Precies honderd jaar geleden veranderde dit monster de moderne oorlogsvoering

Precies honderd jaar geleden veranderde dit monster de moderne oorlogsvoering

Foto: Wikimedia Commons

Vandaag precies 100 jaar geleden, op 15 september 1916, maakte een opmerkelijk oorlogstuig haar debuut op de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog. 49 Mark 1-tanks van het Britse leger, liefkozend 'Mother' gedoopt, rolden toen over de loopgraven in de strijd aan de Somme. Het werd een debuut met verdeeld succes, maar de oorlogsvoering zou nooit meer dezelfde zijn. Ook in een militaire wereld die gedomineerd wordt door drones en langeafstandsraketten blijft de tank een dominante rol innemen in vele legers.

"Eerst hoorden we vreemde geluiden. Daarna zagen we tergend traag drie mechanische monsters op ons afkomen. Zoiets hadden we nog nooit gezien. Mijn eerste indruk was dat ze eruit zagen alsof ze ieder moment voorover konden vallen, maar hun staart en een paar kleine wieltjes aan de achterkant hielden de tuigen stabiel. Het waren grote metalen dingen, met twee paar rupsbanden die helemaal rond gingen."

Dit relaas van een Britse soldaat in de loopgraven van Frankrijk in 1916 geeft aan hoeveel indruk de verschijning van de Mark 1, de eerste tank, op de slagvelden moet gemaakt hebben.

En dan had deze soldaat nog het geluk aan de goede kant van de loopgraaf te staan. Op het Duitse leger moeten de eerste 49 tanks die werden ingezet aan de bloederige slag aan de Somme nog meer indruk gemaakt hebben. Of zoals een Duitse infanterist het omschrijft: "Daar, tussen de soldaten waren ze, onaardse monsters die dood uitbraakten."

Technische specificaties Mark 1, beweeg over de tank voor animaties. 

 

 

De monsters, dat waren de 49 Mark 1-tanks waarmee de Britse opperbevelhebber Douglas 'de slager van de Somme' Haig de grote doorbraak aan het uitzichtloze westerse front hoopte te forceren. Technisch gezien waren het eigenlijk geen tanks. Volgens de strikte toepassing van de definitie heeft een tank immers ook een bewegende koepel. De eerste tank mét koepel, de Franse Renault FT (op de foto met de bekende Amerikaanse generaal Georges Patton), kreeg zijn vuurdoop in Frankrijk op 31 mei 1918 en moet dus nog een tijdje wachten op een lustrum.

 

De beoogde doorbraak kwam er niet. Een groot deel van de tanks haalde door mechanische problemen allerhande nooit de frontlinie. Anderen tuften ietwat knullig mee op het tempo van de infanteristen. Nog anderen maakten het helemaal bont, reden verloren en begonnen op de eigen verbouwereerde troepen te vuren. Toch waren er ook enkele tanks die een kleine deuk in de linies wisten te maken.

De eerste inzet van de tanks was geen onverdeeld succes. Vooral niet omdat niemand goed wist hoe het nieuwe wapen taktisch in te zetten. Toch was de toon voor de rest van de oorlog gezet. Tegen het einde van de eerste wereldbrand kregen de generaals de werking van het logge tuig onder de knie en werden er dankzij de tanks klinkende overwinningen geboekt. Zo verpletterden de Britten in Kamerijk de Duitsers dankzij de gecombineerde inzet van de luchtmacht, een uitgebreid bombardement en honderden - tegen dan veel snellere - tanks. 

Hoogdagen

De Tweede Wereldoorlog markeerde hoogdag na hoogdag voor de tank, vooral dankzij de tegen dan pijlsnelle technologische innovaties. Zo geloofde geen enkele Belgische generaal dat de Duitse Wehrmacht in 1940 al gepantserde voertuigen over de Ardennen kon sturen. Ze hadden het allemaal fout en de gevolgen waren desastreus. De Duitse Panzerkampfwagens raasden door het Belgische landschap en rolden, met de luchtsteun van de Luftwaffe, in geen tijd de Belgische verdediging op. 

Het was ook de tijd van de iconische tankgeneraals zoals de Duitser Erwin 'Woestijnvos' Rommel (rechts op de foto) die op de Afrikaanse vlakten met zijn Tigers heroïsche veldslagen uitvocht met de Cromwells van de Brit Bernard 'Monty' Montgomery (links op de foto). De Amerikanen Omar Bradley en Georges Patton konden zo goed strijd voeren met de pantserwagens op rupsbanden dat er later legendarische tanks naar hen genoemd werden. Hoogtepunt in de geschiedenis van de tank werd de slag bij Koersk. In de grootste tankslag ooit werden door de Duitsers 2.700 en door de Russen liefst 3.600 tanks ingezet.

Varianten 

Ook na de Tweede Wereldoorlog, in volle Koude Oorlog, ging de wapenwedloop gewoon voort. Een leger zonder tanks was er in die tijd amper te vinden. Toch werd hier en daar vragen gesteld bij de efficiëntie van de logge tanks en keken steeds meer landlegers in de richting van varianten voor de rupsvoertuigen. Zo nam ons land in 2014 afscheid van de laatste tank, een Duitse Leopard. Net zoals vele andere legers investeerde België voortaan in meer wendbare gepantserde voertuigen. Toch blijft ook vandaag nog de tank voor vele legers, zeker voor die van de grote wereldmachten, de ruggengraat van de strijdmachten (zie grafiek).  

 

Toeval of niet, net in de week dat de tank haar honderdste verjaardag viert, heeft Rusland de eerste beelden van het nieuwe paradepaardje van het Russische leger op de wereld losgelaten (zie video). Het gaat om de eerste Russische tank sinds het uiteenvallen van de Sovjetunie. De boorling kon niet minder op zijn honderdjarige oermoeder lijken.

 

Zo is de superdynamische T-14 Armata - kostprijs: 3,7 miljoen dollar per stuk - uitgerust met een pantser dat op sommige plekken 1.400 mm dik is. Ook kan de tank een lasergeleide raket tot 12 kilometer ver schieten en probleemloos vijfhonderd kilometer ver rijden aan een topsnelheid van 90 kilometer per uur. Ter vergelijking: de Mark 1 had pantser van enkele milimeters dik en kon alleen naar links en naar rechts schieten vanuit twee kanonnen. Dat allemaal met een actieradius van 35 kilometer tegen de volle 6 kilometer per uur.

Corrigeer

RECENT NIEUWS

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees