In het dak zitten 1.600 raampjes

Stadshal kost 3,7 miljoen euro

De Gentse stadshal is dit jaar ongetwijfeld het meest besproken gebouw van Vlaanderen. Foto: Lieven Van Assche

GENT -

Wat heeft die veelbesproken stadshal gekost en wat zit er precies allemaal in? En waarom staat die betonnen klokkentoren daar naast de sacristie van de Sint-Niklaaskerk? We vatten enkele cijfers en feiten over het meest besproken gebouw van Vlaanderen samen.

Het Kobra-project omvat zowel de werken aan en rond de Korenmarkt, als de herinrichting van het Braunplein, het Gouden Leeuwplein en de Poeljemarkt. In een derde fase (2013-2014) volgt de herinrichting van de Belfortstraat.

Kobra 1 (Korenmarkt, Cataloniëstraat en Sint-Michielshelling) kostte 6 miljoen euro. Kobra 2 (stadshal, parkje, omringende pleinen en Belfortstraat) kost 12 miljoen euro. De stadshal kost 3,7 miljoen euro, de vijf meter lager gelegen ondergrondse casco waarin het stadscafé (dat begin oktober opent), de fietsenstalling (112 fietsen en 4 bakfietsen), publiek sanitair en artiestenfoyers komen, kost 3,2 miljoen euro.  

 Openbare vervoersmaatschappij De Lijn betaalt 5,3 miljoen euro. Van het Europees fonds Efro komt 2,3 miljoen euro. De Vlaamse overheid stopt 1,7 miljoen euro in het project. Dat geld komt van de departementen Mobiliteit, Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening. Dat wil zeggen dat Stad Gent er 8,7 miljoen euro in stopt.

De stadshal is een grote, open constructie op het Emile Braunplein, zeg maar een hedendaagse lakenhalle, met twee spitse daken die verwijzen naar de daken van het stadhuis.

De overkapping bestaat uit een stalen constructie die op vier betonnen sokkels rust, is 40 meter lang, 15 meter breed en ongeveer 20 meter hoog. De sokkels zijn vier meter hoog en bevatten twee liften en leidingkokers naar de ondergrondse verdieping. De overkapping zelf is bedekt met een afwerking van Afrormosiahout, dat een glazen ‘deken’ kreeg. Volgens de architecten Robbrecht, Daem en Van Hee moet het glas de kleuren en de tinten van de lucht opnemen, waardoor het uitzicht voortdurend wijzigt. In het dak zullen 1.600 kleine raampjes zitten, die moeten zorgen voor een dynamische lichtinval en een lichtspel op de grond.

Jammer

Architect Paul Robbrecht vindt het jammer dat de inhuldiging te vroeg komt, al begrijpt hij de politiek. ‘De hal had volledig klaar moeten zijn, het gras in de green of het ‘kuierparkje’ had zichtbaar moeten zijn en het café had open moeten zijn.’ Het voordeel van een datum vast te prikken was dat er hard is doorgewerkt. ‘Ik hoop dat de mensen zoveel mogelijk zullen rondlopen en het geheel zullen ontdekken’, zegt hij.

Hij spreekt fel tegen dat de stadshal het uitzicht op de monumenten lelijk verknoeit, zoals de tegenstanders zeggen. ‘We hebben nauwgezet de princiepen van de renaissance-architectuur toegepast en werkelijk alle verhoudingen gedetailleerd bekeken en berekend. Je ziet de monumenten trouwens goed, zij het soms in een ander, verrassend kader. De schaal is gebaseerd op de omvang van de omliggende gebouwen. Het is een consistent gebouw dat zich inpast in de omgeving. Ik hoop dat de mensen de stadshal, de green en de pleinen eromheen snel als hun plek gaan beschouwen.’

Rest nog de vermaledijde’ klokkentoren, bestemd voor de tien ton zware Mathildisklok, waar nu Klokke Roeland in hangt. Robbrecht spreekt van de vijfde poot van de stadshal. ‘We hebben die kritische plek tegen de 19de-eeuwse sacristie bewust gekozen, ook om dat Gouden Leeuwplein een accent te geven. Daar zit een lift in voor voetgangers, fietsers en rolstoelgebruikers die naar het nieuwe kuierpark willen.’

Corrigeer

Auto's in de kijker

Vastgoed

Jobs in de regio