen van de hogere klassen overnam, werd de taal van de vuist almaar minder getolereerd en werd publiek geweld van zijn betekenis ontdaan en dus ,,zinloos''.

De incidenten die we als zinloos geweld bestempelen mogen dan wel niet aan de wetenschappelijke definitie van criminologen beantwoorden, er zít niettemin een rode draad in. Het gaat quasi altijd om jonge daders én om geweld op straat of een andere publieke ruimte.

,,Er zijn nog altijd veel meer volwassenen die misdaden plegen dan jongeren. En veel meer jongeren zijn het slachtoffer van geweld door volwassen dan door leeftijdsgenoten. Toch is jeugdcriminaliteit politiek en politioneel hét item geworden'', zucht criminologe Cathy Brolet. ,,Jongeren en jongerengeweld op straat zijn nu eenmaal heel zichtbaar en boezemen dus angst in. Toch wijzen alle Europese onderzoeken uit dat het jongerengeweld sinds 2005 gestabiliseerd is.''

Het Jeugdonderzoeksplatform (Jop), een samenwerkingsverband tussen de universiteiten van Gent, Brussel en Leuven, vroeg een representatief staal jongeren in Vlaanderen tussen 14 en 25jaar hoe vaak ze zich het afgelopen jaar hadden bezondigd aan zwartrijden, diefstal, vandalisme, geweld, drugsverkoop of wapendracht. Vaststelling: iets meer dan 3procent van de jongeren pleegt geweld, verkoopt drugs of draagt een wapen. Ongeveer één op de twintig was het afgelopen jaar betrokken in een vechtpartij waarbij iemand gewond geraakte. En 1,1procent gebruikte drie keer of meer dergelijk geweld.

Conclusie: tegenover een zeer grote groep brave jongeren staat een kleine harde kern die meer en ernstiger delicten pleegt. ,,Vanuit wetenschappelijke hoek kan je niet besluiten dat de jeugdcriminaliteit stijgt'', zegt onderzoeker Dieter Burssens van de KU Leuven. ,,De kloof tussen wat de publieke opinie denkt en de voorliggende cijfers is alvast frappant.''

Brolet heeft voor haar doctoraat de veroordelingen van de Brusselse jeugdrechtbank tussen 1995 en 2000 geanalyseerd. ,,In die vijf jaar zijn er dertien levensdelicten geweest, waarvan twee doodslagen en één moord'', zegt ze. ,,Procentueel waren er niet meer ernstige slagen en verwondingen in 2000 dan in 1995.''

Opgekropte agressie

In cijfers stijgt de criminaliteit niet. Waar komt dan de indruk vandaan dat de samenleving - en in het bijzonder jongeren - gewelddadiger zijn geworden? Misschien is er juist meer aandacht voor geweld omdat het schaarser is geworden'', oppert moraalfilosoof Raes. ,,In het begin van de twintigste eeuw nog werd de houten boekentas verboden omdat menig oog het moest ontgelden.''

,,Het geweld is, door de media, ook veel zichtbaarder geworden'', meent Raes. ,,We leven daarenboven in een zeer gedisciplineerde samenleving met ontzettend veel regeltjes. Wanneer iemand die regeltjes flagrant overtreedt - en dan nog voor een futiliteit zoals een mp3-speler - is het contrast met ons eigen gedrag en wat we van anderen verwachten zó groot dat we dat niet kunnen vatten. Dat is not done en dus noemen we dat zinloos geweld.''

,,Naargelang een maatschappij beschaafder wordt, probeert ze het geweld weg te drukken. Anderzijds, doordat we zo beschaafd zijn geworden, is er veel opgekropte agressie. Die opgekropte agressie vindt een uitlaatklep in onder meer het verkeer, de tribunes van het voetbalveld, aan de kassa van de supermarkt… Er is dus behoorlijk wat agressie in de samenleving maar we zijn selectief in onze verontwaardiging. Wanneer we geweld zinloos noemen, drukken we niet alleen ons afgrijzen uit, we zeggen tegelijk: de dader was over zijn toeren. Met andere woorden: ik ben niet mee verantwoordelijk.''

,,Werd Joe Van Holsbeeck niet vermoord in volle spitsuur in een druk station? Toch hebben de twee daders de anderen in die publieke ruimte niet als medemensen maar als vreemden ervaren. De sociale controle is weg en we vervangen die door repressieve controle. De openbare ruimte was vroeger per definitie een ontmoetingsruimte. Vandaag is het een geïnstrumentaliseerde ruimte geworden, volledig gericht op verkeer, waar de anderen ons alleen maar storen. Kijk naar Rock Werchter en de Gentse Feesten. Daar is, in verhouding tot de massa mensen, nauwelijks agressie omdat we de openbare ruimte dan wel als sociaal ervaren.''

,,Wakker de sociale netwerken weer aan zodat we in de anderen opnieuw een gewetensspiegel zien. Laten we ook ophouden met jongeren te vertellen dat ze niet veel waard zijn. Vroeger was de jeugd de toekomst, vandaag zijn het probleemgevallen. Investeer in jeugdbewegingen. Zoniet krijgen we opnieuw jongerenbendes.''

Blind voor grootste geweld

,,De samenleving is niet intolerant voor jongeren of jongerengeweld. De maatschappij ís intolerant. Punt!'', zegt de Leuvense kinderpsychiater Peter Adriaenssens fel. ,,Mijn groot verdriet als psychiater is dat er vandaag zoveel communicatie is en toch worden er zoveel kinderen geslagen, toch stijgt het seksuele misbruik en de seksuele uitbuiting van jongeren. Eén op de drie krijgt in zijn leven met geweld binnen de familie te maken. Waarom laten wij ons alleen leiden door zichtbare schade? Waarom zijn wij massaal blind voor geweld waar wij zó onder lijden, waarom slagen we er maar niet in geweldloos te leven!? We vinden het zelfs normaal dat speciale ambtenaren worden aangesteld voor pesten op het werk.''

,,Gaat het over jongeren, dan worden alle vormen van jeugdgeweld door elkaar gehaald'', zegt Adriaenssens. ,,Slechts vier op de honderd kinderen zijn jeugddelinquenten en dat cijfer is de jongste twintig jaar niet veranderd. Zij worden best in instellingen opgevangen. Twintig procent van de tieners beleeft een zeer problematische adolescentie met kinderpsychiatrische problemen. Deze jongeren gaan door een diep dal en kunnen ook behoorlijk wat overlast geven in de maatschappij maar met hulpverlening komen de meeste van die jongeren weer op hun pootjes terecht tegen dat ze 20, 22jaar zijn.''

,,Steek je die 20procent jongeren echter in instellingen bij die 4procent, dan maak je ze kapot. Wanneer je groepen jongeren mengt, maak je het probleem alleen maar groter. Na de moord op Joe Van Holsbeeck maakte de minister van Justitie halsoverkop extra geld vrij voor veertig extra bedden in gesloten instellingen voor jeugddelinquenten. Maar daar zitten de echte noden niet.''

,,Het aandeel jongeren met een problematische adolescentie is aan het stijgen van 20 naar 30procent. Ons huidige opvoedingsmodel van veel communiceren met kinderen en minder strakke regels levert wel spectaculair goede resultaten op voor 60 tot 70procent van de jongeren. Zij genieten daar van zoals geen enkele generatie voor hen. De uitvallers echter hebben een meer sturende opvoeding nodig. De kloof tussen hen en de overgrote meerderheid van jongeren die het heel goed doen, wordt almaar groter. Mede omdat er vandaag veel meer kansen op conflicten zijn, mogelijkheden om aan een steekwapen te geraken…''

,,Met volgehouden hulpverlening kunnen we vrij veel doen voor die 20 tot 30procent jongeren, maar daar wringt het schoentje. Een moeder die haar overactief kind van zes jaar niet meer aan kan, moet een jaar op een diagnose wachten. Is er een vermoeden van autisme, dan moet je twee jaar geduld oefenen. De dader van een mp3-moord heeft diezelfde avond al een plaats in een instelling. Door de lange wachtlijsten gaan hulpverleners korter werken en bestaat het risico dat we minder grondig tewerk gaan. Zo komen jongeren in een domino van hulpverlening terecht terwijl snelle, vroegtijdige hulp zó ontzettend belangrijk is. Je bereikt de meeste successen vóór de leeftijd van elf jaar.''

,,,Het zinloze geweld moet stoppen!'' zeggen politici, maar dat zijn slechts peanuts. Wil je écht iets aan geweld doen? Investeer dan in jeugdhulpverlening en preventie zoals opvoedingswinkels. Kinderen zijn een spiegel die ons wordt voorgehouden. Willen we in die spiegel kijken?''



Corrigeer

IN HET NIEUWS

Verkiezingen in jouw gemeente:

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees