Louis Tobback (72) weet over een jaar of hij opnieuw burgemeester wil worden

‘Niets sterker dan een mens die gelijk heeft’

‘Niets sterker dan een mens die gelijk heeft’

Binnenkort beslist de conciërge van een Vlaams overheidsgebouw wat wij mogen doen in ons stadhuis. Foto: photo news

Leuven - ‘Als ik ervan overtuigd ben dat ik gelijk heb, mogen ze met duizenden tegen me in de aanval gaan en Jan en klein Pierke in de strijd gooien.’ Zo. We zijn erin geslaagd om in een zin samen te vatten waarvoor Louis Tobback (SP.A) als burgemeester van Leuven staat. Of hij nog lang de onverzettelijke eerste burger van de stad blijft, weten we over een jaar.

Plaats van afspraak met Tobback? Sinds enkele jaren is dat de schepenzaal in het nieuwe stadskantoor. Iedereen die er al eens is geweest, weet waarom. Het uitzicht is er adembenemend en een burgervader kan zich geen betere plek wensen om de ontwikkeling in zijn stad in de gaten te houden. ‘Dat doet me wel wat’, geeft Tobback toe. ‘Als ik hier bezoekers over de vloer krijg, en ik zie ze stil rondkijken, heb ik een gevoel van genoegdoening. Trots? Ik wil niet van pretentie beschuldigd worden, maar Leuven is erg veranderd de afgelopen vijftien jaar. Ik denk dat ik daar als starter van de motor aan heb bijgedragen.’

Stellingen

Maar, zegt de burgemeester, wie met zijn ogen kijkt, ziet vooral nog veel werk. ‘Alleen al aan de Vaartkom komen er nog heel wat spektakelstukken. Ik heb soms moeite om te geloven dat die er echt komen. Maar anderzijds, ik had vijftien jaar geleden ooit nooit durven dromen dat de Centrale Werkplaatsen zouden worden wat ze nu zijn. Dat geldt ook voor de Parkabdij, de Remy-site in Wijgmaal en de Philipssite.’
 

Vindt u het nooit jammer dat je als burgemeester nooit klaar bent met je stad? Nieuwe uitdagingen en noden blijven toch komen.
‘Dat speelt minder als je goed weet welke richting je uit wil. Een stad is nooit af, het is een levende gemeenschap. Nieuwe problemen kan je oplossen door ze in te passen in een kader dat je vastlegt in je toekomstvisie. In onze zusterstad Den Bosch was er onlangs goed nieuws. De Sint-Janskathedraal is eindelijk af, alle stellingen zijn er weggenomen. Aan de inwoners werd de raad gegeven om snel te gaan kijken, want over twee jaar zijn de stellingen er opnieuw voor een volgende restauratieronde.’


Wantrouwen

‘Dat geldt ook in Leuven. Tegen de tijd dat het Hertogeneiland in de benedenstad helemaal klaar is, zal het nieuwe stadskantoor alweer versleten zijn. Daarmee moet je leren leven, want het is eigen aan een stad. Maar het stoort me wel dat er veel niet meer opgemerkt wordt. De Dijleterrassen aan de Lei zijn een mooi project. Maar ik denk dat behalve Dirk Robbeets (SP.A), die ervoor bevoegd is, maar weinig schepenen er al zijn geweest. De Kop van Kessel-Lo, de opening van de crèche aan de Philipssite, het zijn de gewoonste zaken van de wereld geworden.’
 

U heeft zich de afgelopen maanden weer van uw vurigste kant laten zien, onder meer in de discussies over het Fochplein en het zebrapad in de Rijschoolstraat. Is het echt nodig om zo ongezouten te zijn?
‘Ik kijk met verbazing naar de erkenning van het carnaval in Aalst als werelderfgoed van Unesco. Dat is puur en alleen de verdienste van de Aalstenaren die hun tradities al eeuwen in stand houden. Maar nu de erkenning er is, is er opeens een Vlaamse pennenlikker nodig om te beletten dat die Aalstenaren hun carnaval om zeep helpen. In de volgende legislatuur zullen we moeten werken aan het stadhuis. Maar we mogen aan geen beeldje raken zonder dat iemand van een Vlaamse administratie zijn zeg heeft gedaan. Een stadsmagistraat kan niets doen zonder het dwingende advies van een niet-verkozen ambtenaar in Brussel, zover zijn we gekomen. Het stadhuis is meer dan 550?jaar geleden gebouwd is door onze voorouders. En ongelooflijk maar waar, er was toen nog geen Vlaamse administratie. Maar wij, de opvolgers van de bouwers, zijn barbaars in de ogen van Vlaanderen en niet bekwaam en kunstzinnig genoeg om te beletten dat ons eigen stedelijke patrimonium gesloopt wordt. Awel, ik beschouw dat als een affront. Vlaanderen vindt de steden en gemeenten dus te dom en vertrouwt ze al helemaal niet.’ Zo zijn wij ook niet bekwaam om te weten wat we moeten doen om jonge gezinnen in onze stad te houden. Al zestien jaar lang roepen we in de woestijn dat we een grote nood hebben aan kinderopvang. Dat weten we omdat we er iedere dag mee geconfronteerd worden en omdat mensen om die reden wegtrekken. Maar dan zegt een bureaucraat in Brussel dat Leuven voldoet aan de Barcelona-norm en op papier een voldoende hoog percentage opvangplaatsen heeft. We hebben honderden extra plaatsen nodig, maar hebben er op tien jaar tijd hooguit twintig gekregen.
 

Grootmoeder

'Ook in het dossier van het Fochplein gaat het me om de procedure. Het verdrag van Malta bepaalt dat er gegraven moet worden bij grote werken. Prima. Maar wat mij mateloos ergert is dat een Vlaamse ambtenaar beslist dat er 75?dagen gewerkt zal worden en dat de stad dat mag betalen. En omdat er iemand een fout gemaakt heeft, doen ze er nog eens 69?dagen bij. En weer mag de stad dat betalen. De bevoegde minister? Die schuift alle verantwoordelijkheid af naar zijn ambtenaren die steeds machtiger worden. Binnenkort beslist de conciërge van een Vlaams overheidsgebouw wat wij mogen doen in ons stadhuis. Ik ben ervan overtuigd dat minister Geert Bourgeois (N-VA) de wil heeft om een interne staatshervorming door te voeren. Hij wil dat doen door de provincies af te schaffen en gemeenten te laten fuseren. Leuven heeft niets aan de provincie, maar mij interesseert het ook niet om ze af te schaffen. Bourgeois zou eens eerst voor zijn eigen dorpel moeten vegen, zijn administraties ontvetten en de steden en gemeenten geld, maar vooral vertrouwen geven om een eigen beleid te voeren.’
 

Dus u schopt doelbewust keet?
‘Maar natuurlijk. Als ik me laat gaan in een ellenlange uiteenzetting over decreten, verdragen van Malta, de onverantwoordelijkheid van de Vlaamse overheid en de betutteling van de steden en gemeenten, dan luistert er geen kat naar me. Maar als ik het heb over de handtas van ons grootmoeder, dan kijkt iedereen op. Alleen als iedereen het gehoord heeft, kunnen we misschien ooit met genoeg zijn om iets te veranderen. Het Vlaams parlement zit vol burgemeesters en schepenen. Waarom zouden die geen decreetvoorstel indienen en zo beslissen dat ieder bindend advies van een Vlaamse administratie voortaan uit den boze is. Het parlement kan dat, want het is autonoom. Al vraag ik me af of het zal gebeuren, want ieder parlementslid heeft wel ergens een dossiertje liggen op een kabinet. Ze willen goed staan bij de ministers omdat dat dossier anders helemaal onderaan de stapel belandt.’
 

Maar u begrijpt toch dat u met de manier waarop u de dingen verwoordt ook heel wat mensen tegen u in het harnas jaagt?
‘Kijk. Ik ben een democraat en ik leef in een democratie. Het is maar goed dat er ook mensen het niet met me eens zijn. In het geval van het zebrapad in de Rijschoolstraat had ik vooral moeite met de toon waarop die mensen hun zeg wilden hebben. Bordjes ophangen met daarop Rijdoodstraat. Dat haalde zelfs niet het niveau van de welpenclub. Mij gaat het om consequent zijn. In een zone-30 worden geen nieuwe zebrapaden aangelegd. Punt aan de lijn. De Debériotstraat was anders, omdat daar altijd een zebrapad heeft gelegen.’
 

Jan en Pierke

‘Te veel mensen lijden aan het NIMBY-syndroom (Not in my backyard, niet in mijn achtertuin, nvdr.). Als mijn probleem maar opgelost geraakt, of dat nu problemen stelt voor anderen of niet. In een samenleving moet het algemeen belang primeren. En wie bepaalt wat het algemeen belang is in een stad? Juist, de gemeenteraad, en bij delegatie het college. De schepenen en ik dus.’
 

Heeft u nooit schrik om daarop afgestraft te worden? Bij de verkiezingen bijvoorbeeld.
‘In 1974 zijn we begonnen met het verkeersvrij maken van de Diestsestraat. Er kwam een orkaan van protest, ook omdat een frietkot en een sandwichkot aan de Sint-Pieterskerk weg moesten. Iedere handelaar zou eraan kapot gaan. Ik heb zelfs rechtszaken aan mijn broek gehad. Maar we hebben doorgezet omdat we ervan overtuigd waren dat een winkelstraat zonder wagens de toekomst was. De Diestsestraat is verkeersvrij gemaakt in 1976, het jaar van de verkiezingen nota bene. Na tien jaar bleek het een gigantisch succes. Toen deden de tegenstanders van weleer opeens alsof ze ieder kasseitje eigenhandig hadden gelegd (lacht). Jaak Henckens, CVP’er in Tienen en veel te vroeg gestorven, heeft me ooit gezegd: Er is niets sterker dan een mens die gelijk heeft. Als ik ervan overtuigd ben dat ik gelijk heb, mogen ze met duizenden tegen me in de aanval gaan en Jan en klein Pierke in de strijd gooien, maar ik zal niet toegeven. Ik zie niet graag stadsbesturen door de knieën gaan, zoals dat in Aarschot en Diest vaak gebeurt. Je bent verkozen door de inwoners om te besturen en te beslissen. Ze willen niet dat je toegeeft aan egoïstische hardschreeuwers. Als we bij de volgende verkiezingen rammel zouden krijgen, is dat volgens mij alleen het signaal dat de mensen ons beu zijn. Mijn partij hoeft geen schrik te hebben om oppositie te voeren, al ga ik er niet zelf meer aan beginnen. Maar als ik gelijk heb in mijn gelijk, hoef ik geen schrik te hebben. En al naargelang de mate waarin ik gelijk heb, zal me dat stemmen opleveren. Ik ben ervan overtuigd dat mensen net meer op je stemmen als je je consequent toont. Al heeft het geen enkele zin om te proberen alle stemmen voor je te winnen. Ik kan toch moeilijk de groenen gaan bedriegen door hen te beloven dat ik alle auto’s zal bannen in de stad?’


Nu zijn we er: de gemeenteraadsverkiezingen. Patricia Ceysens (Open VLD) noemde u een grote eik die de andere bomen in het bos het groeien belet.
‘Ik voel me vereerd. Is er iemand die eraan twijfelt dat de eik de mooiste en meest indrukwekkende boom is die we in onze contreien kennen? De Sequoia sempervirens (mammoetboom, nvdr.)? Die telt niet, dat is een exoot (lacht). Maar als die theorie klopt, wat doe je dan met Frank Vandenbroucke, Johan Vande Lanotte, Saïd El Khadraoui, Dirk Robbeets, Denise Vandevoort en Mohamed Ridouani? Zijn die niet tot wasdom gekomen misschien? Op andere plaatsen waar er niets groeit, moet men zich de vraag misschien eens stellen of er niets scheelt met de scheuten. En daarbij, niets belet de jonge eik om de oude eik weg te duwen, daarvoor hoeft niemand mijn zegen te vragen. Maar nu ik erover nadenk, het is onder een beuk dat niets groeit (lacht).’
 

Rust

‘Bovendien, de Franse schrijver en Nobelprijswinnaar André Gide zei ooit dat je het talent moet ontmoedigen. Je mag het hen niet te gemakkelijk maken, maar moet hen net uitdagen. Het feit dat de oude eik in zijn leven harde klappen heeft moeten opvangen en er nog steeds staat, daarvan kan iemand die jong is en de nodige ambitie heeft profiteren.’
 

Maar u beseft toch dat de Leuvenaar daarmee bezig is: of u ook na 2012 nog burgemeester wil zijn?
‘Ik denk dat ik over een jaar, in de herfst van 2011 klaar ben om mijn beslissing te nemen. Die maak ik kenbaar tegen januari 2012, ruim op tijd voor de verkiezingen. Ik zeg niet iedere keer dat ik opnieuw burgemeester wil worden wanneer ik me goed voel, de mensen me nog niet beu zijn en ik er nog zin in heb, om de spanning erin te houden. Als er volgende maand verkiezingen zouden zijn, doe ik zeker mee. Maar ik moet ook echt rekening houden met mijn gezondheid en met mijn goesting. Bovendien gaat iedereen er altijd van uit dat wanneer ik mee doe met de verkiezingen, ik meteen opnieuw burgemeester word. Dat is niet vanzelfsprekend, de kiezer beslist dat en iedere verkiezing moet gewonnen worden. Als de mensen de vernieuwing en de bouwkranen beu zijn, en nu graag zes jaar rust willen, dan kan dat. Maar ik beloof nu al: dat zal niet het programma zijn waarvoor ik sta.’
 

Corrigeer

Auto's in de kijker

Vastgoed

Jobs in de regio