FOTO & VIDEO. Lisa & Noah getuigen uit brieven van Luitenant Ernst Marchand aan zijn ouders bij opening kunstwerk 'Six Vaults Pavilion' aan Duitse Militaire Begraafplaats

Vorige zondag werd op de Duitse militaire begraafplaats gelegen in de Beverenstraat, onder ruime belangstelling het onthaalpaviljoen geopend. Het kunstwerk met als titel 'Six Vaults Pavilion' bestaande uit het paviljoen en het omringende breekbaar landschap, is een stille oproep om nooit te vergeten, een artistiek statement dat oorlog nooit de oplossing is. De gruwel en het zinloze geweld dat oorlog met zich brengt, werd nog schrijnender toen Lisa Degraeve van BS De Zonnebloem en Noah Courtens van de Gemeentelijke Basisschool voorlazen uit brieven die Ernst Marchand schreef van aan het front naar zijn ouders.

Lisa kwam als eerste aan het woord tijdens de inhuldiging van het kunstwerk 'Six Vaults Pavilion' in het project Breekbaar Landschap, dat iedereen herinnert aan de gruwel van WO I en het zinloze geweld dat oorlog nu nog iedere dag mensens over heel de wereld treft. Foto: Eric Vanhooren

Het mag dan al op het einde zijn van de herdenking van Wereldoorlog I, de inhuldiging van het kunstwerk ‘Six Vaults Pavilion’ van de hand het duo Arnout Van Vaerenbergh en Pieterjan Gijs staat midden het project ‘Breekbaar Land’ van van Lama landschapsarchitecten. Het is een meerwaarde voor de gemeente en is een belangrijke toevoeging aan de enscenering en totaalbeleving van de Duitse begraafplaats. 

Maar evenzeer mag er gesteld worden dat ook aan Duitse zijde, men het zinloze geweld dat oorlog altijd is en zal blijven, zo ervaarde aan het Duitse thuisfront. Dat blijkt uit het pakkende getuigenis van twee. 

De jonge Ernst had een hobby: fotografie. Toen hij  tijdens de oorlog in Frankrijk en Vlaanderen dienst deed, maakte hij veel foto’s, die hij telkens naar huis opstuurde. Ernst was de zoon van professor Felix Jacob Marchand en Martha Reuter. Hij werd geboren op 28 februari 1898 in Marburg in Hessen.

Als 18-jarige korporaal van het Köninglich Sächsische 8ste Feld-Artillerie-Regiment Nr. 78 kwam hij in 1916 bij Reims Frankrijk aan. Na een verwonding en via verschillende legeronderdelen belandt hij eind 1917 als luitenant met het 115de Saksische regiment veldartillerie in België. In april 1918 werd de eenheid ingezet bij Houthulst en Poelkapelle.

Na de terugtrekking van de Britten en de aanval op de Belgen iets westelijker, bij Merkem, was het relatief rustig geworden in de sector. Ernst fotografeerde en schreef. Zo ook op 11 mei 1918. De dag waarop hij de dood vond.

Achteraf typte zijn moeder de brieven en dagboeken van haar zoon over. Ze verluchtte het typoscript met een aantal opgestuurde foto’s. Het fragment is het einde van het “Kriegstagebuch”. Daaraan voegde Martha haar eigen relaas toe van hoe de familie van de dood van Ernsts op de hoogte werd gebracht.

Ze reconstrueerde nauwkeurig de dag waarop hij werd gedood en wanneer zijn begrafenis moest hebben plaatsgevonden aan de hand van de informatie die haar van diverse kanten had bereikt. De documenten werden zorgvuldig bijgehouden in de familie. Na de dood van Martha werden ze bewaard door de neef van Ernst, de historicus Reinhart Kosselleck, en later door diens zoon Konrad.

Muzikant Konrad Kosselleck maakte in 2014 een concert over zijn oudoom en tégen alle oorlogen. Na afloop van de concertreeks werden de documenten voor bewaring overgemaakt aan het kenniscentrum van het In Flanders Field Museum.

Noah: uit ‘Ernst Marchand, “Kriegstagebuch”, typoscript van Martha Marchand’

Op zondag 12 mei 1918 om 9 uur kregen we van het regiment volgend telegram: “Zoon Luitenant Ernst Marchand op 11 mei 1918 op het Veld van Eer gevallen”.

Op 15 mei ontvingen we nog vier postkaarten – foto’s in een omslag met poststempel van 11 mei – daaronder een foto van Ernst in een bunker met Kapitein Schroth en luitenant Winkelmann. Op de rugzijde: koffiedrinken voor de bunker. Hartelijke groeten! Ernst.

Tegelijk kwam er een huishoudbrood dat Ernst met zijn gebruikelijke voorzienigheid op de negende mei ’s avonds vanuit Hooglede via een vakantieganger liet bezorgen.

Reeds op 10 mei ’s morgens was Ernst als plaatsvervangend bevelhebber van de batterij voor kapitein Schroth in de vuurstelling in het geheel verwoeste Poelkapelle teruggekeerd. Een uitvoerig verslag met schets over de activiteiten van de batterij, dat voor 13 mei bevolen was, maar dat hij in al zijn ijver al op de 10de of 11 mei had klaargemaakt, was zijn laatste werk, dat pas later werd ingediend.

Op 11 mei verliet hij na het middageten tegen 2 uur de kleine betonnen bunker die hij met Luitenant Winkelmann deelde, om de versterkingen te gaan bekijken. Omdat het weer opgeklaard was, nam hij zijn fotografisch apparaat mee, zoals hij bij zulke tochtjes gewoonlijk deed, om wat opnames te maken, in dit geval waarschijnlijk om de omgevallen Engelse tank te fotograferen.

Toen zijn knecht tegen 4 uur de koffie had verwarmd en Ernst nog niet was teruggekeerd, stuurde Luitenant Winkelmann verschillende patrouilles uit om te gaan zoeken. Na amper tien minuten kwamen ze terug en brachten het vreselijke nieuws dat zij hem gevonden hadden aan de westelijke uitgang van Poelkapelle.

Hij lag met het gezicht naar de aarde, zijn apparaat lag op ongeveer 10 meter naast hem, geheel vernield en uiteengerukt – naar men vermoedt door de luchtdruk van een ongeveer 4 meter van hem ingeslagen granaat die hem het uit handen gerukt had en voortgesleurd. Ook zijn uurwerk was geheel ingedrukt. Hij was kennelijk in een plots opgezette vijandelijke artillerieaanval met zwaar kaliber terechtgekomen, waarvan hij het slachtoffer was geworden. Infanteristen die in de buurt in een verwoeste bunker lagen, hadden er zich, toen ze om halfdrie buitenkwamen, van vergewist dat hij reeds dood was. Ze stelden vast dat een grote granaatscherf dwars door zijn lijf gegaan was. De dood moet zeer snel door uitbloeding zijn ingetreden.

Vier mannen van zijn batterij hebben hem met gevaar voor eigen leven geborgen. De volgende dag hebben ze hem naar de Protzenstelling in Hooglede gebracht voor opbaring. Zijn baar werd met bloeiende vlier, levensboom en dennengroen versierd.

Op 13 mei in de namiddag om 4u30 werd hij met alle militaire eer en met een detachement begraven op de erebegraafplaats van Hooglede. De blaaskapel van het regiment heeft gespeeld en de bevelhebber sprak een lijkrede uit in naam van het regiment. De kameraden van de batterij en alle officieren van het hele regiment en verschillende makkers van zijn vroegere munitiecolonne 832 deden hem uitgeleide.

De begraafplaats ligt aan de oostelijke uitgang van Hooglede op een licht glooiende weide. Rondom liggen groene velden en her en der verspreid lieflijke huisjes. Een eenvoudig kruis markeert zijn graf Nr 1344. Het heeft als opschrift:

Hier rust in de Heer

Ernst Marchand  Luitenant

Geboren 28/02/1898

Gevallen 11/05/1918

Rust Zacht

De inhuldiging waarop ook een Duitse delegatie aanwezig was, werd opgeluisterd door het duoBart Vehelle en Arnold Sercu. Na de plechtigheid vond er in de brandweerkazerne nog een uitgebreud receptie plaats met hetzelfde duo als sfeermakers en waarop er druk nagekaart werd over dit practig nieuw kunstwerk die Hooglede ongetwijfeld internationale bekendheid zal opleveren.

Corrigeer

Vastgoed

Auto's in de kijker

Jobs in de regio