In Duitsland gelegerde militairen krijgen geen erkenning van minister

‘Wij willen ook veteranen zijn'

Militairen met een Duits verleden: ‘Ook wij verdienen de titel van veteraan.'

De militairen die tussen 1945 en 1990 gelegerd waren in Duitsland zijn boos: minister Pieter De Crem (CD&V) ziet hen niet als ‘veteranen' omdat ze geen oorlog hebben gevoerd. ‘Maar het waren wel langdurige en intensieve verblijven', zegt de voorzitter van de Koninklijke Federatie van Militairen in het Buitenland.

Zo fier als ze nog waren toen hun Federatie van koning Albert II het predicaat ‘Koninklijke' kreeg, zo ontzet zijn ze nu. Vele jaren lang hebben de leden van de Koninklijke Federatie van Militairen in het Buitenland (KFMB) den Duitsch bezet gehouden in de jaren na de wereldoorlogen. Maar Defensieminister Pieter De Crem (CD&V) vindt dat geen reden om ze te erkennen als veteraan. Voorzitter Willy Vanhorebeek is ‘gechoqueerd'.

‘Een intensieve dienst en een verblijf van lange duur, uitgevoerd in omstandigheden die veeleisend waren op fysiek én familiaal vlak en die nodig waren om de belangen van het vaderland te beschermen', zo omschrijft Vanhorebeek de carrière van zijn leden.

Hij heeft nu een brief gestuurd naar acht Belgische parlementsleden, in de hoop dat zij hem wel steunen in zijn queeste.

Begin jaren 50 waren er zowat 40.000 militairen gelegerd in de ‘BSD-sector/secteur FBA' in Duitsland. De hele zone tussen Aken, Keulen, Soest, Siegen en Kassel stond onder controle van de Belgische krijgsmacht: bezet gebied nadat Duitsland de Tweede Wereldoorlog had verloren.

Toen West-Duitsland in 1955 lid werd van de Navo, kregen de militairen een nieuwe functie als verdedigingswal tegen de DDR. De soldaten woonden er met hun familie in woningen die eigendom waren van het leger en werden extra betaald voor hun buitenlands verblijf. Pas na de val van de Muur in 1989 werd de Duitse stationering afgebouwd.

Eretitel zonder voordelen

Een carrière in Duitsland is reden genoeg om erkend te worden als veteraan, vindt Vanhorebeek. Maar minister De Crem is het daar niet mee eens. ‘De Belgische strijdkrachten waren gestationeerd op het Duits grondgebied, maar zonder echt in operatie te zijn', schreef hij in november aan Vanhorebeek. ‘Ze waren meestal vergezeld van hun familie, met alle voordelen en gemakken die daaraan verbonden zijn. De activiteiten kunnen beschouwd worden als oefeningen en manoeuvres.'

De titel ‘veteraan' is overigens niet meer dan een eretitel. Nu wordt die toegekend aan militairen die minstens vier maanden hebben deelgenomen aan buitenlandse operaties zoals Afghanistan of Libanon. Voordelen zijn er niet aan verbonden, al wordt er overlegd om hun medische kosten terug te betalen. Als ook de KFMB-leden als veteraan worden erkend, zou dat tot gevolg kunnen hebben dat ook andere ex-militairen de titel aanvragen.

Corrigeer

IN HET NIEUWS

Verkiezingen in jouw gemeente:

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees