Peilingen zaten er opnieuw naast: hoe kan dat toch?

Peilingen zaten er opnieuw naast: hoe kan dat toch?

Foto: AFP

Als we de peilingen voor aanvang van de Amerikaanse verkiezingen mochten geloven, was het tellen van de stemmen niet meer dan een formaliteit. De Amerikanen zouden overtuigend kiezen voor Hillary Clinton als hun nieuwe president. Verrassend genoeg is het echter toch de omstreden Donald Trump geworden. Hoe kan het toch dat de peilingen er zo naast zaten?

Het was een van de meest opvallende grafieken van de verkiezingsnacht, die van The New York Times. Er stond eenvoudigweg in te lezen hoeveel kans Hillary Clinton en Donald Trump maakten op het presidentschap. Op basis van tal van peilingen begon Clinton met 80 procent, Trump met 20.

Ook tal van andere nieuwssites zaten er in het begin van de verkiezingsnacht zo naast, net als tal van peilingen de voorbije maanden. Een fenomeen dat we ook al zagen toen de Britten naar de stembus moesten om te stemmen over de Brexit. Wat loopt er dan toch verkeerd met die peilingen? “Er is natuurlijk foutenmarge bij peilingen”, zegt iVox-research director Hans Verhoeven. “Maar het is sowieso een heel complex gegeven, zeker lokaal. Maar feit is wel dat steeds vaker in peilingen er een groot percentage is dat pas heel laat beslist voor wie ze nu precies gaan stemmen. Tel daarbij nog een groot aantal mensen dat niet deelneemt aan peilingen en de rebellerende mensen die na bijvoorbeeld een uitspraak van een kandidaat toch nog van mening veranderen.”

Wat ook meespeelt, is de zogenaamde “gordijnbonus”. Daarmee worden de mensen bedoeld die niet durven uitkomen voor hun keuze, zoals dat in ons land bijvoorbeeld merkbaar was toen het Vlaams Blok/Vlaams Belang plots veel stemmen verzamelde.

Zo zullen er ongetwijfeld tal van Amerikanen geweest zijn die niet wilden uitkomen voor hun keuze voor een omstreden kandidaat als Donald Trump. Of mensen die stiekem toch veel moeite hadden met een vrouw als president, maar ook dat niet durfden vertellen.

Corrigeer

MEER NIEUWS