Wim Claeys bewijst het met IJZER: vooral het verhaal is belangrijk, niet het decor

Wim Claeys, vooral bekend als volkszanger, presenteerde zopas zijn derde theatervoorstelling. Na Test Eu Gents (waarin hij op een wel heel grappige manier lessen Gents gaf in een woonwagen) en na De Zwanenzang van Karel Waerie liet hij nu de Minard vollopen voor IJZER, een voorstelling waarin hij het verhaal vertelt van zijn grootvader Pé Fons die met zijn twee broers Gust en Edmond, zoals zovelen betrokken raakte in de Groote Oorlog. Claeys toont met deze voorstelling aan dat je voor een goede voorstelling niet noodzakelijk een dure en ingewikkelde setting nodig hebt. Als het verhaal maar goed zit. En dat is in IJZER het geval.

Wim Claeys nam met IJZER natuurlijk wel een risico. Het onderwerp alleen al. Iedereen is de afgelopen maanden wel op één of andere manier met de herdenking van de Eerste Wereldoorlog bezig. In Antwerpen deden ze dat vorige week nog door net als 100 jaar geleden, met tienduizenden de Schelde over te steken. Claeys deed het iets bescheidener. Zijn verhaal speelt zich niet af aan de Schelde, (daarvoor is hij te Gents), maar aan de IJZER, in de loopgraven.

Claeys gebruikt als setting alleen maar een stoel, een tafeltje, waarop onder meer het dagboek van Gust, de broer van zijn grootvader ligt, en een staander met een groot familieportret: de drie broers Vandesteene, met hun vader Koarel en moeder Siede.

Claeys belooft in de begeleidende tekst op zijn site dat hij in IJZER zowel pakkend als hilarisch zal zijn. Claeys houdt zijn belofte. Voor het hilarische gedeelte laat hij vooral Gust , de plezante nonkel van de familie, opdraven. Die vertelt graag moppen. Maar Claeys steekt in zijn verhaal zelf ook tragisch-hilarische scènes: zoals die waarin zijn grootvader zelf, die telefonist in het leger was, en de hele tijd met een houten bak van 10 kg moest sleuren, heel dringend moest gaan kakken. En voor wie het niet meegemaakt heeft klinkt het nogal onwaarschijnlijk dat kakken een gevaarlijke bezigheid is, maar Wim Claeys laat ons via zijn grootvader  wel geloven dat kakken aan het front echt wel gevaarlijk is. Tegelijk verbindt Claeys er één van de beste moppen uit zijn show aan: hij laat uit een telefoon die eigenlijk een houten bak van 10 kg is, het logo van Apple geboren worden.

Dat Wim Claeys het familieportret van zijn grootvader gebruikt heeft een reden: die familiefoto verhuisde met Wim Claeys mee naar elke woning waar hij zelf naar verhuisde. Het familieportret laat hem ook toe een verhaal op te bouwen dat zich dan wel afspeelt binnen de Groote Oorlog, maar dat door zijn kleinschaligheid de betrokkenheid van de kijker vergroot. De verschillende karaktertrekken van de broers, de verschillende manier waarop ze tegen de oorlog en het leven aankijken, de manier waarop ze wel en niet van elkaar houden. Niet voor niets zegt Claeys naar het einde van zijn verhaal toe: ,Heel die eerste Wereldoorlog is niet meer dan een banale familieruzie!'

Ah ja, toen we het over het decor en de setting hadden, vergaten we wel iets. Er staan ook twee accordeons op de theatervloer. En die neemt Claeys uiteraard af en toe voor de buik om er liedjes op te spelen. Waaronder een nieuwjaarswens aan de keizer.

Met IJZER bewijst Wim Claeys _ die voor zijn voorstelling geregisseerd werd door Mich Walschaerts van Kommil Foo _ in deze tijden van dreigende besnoeiingen in de cultuursector _ dat je ook met weinig financiële middelen een publiek met succes kan entertainen.

Info en boekingen voor voorstellingen: www.wimclaeys.be

 

 

 

 

 

Corrigeer

Auto's in de kijker

Vastgoed

Jobs in de regio