Belgen vochten tijdens WO I aan oostelijk front

Albert I schonk Belgisch pantserkorps aan Russische tsaar

De Chinezen verboden de Belgen de toegang tot hun bordelen maar ze mochten er zich wel vermaken met Japanse gezelschapsdames. Foto: August Thiry

Oud-Heverlee - In Reizigers door de Grote Oorlog vertelt August Thiry hoe het eerste Belgische pantserkorps ingezet werd aan het Russische front. Donderdag 20 mei doet de auteur die reis nog eens over in Sint-Joris-Weert.

Reiziger door de Grote Oorlog is het verhaal van jonge avonturiers die zich tijdens WO I melden als vrijwilliger bij het eerste Belgische pantserkorps, het Autos-Canons-Mitrailleurs (AMC). ‘Ze werden aangetrokken door de schitterende leren uniformen en de fantastische wagens’, zegt Thiry.

‘De keuze voor het AMC was niet zo moeilijk want het alternatief was veel minder avontuurlijk: ze konden ook aan de IJzer in de loopgraven liggen. Dat was niet enkel minder comfortabel maar ook veel gevaarlijker, want van de vierhonderd vrijwilligers van het AMC zijn er slechts elf gesneuveld.’

Aanvankelijk was het de bedoeling om het pantserkorps in te zetten aan het westelijk front. Maar omdat dat front aan de IJzer was vastgelopen, schonk koning Albert I het korps aan de Russische tsaar om hen in te zetten aan het oostelijk front.

De Becker-Remy

In Oekraïne viel het eerste dodelijke oorlogsslachtoffer: Jacques de Becker-Remy, de zoon van de katholieke senator van het gelijknamige plein in Kessel-Lo. Soldaat de Becker (22) kreeg een kogel door het hoofd toen hij een sleepkabel loshaakte om een vastgelopen pantserwagen weg te halen. Zijn stoffelijk overschot werd later overgebracht naar het familiegraf in de abdij van Vlierbeek.

In 1917 loopt het mis. De Russische revolutie breekt uit en de Russische soldaten beginnen te verbroederen met de vijand. Als in de zomer van 1917 tijdens een groot Russisch offensief drie Belgische pantserwagens volledig worden vernietigd, hebben de Belgen er genoeg van. Ze trekken zich terug in Kiev. Daar komen ze terecht in de strijd tussen de Bolsjewieken en Oekraïense nationalisten, hebben geen eten meer en zijn gekazerneerd in een klooster. Maar ze overleven door wodka te stoken.

Begin 1918 kunnen de Belgen vertrekken met een trein. Sommigen van hen zijn intussen getrouwd met Russische vrouwen. Van de vijftig wagons was er dan ook een gereserveerd voor de getrouwde koppels. Aanvankelijk rijden ze in de richting van Sint-Petersburg maar daar wordt de trein op een zijspoor gezet.

De officieren willen terug via het noorden maar de manschappen hebben slechte herinneringen aan die bootreis. Zij willen via Siberië weg. Ze waren vertrokken met het idee om de wereld te zien en daar zou niemand hen nu van tegenhouden. Er breekt muiterij uit en de soldaten verbroederen met de sovjets.
 
Gezelschapsdames

Uiteindelijk krijgen de manschappen hun zin en rijdt de trein door Siberië naar het Chinese Harbin. ‘Daar zijn ze eens zwaar op de zwier gegaan’, zegt Thiry. ‘Het blijven echt Belgen: al het vreemde is slecht. De Russen zijn klagend vee en de Chinezen zijn een stinkende bende. Bovendien verbieden de Chinezen de Belgen de toegang tot hun bordelen.’

En ook dat zorgt voor ergernis. Als ze daarna doortrekken naar Japan is dat probleem alvast van de baan. Ze worden er ontvangen door de gezelschapsdames en ze staan er ook fier mee op de foto.

In april 1918 scheept het AMC in op een Amerikaans oorlogsschip. Daar worden ze als oorlogshelden ingezet in een rondreizende tentoonstelling om de Amerikanen warm te maken om zelf te vechten tegen de Duitsers. Onder de kop De Belgae zijn de Dappersten heeft de Chicago Tribune het over ‘een groep om de wereld zwervende krijgers, in vergelijking met wie de fabelachtige Odysseus een bedlegerige invalide was.’

Reizigers door de Grote Oorlog, donderdag 20 mei om 14 uur, Jos De Kok, Kauwereelstraat 9, Sint-Joris-Weert. 
 

Corrigeer

Auto's in de kijker

Vastgoed

Jobs in de regio