13 agenten riskeren zware celstraffen voor mishandelen daklozen

BRUSSEL - De Brusselse raadkamer heeft gisteren liefst dertien van de veertien federale agenten –zeven mannen en zeven vrouwen– van de spoorwegpolitie doorverwezen naar de correctionele rechtbank.

De (ex-)agenten moeten terechtstaan voor het herhaaldelijk mishandelen en vernederen van daklozen die zich ophielden in het Brusselse Zuidstation. De feiten dateren van 2006. ‘Uit frustratie met de lamentabele werking van Justitie' werden daklozen herhaaldelijk in het kruis getrapt of met geweld op de grond gegooid. Of ze werden geslagen met een stroomkabel.Van een zigeunermeisje van twaalf werd door een lachende agente zelfs het haar afgeknipt.

De vernederingen gingen maandenlang door, tot enkele geschokte collega's de ‘Algemene Inspectie' waarschuwden. Een deel van de agenten nam ontslag of werd geschorst en later overgeplaatst.

Het Centrum voor Gelijke Kansen en Racismebestrijding stelt zich burgerlijke partij en spreekt van puur racisme. De onthutsende waslijst aan aanklachten tegen de dertien is ellenlang. ‘De dertien worden beschuldigd van diefstal met geweld, willekeurige vrijheidsberoving, onmenselijke behandeling, gebruik van onwettig geweld en het opstellen van valse processen-verbaal en administratieve rapporten', verduidelijkt Brussels parketwoordvoerster Anja Bijnens. ‘In de meeste gevallen gaat het om agenten die meerdere misdrijven hebben gepleegd.' In theorie riskeren sommigen vijf jaar cel. De veertiende agent kreeg opschorting van straf.

Corrigeer

NIEUWS