Poetin zat "waarschijnlijk" achter moord op ex-spion Litvinenko

De Russische president Vladimir Poetin gaf waarschijnlijk toestemming voor de moord op de voormalige KGB-agent Alexander Litvinenko. Dat blijkt uit onderzoeksresultaten die een Britse rechter donderdag heeft vrijgegeven.

Litvinenko stierf als jonge veertiger aan de gevolgen van een poloniumvergiftiging. In het Britse onderzoek werd gekeken of de Russische overheid betrokken was bij de moord op Litvinenko. De rechter hoorde de verklaringen van 62 getuigen aan en kreeg toegang tot informatie van de Britse inlichtingendiensten. 

Uit het onderzoek blijkt dat hij doelbewust vergiftigd zou zijn door twee overheidsagenten die werkten volgens orders die "waarschijnlijk" goedgekeurd werden door Poetin. "Leden van de regering van Poetin hadden motieven om acties te ondernemen tegen meneer Litvinenko", klinkt het. De twee agenten die met de vinger worden gewezen, zijn Andrei Loegovoj en Dmitry Kovtun. "De houding van president Poetin ten opzichte van Loegovoj doet vermoeden dat er een zekere mate van goedkeuring was."

Litvinenko had in oktober en november een afspraak met de twee agenten. Ze dronken twee keer samen een kopje thee in het Millennium Hotel in Londen. Na de eerste ontmoeting, in oktober, moest Litvinenko enkele keren braken en voelt hij zich dagenlang belabberd. Twee weken na de twee samenkomst, overleed hij. In de thee die hij dronk zat het giftige polonium-210. 

Op zijn sterfbed legde Litvinenko verklaringen af over zijn eigen dood. De voormalige KGB-agent zag geen enkel detail over het hoofd.

Weduwe wil sancties

De weduwe van Litvinenko, Marina, wil "sancties" tegen Rusland en in het bijzonder Poetin. Aan Russische kant wijst men op een onderzoek dat lijkt op kaas met gaten, gevuld is met speculaties en "politiek gemotiveerd". Het rapport zelf stelt overigens dat zijn conclusies zijn gebaseerd op "opvattingen van getuigen" waarvan het merendeel "niet als bewijs erkend zou worden".

Litvinenko was een voormalig Russisch spion die in 2000 naar Londen trok, spion voor de Britse geheime dienst werd en, in het zog van mediamagnaat Berezovski en andere uit het vaderland geëmigreerde oligarchen van het Jeltsin-tijdperk, uitgesproken "Kremlin-kritisch" werd.

Londen verzocht Moskou na de dood van Litvinenko om Kovtoen en Loegovoj uit te leveren. Dat staat de Russische wet echter niet toe. Het 'njet' werd desondanks uitgelegd als een indirecte erkenning van schuld.

Corrigeer

NIET TE MISSEN

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees