Fit & Gezond

Chemokuur kan kanker net nog erger maken

Als reactie op een chemokuur ‘lossen' gezonde cellen in de omgeving van de tumor een eiwit waardoor de tumor weer groeit. Met die ontdekking hoopt een team onderzoekers uit Seattle te voorkomen dat tumoren resistent worden tegen chemotherapie.

Net als bij antibiotica werkt chemotherapie bij kanker na verloop van tijd vaak minder goed. Patiënten worden resistent tegen de behandeling die hen voordien nog hielp. Amerikaanse artsen van het Fred Hutchinson Cancer Research Centre hebben daar nu een mogelijke verklaring voor. Hun studie staat sinds gisteren op de site van het gerenommeerde Nature Medicine.

‘De reden dat chemo vaak faalt wanneer je uitgezaaide kanker behandelt, is dat je simpelweg geen dosis kan geven die hoog genoeg is', legt onderzoeksleider Peter Nelson uit. ‘De chemo is zo giftig dat ze naast de kanker ook de patiënt zou doden. Dus geven we kleinere dosissen, met een pauze tussen, zodat de gezonde cellen zich kunnen herstellen.'

Alleen worden zo niet alle kankercellen gedood. En bij diegene die overblijven, slaat een volgende chemokuur vaak niet meer aan. Met een grootscheepse studie bij patiënten met prostaatkanker vonden Nelson en zijn collega's een mechanisme dat dit zou kunnen verklaren.

De Amerikanen bekeken eiwitten die voorkomen in de omgeving van een prostaattumor: met name het WNT16B-eiwit blijkt vaak te worden aangemaakt zodra je chemo op zo'n tumor loslaat. Meer onderzoek leerde de dokters dat dit eiwit niet door de tumor zelf wordt aangemaakt, maar wel door gezonde cellen die eromheen zitten, fibroblastcellen.

‘De chemo valt immers niet alleen de tumorcellen aan, hij beschadigt ook die gezonde cellen', legt Marc Peeters uit, diensthoofd oncologie van het UZA. Die fibroblasten willen na de aanval van de chemo zichzelf repareren en produceren daarom het eiwit. ‘Een deel van dat eiwit lekt echter naar de tumorcellen, waar het ook de door de chemokuur veroorzaakte schade –voor een deel– kan repareren en de tumorcellen weer kunnen groeien.'

Volgens Peter Nelson wordt zo tot dertig keer meer WNT16B-eiwit geproduceerd als een patiënt chemo kreeg. ‘Iets wat we niet verwacht hadden', zei hij nog.

Voorlopig geldt de ontdekking alleen voor prostaatkanker, maar de onderzoekers bekijken al andere vormen van kanker.‘Dit is een nieuwe piste om te onderzoeken, een veelbelovende', zegt ook professor Peeters. ‘Het is een stimulans om nog meer tumorspecifieke chemo's te ontwikkelen die het gezonde, omringende weefsel zoveel mogelijk met rust laten. Een andere optie is om dat eiwit te blokkeren met een ander medicijn, zodat de chemo beter aanslaat en we kleinere, minder giftige dosissen moeten geven.'

Corrigeer

Het beste van Enkel voor abonnees