Veilig fietsen

Voor wat volgt ben ik ervaringsdeskundige. In de voor­bereiding op de 1.000 km tegen kanker in het afgelopen weekeinde van Hemelvaart, heb ik de voorbije maanden duizenden kilometers gefietst, in alle Vlaamse provincies. Ontelbare keren heb ik gevloekt op de kwaliteit van de routes. Als er al een (soort) fietspad lag, was het vaak structureel slecht of onvoldoende onderhouden. Putten, scheuren en steenslag waren legio. Ik had voor het Fietspadenrapport van Het Nieuwsblad kilometers film kunnen draaien over de markantste lelijkaards onder de fietsroutes. In mijn cynisme noemde ik elke bonk tegen mijn wielen een ‘crevitske’.

Ja, de Vlaamse minister van Mobiliteit Hilde Crevits (CD&V) kan repliceren dat de overheid de jongste jaren veel meer aandacht aan het fietsen besteedt. Lieten de gemeenten jaren geleden het geld dat ze kregen voor fietspaden zelfs onbenut – begrijpe wie kan – dan is dat nu niet meer het geval. Er is dus een mentaliteitswijziging.

Maar eigenlijk is dat nogal wiedes. Eén: de fiets heeft in Vlaanderen een enorm economisch nut. In tien jaar tijd zijn er in Vlaanderen 1,7 miljoen fietsen bij gekomen. Elke Vlaming een fiets is nu een feit. Twee: de fiets zal toch wel een van de oplossingen, zoniet dé oplossing zijn voor het mobiliteitsprobleem. Als we willen dat er alvast voor de korte afstanden een snel, goedkoop en volledig door de privé betaald alternatief komt voor de files, dan zal het de fiets zijn. In die optiek is het wel verontrustend dat de fiets in Vlaanderen tot dusver hoofdzakelijk voor recreatie wordt gebruikt, en slechts in minieme mate voor werk- en schoolverkeer.

De fiets heeft gewoon recht op een rode loper, en die is er nog niet want met 11.000 klachten per jaar, zoals blijkt uit een parlementaire vraag van Lode Vereeck (LDD), heeft het Meldpunt Fietspaden een hoop werk.

In het Fietspadenrapport van Het Nieuwsblad vragen fietsers vooral meer afstand tot de rijweg. Een veiligheidszone tussen hen en de auto’s. Het blijft hemeltergend dat de overheid nog steeds botst op lange (federale) onteigeningsprocedures om een stuk van de voortuinen langs gewestwegen te mogen benutten. Veiligheid voor de fietser en het eigen fietsende kind vindt iedereen een hoog goed, als dat principe maar niet door de eigen voortuin moet.

In het land dat internationaal scoort met de wielersport, zou ook de gewone fietser zich koning of minister-president moeten voelen. Flanders Cycling Paradise, dat zou pas een visitekaartje zijn.

Corrigeer