Jef Burm: ,,Mensen lachen alleen wanneer ze zitten’’

Komiek Jef Burm is tachtig. Daaraan heeft hijzelf weinig verdienste. Maar zijn heldere denken, de directheid waarmee hij de dingen zegt, dat is zijn merite. Ouderdom hoeft het verstand niet af te slijten. Volgend weekeinde krijgt Jef Burm een grote hommage in Meise. Nu al bij ons. ,,Vlamingen hebben hard moeten vechten voor Brussel. Laat ons het laatste gevecht om de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde nu ook maar voeren.’’

Eerst spreekt de grootvader: ,,Op restaurant gaan met de kleinkinderen, daar hou ik van. En dan eet ik het liefst zwezerik. Zij katapulteren me altijd terug naar mijn kindertijd. Vader was beenhouwer. Hij verwerkte de zwezerik in de vol-au-vent, hét feestgerecht van die dagen. Maar in periodes van weinig feesten kreeg hij de zwezerik niet verkocht. Omdat we geen koelkast hadden, mochten wij zwezerik eten tot we barstten.’’

Dan spreekt de huisman: ,,Ik heb hier thuis mijn bezighouding. Met de tuin en de beesten: eenden, ganzen, kippen, een haan. Nee, zelf slacht ik de beesten niet. Gaia heeft gelijk wanneer zij zeggen dat dieren niet mogen lijden. Daarom laat ik het slachten over aan de professionals. Ook al omdat ik nog steeds met dat trauma uit mijn kindertijd zit. Toen moest ik de schapen vasthouden terwijl mijn vader hen de keel oversneed. Mijn vader zei dat ik maar moest wegkijken. Maar ik voelde die dieren toch in mijn handen sterven.’’

Nu spreekt de artiest: ,,Ja, ik treed nog op. Laat ons zeggen: eenmaal per maand. Niet meer de volle twee uren, maar een korter, aangepast programma. Daarbij teer ik niet op het verleden. Ik blijf mijn humor dicht tegen de actualiteit houden. Nu heb ik weer een persiflage gemaakt op Zie ginds komt de stoomboot. Dan zing ik over het vliegtuig dat uit Spanje komt aangevlogen en de mensen in de noordrand van Brussel wakker houdt. Nee, zelf hebben we van de nachtvluchten niet zo veel last, hier in Meise.’’

Weggepest uit Oudergem

De rand van Brussel is constant in het nieuws. Nu weer met die burgemeesters die de Europese verkiezingen willen boycotten.

Jef Burm: ,,Ze hebben mijn volle steun. Laat me misschien iets vertellen uit mijn verleden. Ik woonde toen in Oudergem, en werd er gedoogd door mijn Franstalige buren. Het was de tijd van de marsen op Brussel. Ik ging erheen om van op de stoep toe te kijken. Maar bij de tweede mars trokken ze me er toch in. Bovendien kreeg ik een leeuwenvlag in de handen geduwd. Dat beeld is op de RTBF uitgezonden. Mijn buren zagen het en fronsten de wenkbrauwen: quand même, monsieur Burm is toch een verstandig man, hoe kan hij nu zoiets doen? Hij moet toch weten dat de plaats van de Vlamingen onder de koeien is en niet in de hoofdstad!’’ ,,Vanaf die dag begon het pesten. Ruitenwissers ombuigen, banden kapotsteken, voor het minste een parkeerbon. Op de duur was die situatie niet meer houdbaar. We zijn daar moeten weggaan. Waarmee ik maar wil zeggen: Vlamingen hebben hard moeten vechten voor Brussel, laat ons dit laatste gevecht nu ook maar voeren. Anders zijn al die nachtzittingen van destijds voor niets geweest.’’

,,En laat me nog iets aanhalen over mijn vader. Opdat de mensen zouden verstaan vanwaar we komen in onze strijd. Mijn vader heeft alles gedaan om in het jaar 1910 toch maar geloot te worden om naar het leger te mogen gaan, om daar Frans te kunnen leren. Want –zo zei hij het– pas dan zou hij zich mens voelen. Vier jaar was hij soldaat en toen hij afzwaaide begon de oorlog. Hij heeft toen vier jaar aan de IJzer gelegen.’’

Verloren zonder vrouw

Iets heel anders: uw vrouw heeft u altijd ,,gediend’’, als ik dat zo mag zeggen?

,,Ja. Ze was mijn assistente, mijn secretaresse, mijn chauffeur. Zonder haar was ik compleet verloren. Eén keer kreeg ik een aanval van hyperventilatie, voor een optreden in Antwerpen. Mijn vrouw was toen eventjes een boodschap gaan doen. Plots zag ik haar in de tram voorbijrijden. Ik kroop overeind en sprong mee op de tram. Mijn vrouw wist de juiste woorden te zeggen om mij weer tot rust te brengen.’’ Nog in Antwerpen was u lang een graag gezien gast op het Nationaal Zangfeest. Onlangs kwam het Vlaams Blok daar de Brusselse burgemeesters steunen. ,,Ik weet waar u heen wil. Ik heb inderdaad ooit eens opgetreden voor het Vlaams Blok. Net zoals ik heb opgetreden voor de koning en voor de socialisten. Het optreden voor het Blok, dat was helemaal in hun beginperiode. Ze dachten toen geen volk te hebben en om toch maar wat publiek te lokken, zetten ze mij als trekker op hun affiche. Vandaag zou ik niet meer voor hen optreden. Omdat een artiest zich niet tot één kleur mag beperken. Ik wil vrij zijn en overal kunnen zeggen wat ik wil zeggen.’’

Dictatuur van ABN

U was een van de grote pleitbezorgers van het Algemeen Beschaafd Nederlands. Ik heb de indruk dat het dialect weer in opmars is. ,,Ik deel uw mening. Er lopen op de Vlaamse tv heel wat Nederlandstalige reeksen, met Nederlandse ondertiteling omdat ze anders niet te verstaan zijn, want iedereen spreekt zijn dialect. Terwijl wij helemaal aan de andere kant zijn begonnen. Herman Teirlinck zei tegen mij: jij moet doen wat nog nooit is gedaan, moppen in het beschaafd Nederlands gaan vertellen. Dat was een moeilijke opdracht. Maar het lukte. Toen heerste er haast een ABN-dictatuur, die zo streng was dat zij De Strangers weerde omdat die in het dialect zongen. Nu keert het tij. Toch wil ik daartegen niet ten strijde trekken. Het zal altijd een slinger blijven die gaat en komt.’’

U hebt zo lang de zalen platgespeeld. Geef eens een goede raad aan beginnende komieken.

,,Speel nooit voor een staand publiek, want mensen lachen alleen wanneer ze zitten. Die les heb ik tot mijn eigen scha en schande moeten leren. Dat was in de periode dat wij voor een groot elektriciteitsbedrijf in Gent speelden, op woensdagavond. Toen kwamen de vrouwen omdat de mannen toch maar naar het voetbal zaten te kijken. Die vrouwen kregen van dat bedrijf een gloeilamp van 125watt cadeau. In de hoop dat ze er heel hun huis mee zouden volhangen en zo meer elektriciteit zouden verbruiken. Tijdens de weekeindes hield dat bedrijf een soort demonstratie van elektrische toestellen. Daartussen moesten wij spelen. Tussen het staande publiek. Wel, de zittende vrouwen lachten zich op woensdag te pletter. Maar het staande publiek reageerde nauwelijks op nochtans dezelfde moppen.’’ 

Corrigeer

IN HET NIEUWS

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees