Gezin

Slaan mag niet, maar disciplinerende tik helpt

Slaan mag niet, maar disciplinerende tik helpt

Foto: www.mamaenzo.nl

De tegenstanders van een ‘pedagogische tik’ zullen het niet graag horen: een Amerikaanse studie komt tot de conlusie dat kinderen die als kleuter soms zo’n ‘tik’ kregen, op latere leeftijd succesvoller zijn.
De ‘pedagogische tik’, of een klap op de hand of billen van een jong kind, blijft omstreden: ook in ons land gingen er al stemmen op om elke vorm van fysiek geweld tegen kinderen, en dus ook deze tik, te verbieden.

Onder meer Sabine de Béthune, senatrice voor CD&V, diende zo’n wetsvoorstel in. Het wordt gesteund door kinderrechtenactivisten en door hulpverleners die met mishandelde kinderen werken. Deze laatsten gaan ervan uit dat een tik het begin kan zijn van erger, temeer omdat de centra voor kindermishandeling het afgelopen jaar een stijging zagen van het aantal mishandelde baby’s en peuters.

Marjorie Gunnoe, hoogleraar psychologie en gespecialiseerd in de ontwikkeling van kinderen, ziet echter geen reden voor zo’n verbod. Zij komt tot de conclusie dat zo’n disciplinerende tik veeleer positieve gevolgen heeft, op voorwaarde dat hij enkel aan jonge kinderen wordt gegeven en niet te pas en te onpas.

Gunnoe bracht 2.600 jongvolwassenen bij elkaar, aan wie ze vroeg of ze als kind af en toe zo’n tik kregen, en wanneer dat voor het laatst gebeurde. Vergelijkend onderzoek over dit thema was eerder niet mogelijk, omdat in vorige generaties bijna iedereen wel eens een tik van vader of moeder kreeg. Gezinnen die hun kinderen bewust en helemaal geweldloos grootbrachten, waren vroeger niet talrijk genoeg.

Duidelijk is dat de ene tik de andere niet is. Het positieve effect geldt enkel wanneer de tik aan jonge kinderen wordt gegeven, niet ouder dan een jaar of zes. Op latere leeftijd nog een draai om je oren krijgen, werkt in toenemende mate negatief.

De resultaten voor zij die tot de leeftijd van 11 jaar wel eens een klap kregen, zijn onduidelijk: deze kinderen doen het op schools vlak ook wat beter dan de nooit-gedisciplineerden, maar blijken als tiener wel meer gedragsproblemen te stellen; ze raakten bijvoorbeeld vaker in gevechten betrokken.

Wie als tiener nog klappen krijgt, doet het op alle vlakken slechter dan om het even welke andere groep.

Gunnoe, die verbonden is aan een traditioneel-christelijke universiteit in Michigan, denkt dat ouders die elke vorm van disciplinering bij voorbaat uitsluiten, hun kinderen niet genoeg zelfdiscipline bijbrengen, waardoor deze later de vaardigheden missen om zichzelf bij te sturen en succesvol te zijn in studies en werk.

‘Ik beschouw het geven van klappen ook als een gevaarlijke methode, maar er zijn situaties waarin een gevaarlijke methode noodzakelijk is. Alleen moet er voorzichtig mee worden omgesprongen’, aldus nog Gunnoe in The Sunday Times.

De vraag blijft of je kinderen niet op andere manieren, zonder enigerlei vorm van geweld, kan disciplineren.
Corrigeer