Zomertijd al langer omstreden

Zomertijd al langer omstreden

Foto: rr

In de nacht van aanstaande zaterdag op zondag zetten we de klokken een uur vooruit. Daarmee zitten we twee uur voor op de tijd in Greenwich, de GMT. Dat doet België al sinds 1940, met een rustperiode tussen 1946 en 1977. Toch steekt het verzet tegen het zomeruur ieder jaar weer de kop op.

Het zomeruur is ingevoerd opdat we langer zouden kunnen genieten van daglicht. Het idee kwam uit een essay van de Amerikaanse politicus en wetenschapper Benjamin Franklin in 1784, maar het waren de Duitsers die ten tijde van de Eerste Wereldoorlog voor het eerste het zomeruur omzetten in de praktijk. Niet veel later volgden verscheidene andere Westerse landen.

In 1980 heeft de toenmalige Europese Gemeenschap, de voorloper van de Europese Unie, een eerste richtlijn goedgekeurd om het begin van de zomertijd vast te leggen, aangezien veel lidstaten in de jaren ervoor de zomertijd ingevoerd hadden. In 2001 besloot het Europees Parlement om de richtlijn vast te leggen voor onbepaalde duur.

Tegenstand

Toch heeft het zomeruur altijd kunnen rekenen op de nodige tegenstand bij zowel politici als burgers. Tijdens een Eurobarometerenquête in 1990 was een ruime veertig procent van de inwoners in de toenmalige Europese Gemeenschap gekant tegen de zomertijd. In Frankrijk bestaat de Association Contre l’Heure d’Été Double (ACHED), België heeft de Belgische Vereniging tegen het Zomeruur (BVZT).

De Europese Commissie heeft sinds de milleniumwissel echter in verschillende deelstaten opiniepeilingen gehouden. In Estland bleek in 2001 dat er evenveel voor- als tegenstanders van de zomertijd zijn. In 2006 was 55 procent van de Litouwers er tegen (tegenover net iets meer dan dertig procent voorstanders). In Frankrijk daarentegen bleek in 2005 ongeveer tweederde van de inwoners positief of onverschillig tegenover de zomertijd te staan.

Stress

Er bestaan veel argumenten tegen het zomeruur. Zo zou de energiebesparing die voorstanders luidop prijzen, niet zo indrukwekkend zijn. Mensen zouden extra stress hebben en sneller ziek worden door de zomertijd. Door die stress zouden er ook meer verkeersongevallen plaatsvinden. Om die redenen heeft Rusland vorig jaar de zomertijd reeds afgeschaft.

In 2007 kwam de Europese Commissie met een analyse van de richtlijn over het zomeruur op de proppen. Daaruit bleek dat de economische sectoren van de lidstaten al sinds de eerste richtlijn in 1980 hun activiteiten afgestemd hebben op de zomertijd. De besparing op vlak van energie blijkt inderdaad heel beperkt te zijn. Men gebruikt inderdaad ’s avonds minder licht, maar ’s ochtends draait de verwarming een uur langer en de auto’s rijden ’s avonds vaker, waardoor er meer brandstof verbruikt wordt.

Positief

De analyse kon ook geen oorzakelijk verband tonen tussen de verkeersveiligheid en het zomeruur. De lichamelijke gevolgen van de uurwissel voor de mens zijn er wel, maar meestal gaat het over kleine kwalen die niet lang duren.

Geen enkele lidstaat van de Europese Unie vroeg ten tijde van het onderzoek ook naar een wijziging van de regeling. België was ook voorstander, maar zou het ook niet erg gevonden hebben als de zomertijd gedurende het hele jaar zou heersen. Letland en Italië bevestigden de positieve gevolgen van de zomertijd, voor respectievelijk het toerisme (verhuur van onder andere fietsen en boten) en de landbouw (de koudere ochtenden).

Corrigeer

IN HET NIEUWS

Verkiezingen in jouw gemeente:

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees