Portret van Erik De Vlaeminck: “Hij was de beste veldrijder allertijden”

Een acrobaat op de fiets, zo zullen we ons Erik De Vlaeminck altijd herinneren. Helaas, zo succesvol als hij was in het veld en op de weg, zo ellendig was zijn leven zonder fiets. Hij raakte verslaafd aan pillen en verloor zijn zoon Geert op jonge leeftijd. Toch herpakte hij zich telkens en ging op pure wilskracht door. Als bondscoach legde hij mee de basis voor de sterke veldritgeneratie waar we al jaren plezier aan beleven.

Erik De Vlaeminck was de eerste Belg die ooit zijn naam kon zetten op de erelijst van het WK veldrijden. In 1966 haalde hij in Beasain (Spa) zijn eerste regenboogtrui binnen. Zeven keer zou hij in totaal wereldkampioen veldrijden worden, vier keer Belgisch kampioen cyclocross maar won ook een rit in de Ronde van Frankrijk en de Ronde van België op de weg. Want Erik De Vlaeminck kon alles. “Een acrobaat op de fiets. Hij sprong niet over balkjes zoals Nys, hij zweefde er over”, zegt een ex-wereldkampioen.

Erik De Vlaeminck werd op 23 maart 1945 geboren in het Oost-Vlaamse Eeklo en was de oudere broer van die andere kampioen, Roger De Vlaeminck. Een echte atleet. Een sterke beer ook. Met zijn koersinzicht zou Greg Van Avermaet al vijf klassiekers gewonnen hebben. Jammer genoeg is De Vlaeminck veel te kwistig omgesprongen met al dat talent en had hij nog veel meer uit zijn carrière kunnen halen. Helaas kende zijn sportcarrière een behoorlijke schaduwzijde.

Amfetamines

Begin jaren zeventig raakte hij verslaafd aan amfetamines. Een verslaving die hem zelfs in gevangenis deed belanden, veroordeeld voor diefstal van doktersvoorschriften en het veroorzaken van een ongeval met vluchtmisdrijf. Zo kon hij zijn wereldtitel in 1974 niet verdedigen omdat hij pas vrijgelaten was.

Toch herpakte hij zich en begon een tweede carrière. Ik herinner mij dat hij in die tijd in mijn geboortedorp Wolvertem kwam rijden en dat hij zich bij ons thuis kwam omkleden. Geen seconde liet men hem alleen. Zelfs toen hij naar toilet ging, bleef er iemand bij hem in de buurt. En ook wanneer hij boven in de badkamer een bad nam na de koers, bleef zijn verzorger bij hem. Het was duidelijk dat ze hem niet vertrouwden. Begrijpelijk, elk frank (van de euro was nog geen sprake) die hij in zijn verslaafde periode in handen kreeg, ging naar pillen. Alles wat hij kon verkopen, verkocht hij om aan geld te geraken om zijn verslaving te betalen. Maar dat was nu verleden tijd, zei zijn vrouw die er bij was.

De Vlaeminck won de wedstrijd met twee straten voorsprong. Een paar koersen later, werd hij opnieuw opgenomen omdat hij psychisch helemaal aan de grond zat.

Bondscoach

Alhoewel hij als renner meer dan behoorlijk zijn boterham had verdiend, bleef er na zijn carrière niets meer over om van te leven. Een bevriend bouwpromoter gaf hem na zijn carrière een baan in de bouw en liet hem gratis in een van zijn huizen wonen.

Uiteindelijk keerde een herboren De Vlaeminck toch terug in de wielrennerij. Als bondscoach van het nationale veldritteam. Zijn groepstrainingen werden een begrip. De Vlaeminck liet jonge crossers ook lopen in de winter, iets wat de meeste andere coaches altijd hadden afgeraden.

Geert De Vlaeminck

In 1993 trof het noodlot de familie De Vlaeminck toen Eriks 26-jarige zoon Geert tijdens een veldrit in Heist-op-den-Berg overleed na een hartstilstand. Geëxperimenteerd met doping, zo werd gefluisterd. Maar dat is nooit bewezen. Vader Erik, die toeschouwer was, werd zeer diep in zijn vaderhart geraakt.

Maar opnieuw werkte hij hard om het verlies te boven te komen. Overtuigd dat de oude generatie veldrijders verloren was voor topprestaties, ging hij aan de slag met de jeugd. Hij legde de nadruk op techniek, trainen op de weg en souplesse opdoen op de piste. En vakman De Vlaeminck haalde successen met de nieuwe generatie. Voor het eerst tijdens het WK in Koksijde van 1994. Paul Herijgers werd wereldkampioen bij de profs, Erwin Vervecken haalde brons. De echte triomftocht begon in 1998 toen Mario De Clerq goud haalde bij de elite en Sven Nys beloftenwereldkampioen werd. Vanaf toen hield de medailleregen niet meer op. Zowel bij de elite als bij de jeugd.

Broer Roger

In 2002, na een incidentje tijdens het WK in Zolder, stuurde de wielerbond Rudy De Bie het veld in. Letterlijk en figuurlijk. De periode Erik De Vlaeminck was definitief voorbij.

“Zijn overlijden is een verlies voor de Belgische wielersport”, reageerde De Bie vanmiddag. “Erik was niet alleen een groot kampioen, hij was ook een heel goed mens, iemand met een hart voor wielrennen, een enorme passie voor het veldrijden. Hij heeft heel wat jonge renners geholpen om succesvol te worden. Hij ligt mee aan de basis van het succes van het huidige veldrijden”, zegt de huidige bondscoach.

Met zijn jongere broer Roger boterde het toen al jaren niet meer. Twee keikoppen bij elkaar, dat moest wel botsen. Ze maakten geen ruzie, maar ze meden elkaar.

Maar toen Sven Nys in 2013 voor de tweede keer in zijn rijkgevulde carrière wereldkampioen in het veldrijden werd en hij overal de grootste veldrijder ooit werd genoemd, nam broer Roger De Vlaeminck het plots wel op voor zijn broer. “Sven Nys is niet eens de beste van zijn generatie. Erik en niemand anders was de beste veldrijder allertijden”, zei hij.

“Erik was een ontzettende acrobaat, ik heb hem ongelooflijke dingen zien doen. Hij sprong over balken zonder ze te raken. Nys en co hebben die balken nodig om hun voorwiel op te zetten. Hij zweefde er over”, sprak Roger vol bewondering over zijn broer bij wie toen de eerste tekenen van verval optraden.

De laatste jaren verbleef Erik De Vlaeminck in een rusthuis in Wilskerke, deelgemeente van Middelkerke. Volgens broer Roger leed hij aan parkinson- en alzheimer en ging hij hem af en toe opzoeken. Erik De Vlaeminck werd zeventig.

Corrigeer

Het Nieuwsblad biedt meer dan 3.000 reeksen in 28 sporten aan. Zoek hierboven de uitslagen van uw favoriete club of surf naar onze uitslagenpagina.