Een exclusieve kijk in de wereld van ISIS: vragen en antwoorden

“Wie wil martelaar worden? Steek je hand op”

“Wie wil martelaar worden? Steek je hand op”

Foto: AP

We horen en lezen continu over Islamitische Staat. Maar hoe zit dit zelfuitgeroepen kalifaat juist in elkaar? Een journalist van de Amerikaanse nieuwswebsite The Daily Beast sprak met een ex-lid van de extremistische organisatie.

Onze bron

Een man die beweert lid te zijn geweest van de zogenaamde veiligheidsdiensten van ISIS, de Amn al-Dawla. Daar zou hij jihadistische infanterie en buitenlandse werkkrachten getraind hebben. Ook zou hij als vertaler gewerkt hebben voor Frans- en Engelstalige strijders.

‘Ik ben al mijn hele leven moslim, ja. Maar ik ben niet extreem religieus of ik leef niet volgens de Sharia’, stelt hij. Abu Khaled, zoals de man wordt genoemd, is geen fanatiekeling die zich volop op het martelaarschap wou werpen. Hij is een hoogopgeleide, meertalige persoon met de Syrische nationaliteit. Hij had veel talenten, waaronder zijn militaire training en die kon ISIS goed gebruiken.

Op 19 oktober 2014 trad hij toe tot de Islamitische Staat. Abu Khaled voelde dat hij dit moest doen, omdat hij geloofde dat Amerika medeplichtig was aan een wereldwijd complot. Deze samenzwering, geleid door Iran en Rusland, zou de Syrische president Bashar al-Assad aan de macht willen houden.

‘Ik zag het als een avontuur’, vertelt hij. ‘Ik wilde zien welke mensen daar waren. Ik wilde ze leren kennen. Nu zijn ze mijn vijanden en ken ik ze heel goed.’

Inwijding tot ISIS

‘Ze beschouwden mij als een immigrant, omdat ik voordien buiten het kalifaat leefde.’ Wie het kalifaat wil binnenkomen, moet eerst genaturaliseerd worden en ondergaat een ondervraging over het burgerschap. De hoofdvraag luidt meestal: ‘Waarom wil je een heilige strijder worden?’. De volgende stap is indoctrinatie. ‘Je moet lessen nemen. Ze leren je hoe je mensen moet haten’, vertelt Abu Khaled.

Hem werd aangeleerd dat niet-moslims uitgeschakeld moeten worden omdat zij een vijand zouden vormen voor de Islamitische gemeenschap. ‘Het draait allemaal om brainwashing’, klinkt het. De lesgevers zijn volgens hem buitenlandse jongelingen die amper Islamitische autoriteit bezitten.

Als deel van de procedure steken buitenlandse leden vaak - voor de show en het spektakel - hun identiteitskaart in brand om aan te tonen dat er geen weg terug is. Op die manier bevestigen ze dat ze inwoners zijn van Dar al-Islam, het land van geloof en vrede. Daarna zijn ze klaar om de bewaarders te zijn van het enige ware geloof en te ‘blijven en uit te breiden’, zoals het mantra van IS klinkt.

‘Zelfmoordterrorist worden is een eigen keuze’, vertelt Abu Khaled. ‘Wanneer je ISIS vervoegt, vragen ze wie er martelaar wil zijn. De mensen die hun hand opsteken, worden in een aparte groep gestoken. En hoewel het aantal vrijwilligers aan het dalen is, heeft IS nog nooit een tekort gehad aan kamikazestrijders.’ Volgens hem zijn deze fanatiekelingen ervan overtuigd dat ze een nobele daad van zelfopoffering uitvoeren voor het kalifaat. Voor hen begint de jihad thuis.

Verdeel en heers

ISIS heeft een gestructureerd beleidssysteem uitgebouwd, dat bestaat uit militaire ranken of katiba’s. Deze eenheden worden meestal ingedeeld per taal of nationaliteit. Dit doet IS uit pragmatische overwegingen, maar toch is de terreurorganisatie op zijn hoede. ‘Sommige katiba’s, bijvoorbeeld de Libische, bleken meer loyaliteit te tonen voor hun eigen emir, dan voor IS. Zo’n groepen worden meteen ontbonden.’ Vooral de Russischsprekende katiba, die hoofdzakelijk wordt bezet door Tsjetsjenen, zaait geregeld onrust in de gelederen.

ISIS-leiders zouden voornamelijk Irakezen zijn. ‘Als die een politiek doel voor ogen hebben, dan is het wel de restauratie van de soennitische macht in Bagdad,’ aldus Abu Khaled. Sommigen zijn voormalige handlangers van Sadam Hoessein en domineren de andere Syriëstrijders.

Abu Khaled benadrukt ook dat handel voor ISIS belangrijker is dan militair vermogen. Zo slagen ze erin om terrein te winnen en te behouden.

Maar om een gebied te behouden, speelt spionage een grotere rol in de werking van Islamitische Staat. ‘Wie is in deze stad de elite? Wie is er homo? Waarmee kunnen we de plaatselijke bevolking chanteren?’, is hun eerste bekommernis. De technieken van ISIS doen denken aan de voormalige KGB en de Oost-Duitse Stasi.

Hand in eigen boezem

De ISIS-leiders gaan vaak incognito op pad in hun zelfuitgeroepen kalifaat. Zo willen ze de touwtjes in handen houden en iedereen in de gaten houden. Als ze merken dat de staat niet functioneert zoals het volgens hen hoort, dan zullen er koppen rollen - zowel letterlijk als figuurlijk. Ook ISIS-hoofd Abu Bakr al-Baghdadi zou geregeld deelnemen aan deze patrouilles.

‘Als hijzelf iets misdaan heeft of zich niet volledig aan de regels heeft gehouden, betaalt ook hij gewillig zijn boete, of stemt hij in met een eerlijke rechtszaak.’

Dit is volgens Khaled een van de redenen waarom ISIS naast haat ook respect oogst bij de lokale bevolking. ‘Ze durven ook de schuld op zichzelf nemen. Daar zijn ze zelfs erg goed in.’

Abu Khaled noemt deze ‘gelijkheid boven de wet’-regel één van de belangrijkste pilaren binnen de populistische politieke agenda van ISIS.

Verband met Parijs

Nadat ISIS het afgelopen jaar heel wat strijdkrachten verloor in de slag om de Koerdische enclave Kobani, veranderde ISIS zijn manier waarop de leden het best hun doelen konden nastreven. ‘Er sloten zich elke dag zo’n 3.000 buitenlandse strijders aan. Nu ligt dat aantal op slechts vijftig of zestig.’

‘ISIS-leiders vroegen mensen om in hun land te blijven en daar te strijden, burgers te doden, gebouwen op te blazen,...’, vertelt Abu Khaled.

Ook enkele jihadisten die door Abu Khaled werden opgeleid, volgden die orders op. Zo vermeldde hij twee Franse dertigers. Wat hun namen waren, kan Khaled niet zeggen: ‘We stellen geen zulke vragen. We zijn allemaal ‘Abu Iets’. Als je eens over persoonlijke zaken begint, dan is dat de ultieme rode vlag.’

Op de vraag of hij iets meer kan zeggen over de aanslagen in Parijs van afgelopen vrijdag, antwoordt hij dat hij zo goed als zeker is dat een van de Fransmannen erbij betrokken was.

Of hij iemand waarschuwde voor deze twee? ‘Ja’, antwoordt hij.

Corrigeer

MEER NIEUWS