Burgemeester Goetsenhoven speelde hoofdrol in eerdere bankencrisis

Burgemeester Goetsenhoven speelde hoofdrol in eerdere bankencrisis

De rol van Gaston Philips komt aan bij Leen Van Molle. Foto: kadoc

Tienen - De liquidatie van de Middenkredietkas, een nationale bank met zetel in Leuven, in 1934 sleepte aan tot in 1963. In de toenmalige bankencrisis wordt de burgemeester van Goetsenhoven een dubieuze rol toebedeeld.

  We beleven nu niet de eerste internationale bankencrisis en in een vorige uitgave, in de jaren dertig, speelde de toenmalige burgemeester van Goetsenhoven een rol. De man Gaston Philips was gerespecteerd bankier (Crédital) maar werd nadien een dubieuze rol toebedeeld in de liquidatie van de Middenkredietbank. Dat was een bank van de Boerenbond. Ze ging ten onder in 1936, in zwaar politiek water. Ook toen was sprake van staatswaarborg. Ook toen werden kleine spaarders daadwerkelijk vergoed maar bleven houders van 'participatiebons' op hun honger. De afwikkeling van de schuld, dankzij de injectie van geld uit andere Boerenbondtakken, sleepte aan tot in 1963.

  Leen Van Molle (en ook thesisstudenten) schreven over het debacle van de Middenkredietkas. De katholieke senator Gaston Philips is in dat verhaal prominent aanwezig. Ook in die periode was een reeks bankenfusies aan de gang onder de controle van de Middenkredietkas. In oktober 1931 werd Crédital (Crédital général de Belgique), geleid door  Philips overgenomen. (In december 1931 trouwens ook de Banque agricole de Tirlemont). Daardoor kwam Philips in het beheer van de bank van de Boerenbond. Nadien is hij er omschreven als 'het paard Van Troje'. De overname van Crédital 'was een flater met vefrstrekkende gevolgen', aldus Van Molle.

 Gaston Philips werd erkend als een man van aanzien, klein van gestalte maar groot als bankier, geldzuchtig maar tegelijk weldoener van katholieke werken. Hij begon voor 1914 als kleine wisselagent in Brussel. In de oorlog wist hij 'verborgen spaarreserves' aan te trekken voor zijn privé bank, Banque G. Philips & Cie. Economische groei en speculatie maakte hem zo groot dat hij andere banken overnam in 1926-27. In die periode kocht hij een kasteeltje in Goetsenhoven, werd er burgemeester en nadien provinciaal senator.

 Philips, financieel genie met de steun van de latere minister van Financiën Sap, ging na 1931 het beleid bepalen in de Middenkredietkas en de Algemene Bankvereniging. In 1935 zegt Alfred Raport, bestuurder bij de Boerenbond: 'Hij weet alles, hij doet alles en wij geraken uit zijn netten niet meer.' De verborgen financiële problemen van Credital waren afgewenteld op overnemers: een kwestie van fictief kapitaal, betwiste Hongaarse aandelen... De Middenkredietkas was zeker in 1934 al verlieslatend. Leden vroegen hun spaargelden op. Philips werd zogezegd 'ontmaskerd' door de rexistenleider Leon Degrelle.

  Historica Leen Van Molle noemt de afkomst van Philips 'duister'. Hoe het hem na de jaren dertiig verging wordt niet behandeld. In elk geval was hij in de naoorlogse periode verdwenen uit de nationale politiek. De jaten voor de oorlog was hij al geen burgemeester meer. In 1979 werden zijn archieven ontdekt in een metalen koffer, ingegraven in een kelder van zijn jachthuis in Opheylissem. Door vochtaantasting waren ze onleesbaar geworden.

Corrigeer

Doe de stemcheck van Het Nieuwsblad en ontdek met welke partij jij het best overeenkomt.

Auto's in de kijker

Vastgoed

Jobs in de regio