Een ranglijst van het Nederlands van de Franstalige ministers

Melchior Wathelet praat het beste Nederlands

Melchior Wathelet praat het beste Nederlands

Foto: bdw

‘Spreek meer Nederlands.' Dat is het advies van minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR) aan zijn Franstalige collega-politici. Maar eigenlijk is de beheersing van het Nederlands van onze Franstalige excellenties de jongste jaren gevoelig verbeterd. Niet dat zij nu plots beter Nederlands spreken dan hun Vlaamse collega's Frans, maar de kloof is veel kleiner geworden. Het enige wat daarvoor nodig was, was een communautaire crisis. Onze inschatting van het Nederlands van de ministers, in volgorde van hun vaardigheid.

1. Melchior Wathelet (CDH)
Dat Melchior Wathelet de beste van de klas is, heeft alles te maken met zijn jeugd. Zijn vader – ex-minister Melchior – was overtuigd van het belang van het Nederlands in de politiek. Een beetje tegen zijn zin stuurde hij zoonlief voor zijn derde jaar secundair onderwijs naar een school in Bilzen, waar hij bij een gastgezin verbleef. Wathelet spreekt ondertussen erg goed Nederlands en maakt er ook een zaak van om elke Nederlandstalige in zijn eigen taal aan te spreken. In de tv-studio’s, maar ook aan de onderhandelingstafel.
 Ons rapport: uitstekend, met een enkele klunzigheid.

2. Paul Magnette (PS)
Dat Magnettes Nederlands bijna net zo goed is als dat van Wathelet mag een klein mirakel heten. Twee jaar geleden, toen hij de universiteit voor de federale regering inruilde, sprak hij geen gebenedijd woord Nederlands. Maar een paar taalbaden – op internaat! – hebben daar verandering in gebracht. Bovenop het zweet dat hij liet in die lesuren, heeft Magnette ook een talenknobbel. Hij spreekt vloeiend Italiaans en Engels. Ondertussen kan Magnette elk optreden in Vlaanderen aan: hij spreekt beter Nederlands dan de gemiddelde journalist Frans.
Ons rapport: uitstekend, met wat charmante fouten.

3. Didier Reynders (MR)
Reynders onderging in het begin van zijn carrière een taalbad. Hij maakt nog altijd een pak fouten tegen de grammatica, zeer zeker, en begint ontelbare zinnen met de standaarduitdrukking 'we moeten gaan naar...'. Hij compenseert dat echter met zijn zelfvertrouwen en geeft daardoor een vlotte indruk. Het helpt ook dat hij een Antwerpse schoondochter heeft, die hem twee tweetalige kleinkinderen schonk. Reynders spreekt nog een tikje beter Nederlands dan zijn partijvoorzitter, die steevast de telefoon opneemt met de formule 'Charles Michel aan de hoorn'.
Ons rapport: tussen echt goed en heel erg degelijk.

4. Joëlle Milquet (CDH)
Haar Nederlands is best aardig, zelfs al verkoos ze in het middelbaar Engels boven Nederlands als tweede taal. Ze spreekt het Nederlands beter dan het cliché over haar wil. Milquet studeerde dan ook een jaar rechten in Amsterdam en bleef nadien nog een paar maanden hangen. Aan taalbaden of privélessen doet de minister van Binnenlandse Zaken niet. Ze oefent haar Nederlands met haar medewerkers op het kabinet. Ze ging er de voorbije twee jaar gevoelig op vooruit. Waardoor ze zich ook aan optredens in Terzake kan wagen, zoals gisteravond.
Ons rapport: degelijk, en zeker beter dan algemeen aangenomen.

5. Laurette Onkelinx (PS)
Als iemand Nederlands zou moeten kunnen, dan Laurette Onkelinx. Haar vader Gaston Onkelinx is een Limburger die in 1953 uitweek naar Ougrée (bij Luik), waar hij het tot burgemeester schopte. Onkelinx is soms onbeholpen en een kranteninterview in het Nederlands zit er niet in. Ze neemt wel elk jaar in de zomer een week privélessen in Brussel. Door de politieke context kwam het er dit jaar niet van, maar ze zou van plan zijn haar achterstand in te halen. Dat zal moeten, als ze wil vermijden dat Elio Di Rupo haar voorbijsteekt.
Ons rapport: dringend aan een update toe.

6. Elio Di Rupo (PS)
Over het Nederlands van de premier is veel inkt gevloeid. Vast staat dat deze dokter in de chemie geen talenknobbel heeft. Di Rupo kan een goed voorbereid gesprek in het Nederlands wel aan, maar gaat de mist in als er geïmproviseerd moet worden. Dat bleek tijdens zijn uiterst nerveuze verschijning in het Glazen Huis tijdens Music For Life, waar hij niet alles leek te begrijpen. Al had dat misschien ook met de omstandigheden te maken. Di Rupo volgt een paar uur privéles in de week en doet zijn best.
Ons rapport: het doet nog altijd pijn aan de oren.

 

7. En dan zijn er ook nog:
Sabine Laruelle (MR), minister van Middenstand
Olivier Chastel (MR),minister van Begroting
Philippe Courard (PS), staatssecretarisvoor Gezinnen en Personen met een
Handicap

Voor hen geldt één advies: blijven oefenen. Want tot nog toe lieten ze zich op weinig kennis van het Nederlands betrappen.
Ons rapport: het zal nodig zijn dat ze er de moed in houden.

 

 

Corrigeer

MEER NIEUWS