Belgische ploeg countert Spaanse armada met maar liefst drie kopmannen en een schaduwkopman

Hugo Coorevits: 'Begrijpelijk dat Belgen niet hoog op pronostieklijstjes staan '

Hugo Coorevits: 'Begrijpelijk dat Belgen niet hoog op pronostieklijstjes staan '

Foto: PN

De Belgen zijn zondag de underdog in een WK waarin Spanje op eigen grond de schande van Firenze 2013 met Valverde en Rodriguez wil doen vergeten. Met Van Avermaet, Gilbert en Boonen hebben we niet dé topfavoriet. Alleen als de twee ex-wereldkampioenen en de coming man elkaar honderd procent begrijpen, kan het. Zonder hecht blok of de juiste keuze van de uiteindelijke kopman, is Ponferrada gedoemd om het verhaal van net niet te worden.

Alles over het WK wielrennen in Ponferrada (21-28 september)

Het beeld gisteren van de persconferentie in Ponferrada was symbolisch: links Greg Van Avermaet, centraal zijn BMC-ploegmaat Philippe ­Gilbert en rechts Tom Boonen. De regelmatigste Belg van het jaar, de wereldkampioen van Valkenburg 2012 en de regenboogtrui van Madrid 2005. ­ Drie (!) leiders op negen deelnemers, met Vanmarcke er nog als joker bovenop. Alleen Frankrijk komt in de buurt met kopman Tony Gallopin, sprinter Nacer Bouhanni en de ­beschermde renners Sylvain Chavanel en Romain Bardet.

De andere landen hebben allang een heel strak plan. ­Gerrans is de A-renner voor Australië, Matthews het plan B. De Spaanse coach liet zelfs Alberto Contador en Samuel Sanchez thuis. Hij heeft aan de twee leiders Valverde en Rodriguez in de finale al zijn handen vol.

Vandaag moeten de Belgen wel duidelijke lijnen trekken voor deze slijtageslag die op een soort Ardens parcours wordt gereden in guur flandrienweer. Als Gilbert even goed is als twee jaar geleden, mag hij natuurlijk zijn eigen kans gaan op de laatste beklimming van de Mirador. Maar kan hij niet alleen binnenkomen én Van Avermaet is in de buurt, dan moet zijn kaart getrokken worden.

En komt alsnog Boonen uit de achtergrond terug, dan is de Kempenaar in de spurt ineens de sterkste Belg na een WK dat qua parcours nog het dichtst aanleunt bij Hamilton 2003. De bijna 34-jarige ouderdomsdeken heeft als ploegkapitein een cruciale rol. Hij is de man met natuurlijk gezag naar wie iedereen moet luisteren eenmaal bondscoach Carlo ­Bomans in deze communicatieloze wedstrijd ver achter het peloton hobbelt in zijn auto.

Philippe Gilbert heeft de schijn tegen, maar je weet maar nooit. Net als Boonen kan hij de jongste maanden niets voorleggen. Maar het gaat wel om een wedstrijd van bijna 255 kilometer met 4.284 hoogtemeters. Dan houd je aan het einde meestal maximaal dertig renners over.

Greg Van Avermaet heeft de beste papieren. In de Grote Prijs van Wallonië en de Primus Classic-Impanis-Van Petegem bewees hij dat hij opnieuw kan afmaken. Al vallen die twee koersen uiteraard niet te vergelijken met een WK.

Door de twee ex-wereldkampioenen naast Van Avermaet te zetten, krijgt de man van de toekomst niet alle druk van het kopmanschap in de belangrijkste wedstrijd van het jaar. Voorlopig is een vijfde plaats in Geelong 2010 zijn beste resultaat. Ondertussen is hij rijper geworden. Hij treft een WK-parcours dat bij zijn profiel past. Het métier van Boonen en Gilbert is ook een pluspunt voor hem in een bizarre koers als het WK. Op voorwaarde dat ze zich zonder nadenken voor Van Avermaet wegcijferen wanneer hij zich in de beste positie heeft gemanoeuvreerd. Alleen eendracht maakt ons machtiger.

Machtsoverdracht

Ponferrada 2014 kan hét kruispunt worden van de wegen tussen de generatie van Boonen en Gilbert en die van Vanmarcke en Van Avermaet. Door de vier ongeveer op gelijke hoogte te zetten, spuit bondscoach Bomans mist voor de concurrentie.

Hoewel, in Spanje liggen ze niet echt wakker van de ­Belgen. Valverde, Gerrans en Cancelllara zijn de drie namen die bij de prognoses het vaakst vallen. Er wordt wel met ­respect over onze ploeg gesproken. De naam van Van Avermaet valt dan eerst, daarna Gilbert. Boonen? Daar gelooft geen buitenlander echt in, maar zelf blijft hij zich een redelijke kans toemeten. En dat zal niet verminderd zijn na het bekijken van het WK bij de beloften gisteren.

Het is begrijpelijk dat België niet hoog op de pronostieklijstjes staat. We hebben niet dé topspurter en op Gilbert na is er ook geen enkele puncher die het in zijn eentje kan forceren.

Met Meneer Regelmaat Van Avermaet en Vanmarcke grossierden we wel in ereplaatsen, waardoor we recht hebben op negen deelnemers. Dat is in een wedstrijd als het WK een ontegensprekelijk voordeel ten opzichte van Fabian Cancellara, Peter Sagan of Alexander Kristoff, die maar twee landgenoten aan de start hebben.

Laatste kans voor Cancellara

Voor Cancellara is dit zo goed als het WK van de laatste kans. Met slechts drie Trek-ploegmaten in koers moet Spartacus ook al niet op veel hulp rekenen. Sagan en Kristoff hebben ook maar twee landgenoten bij, maar hun situatie is anders. De twee geïsoleerde spurters hoeven zich maar te laten meeglijden in de slipstream van Australië en Duitsland, die enkel een groepsspurt op de Avenida de Asturias voor ogen hebben.

De Belgen hoeven ook niet het gewicht van de koers te dragen, maar ze hebben er wel alle ­belang bij dat de strijd vroeg losbarst. Net als Italië en ­Spanje, dat als thuisland in de eerste plaats aan zet is. De druk van dit supersnelle WK ligt op de schouders van ­Valverde, die al twee keer ­zilver en drie keer brons won. Alleen goud ontbreekt in zijn collectie, maar zo evident is dat niet in eigen land. Slechts twaalf renners deden dat, ­onder wie de vier Belgen: Jean Aerts, Briek Schotte, Rik Van Steenbergen en Benoni Beheyt.

In die tijd hadden we elk WK zowat dé topfavoriet. Die luxe hebben we nu niet meer. Zelfs al pakken we op papier uit met het hoogste aantal kopmannen in koers.

Corrigeer