Over beken en ruimingen

Haacht - Alles wat u wilde weten over ruiming van beken in uw gemeente. Diensthoofd Waterwegen van de provincie, Stijn Coppens, legt het uit.

Zeg niet zomaar beek tegen een beek. Dit bleek alvast na een vraag van gemeenteraadslid Marina Van Steenweghen (N-VA) op de laatste zitting van de Haachtse gemeenteraad. Hierbij kloeg ze het achterwege blijven van het schoonmaken van beken langs de Kelfsstraat en de Walemstraat aan. Aangezien het hierbij om provinciale en geen gemeentelijke beken ging, verwees burgemeester Steven Swiggers (Open VLD) naar de bevoegde instantie, de provincie. 

Stijn Coppens, diensthoofd Waterwegen van de provincie Vlaams-Brabant, gaat dieper in op het ruimen van provinciale beken, waarbij ook meteen duideljk wordt dat je niet zomaar ruimen mag zeggen tegen ruimen. "Voor sommige mensen is een zgn. kruidruiming voldoende", aldus Coppens. "Dat komt overeen met het gewoon maaien van de beek. Dit gebeurt minstens 1x per jaar. De meerderheid van de mensen verstaat onder ruimen echter een grondige ruiming of slibruiming. Dit doen wij bewust minder frequent."

Zo leren we dat er vanuit het beleid bewust werd gekozen om een grondige ruiming of slibruiming niet zo vaak te doen. "We werden na de herklasseringscampagne van december ’14 niet enkel geconfronteerd met verwaarloosde 3e cat. waterlopen maar ook met waterlopen die “kapot geruimd” werden", verduidelijkt hij. "Hiermee bedoelen we waterlopen die door systematische slibruimingen op dezelfde locatie een verstoord bodemprofiel met overdiepte en depressies (die versnelt weer dichtslibben, een waterloop herstelt zijn natuurlijk profiel) vertonen die de natuurlijke afvoer ook sterk verstoren. Deze werden met de beste intenties uitgevoerd maar hadden een averechts effect.  Wij zijn daarom wat meer terughoudend om over te gaan tot grondige ruimingen. Waterlopen bezitten een sterk dynamisch karakter. Ze zijn tot op zekere hoogte capabel om slib in pulsen van hogere debieten te transporteren. Wij hebben ons beslissingskader daarrond opgebouwd. Wanneer we een sliblichaam waarnemen op terrein gaan we eerst na of dit nog dynamisch kan zijn (vegetatie op het lichaam is een goede indicator). Als blijkt dat dit sliblichaam bij een volgende controle nog aanwezig is of echt te hinderlijk wordt voor de doorstroming (bv. voor een kunstwerk), gaan we over tot een opmeting van de waterloop om de extensie van de ruiming en de ideale ruimingsdiepte te bepalen. Wij vragen aan de tekenkamer om een langsprofiel op te meten. Er zijn nu verschillende van deze profielen beschikbaar waarop we ons kunnen baseren in de nabije toekomst.", besluit hij. 

 

 

 

 

Corrigeer

Doe de stemcheck van Het Nieuwsblad en ontdek met welke partij jij het best overeenkomt.

Auto's in de kijker

Vastgoed

Jobs in de regio