Slapen in een bordeel en coke snuivende chauffeurs: het waanzinnige verhaal van de Ronde van Congo

Slapen in een bordeel en coke snuivende chauffeurs: het waanzinnige verhaal van de Ronde van Congo

Een archiefbeeld van een mountainbikewedstrijd in Zuid-Afrika. Foto: EPA

Van de negen etappes werden er maar zes gereden, er werd overnacht in een bordeel en de chauffeurs die de renners moesten wegbrengen snoven er coke tijdens het rijden. Het verhaal dat de Nederlandse renner Niels van der Pijl bij Vice Sports Magazine doet over de illustere Ronde van Congo is te gek om los te lopen. “De koersdirecteur is door de minister ter plekke ontslagen, opgepakt en in de gevangenis gezet. Hoe het met die man is afgelopen, weet ik niet, maar ik verwacht dat hij volgend jaar gewoon weer de organisator is.”

De ‘Tour de Congo’ bestaat al sinds 2013. De wielerronde wordt gefinancierd met overheidsgeld en is bedoeld om de reputatie van de Congolezen een boost te geven en tegelijkertijd toch ook de liefde voor wielrennen weer aan te wakkeren in het land. Makkelijk is dat echter niet: de infrastructuur ter plekke laat dikwijls te wensen. De BBC merkte enkele jaren geleden al op dat van de 153.000 kilometer aan weg er amper 3.000 geasfalteerd is. U kunt zich wel inbeelden welke toestanden dat oplevert.

De eerste editie zette al meteen de toon: eens de 34 buitenlanders en 60 renners ter plekke waren, werd doodleuk aangekondigd dat de start een dag zou uitgesteld worden. De reden? De Congolezen wilden dat de slotetappe zou doorgaan op 30 juni, de dag waarop zij hun onafhankelijkheid vieren. Verwarring en chaos was er ook bij de start: het was niet duidelijk waar de officiële start was en een Togolese wielrenner kwam ten val door een hond die plots de straat over rende. Tijdens de tweede etappe bleek ook dat de volgwagens geen plaats hadden voor reservefietsen. Gele trui Emmanuel Rudahunga moest dan maar noodgedwongen zelf zijn fiets repareren aan de kant van de weg.

Tien renners zonder fiets

Ook van de laatste editie, in de zomer van 2016, is er nu een waanzinnig verhaal opgedoken. Winnaar Niels van der Pijl, een Nederlandse amateurrenner, vertelt bij Vice Sports hoe de Ronde van Congo al van bij de aankomst op Afrikaans grondgebied in het honderd liep. De renners werden geacht vanuit de Congolese hoofdstad Kinshasa verder te reizen, maar het vliegtuig bleek niet groot genoeg voor de fietskoffer van tien renners. Die zagen hun fietsen dan pas een dag later terug... te laat om ook mee te dingen in de openingsetappe. Dus werd er maar met de organisatie afgesproken dat de eerste dag enkel om het prijzengeld en de daguitslag zou draaien, om de achtergestelde renners alsnog een kans te geven mee te dingen voor het algemene klassement. “De minister van Sport zou het startschot geven, maar die had geen zin om voor een half peloton te komen”, aldus Van der Pijl. “Na vier uur wachten, in de brandende zon, werd de koers alsnog afgelast.”

Dus werd de Ronde van Congo net zoals in 2013 met één dag verlaat. Alleen was dat niet afdoende gecommuniceerd, zo bleek. “Voor de tweede etappe moesten we namelijk opnieuw met het vliegtuig, maar de piloot was niet ingelicht. Het vliegtuig stond niet klaar en de piloot wilde niet. Ik zat daarom vijf uur in een gebrekkige betonnen terminal met de andere renners.” De renners moesten naar Goma gevlogen worden, maar door het slechte weer was ter plekke landen niet mogelijk. Dus werd dan maar onverrichter zake teruggevlogen naar Kinshasa. “Daar bleek het niet mogelijk om heel plotseling een wielerkoers te organiseren. We reden dus geen enkele échte etappe in de eerste drie dagen van de Ronde van Congo. De koersdirecteur is daarom door de minister ter plekke ontslagen, opgepakt en in de gevangenis gezet. Hoe het met die man is afgelopen, weet ik niet, maar ik verwacht dat hij volgend jaar gewoon weer de organisator is.”

Coke snuivende chauffeurs

Uiteindelijk zouden maar zes van de negen etappes van de Tour de Congo gereden worden. “De laatste etappe was typisch voor de hele wielerkoers. De president zou de laatste etappe openen, maar hij liet vijf uur op zich wachten. Meerdere keren werd er gefloten voor de start, dus dan greep ik mijn fiets, maar bleek het telkens loos alarm te zijn.”

Daarnaast bleek door het plotse omgooien van de koers richting Kinshasa het transport van de renners ook een probleem. Busjes met chauffeurs moesten de renners nu vervoeren, maar de bestuurders klopten enorm lange dagen: soms moesten ze 300 kilometer rijden, daarna in hun busje wachten tot de koers afgelopen was, om dan weer 300 kilometer terug te karren. Dat werd de chauffeur van Van der Pijl op gegeven moment een beetje te veel. “Om te voorkomen dat hij in slaap zou vallen, snoof hij cocaïne tijdens het rijden. Ik heb hem gevraagd of dat wel verstandig was. ‘Dat houdt mij scherp,’ zei hij. Even later reed hij met zijn spiegel tegen een voetganger aan. Hij zei: ‘Als voetganger moet je ook niet op de weg lopen’”, doet Van der Pijl laconiek zijn verhaal bij Vice.

Overnacht in een bordeel

Ook de slaapplekken bleken niet je dat. Van der Pijl vertelt over een hotel “waar zwarte beestjes over het matras liepen als ik het laken optilde” - een ander matras hadden ze niet. In een ander ‘hotel’ bleken er niet genoeg slaapplekken te zijn voor iedereen en nam de Nederlander dan maar de eerste beste kamer in. Daar zou hij echter ook niet zomaar kunnen slapen: “Ineens klopte er iemand op de deur. Ik verwachtte een ploeggenoot, maar er stond een zeer schaars geklede jongedame voor mijn neus die vroeg of alles naar wens was. Ik moest een aantal keer met mijn ogen knipperen om mijn ogen te geloven.” Het hotel bleek een bordeel te zijn - Van der Pijl werd om twee uur ’s nachts uit bed gesleurd omdat het gereserveerd zou zijn voor een Franse ploeg. “In de gang, op zoek naar een nieuwe kamer, waren alle ‘kamermeisjes’ zeer geïnteresseerd in mij. Toen ik een nieuwe kamer gevonden had, ben ik met een goed zelfbeeld rustig in slaap gevallen.”

Als de nood het hoogst is...

Groenten, zuivel en vitaminen kreeg onze Noorderbuur naar eigen zeggen ook nauwelijks binnen tijdens zijn verblijf. Tijdens de laatste dagen kreeg hij last van koorts en zware buikloop. “Vlak voordat we met de bus naar het vliegtuig gingen om te boarden, ben ik nog naar het toilet geweest. Ik dacht dat het wel goed zou komen, maar er werd een extra handbagagecontrole ingelast. Ik heb toen in mijn broek gescheten. De brandweermannen hebben mij vervolgens achter hun brandweerauto met een straal bluswater schoongespoten. Gelukkig had een medepassagier nog een onderbroek in zijn handbagage en kon ik ook een korte broek en een T-shirt regelen. Werkelijk alles wat ik aanhad zat eronder, dus ik heb al mijn kleren achter de brandweerauto laten liggen en ik ben op blote voeten verder gereisd.”

Ondanks alles kijkt Van der Pijl tevreden terug op de Ronde van Congo. Hij prijst het talrijk opgedaagde publiek - “iedereen was supertrots als de wedstrijd door hun dorp kwam” - en is blij dat hij het land zo op een andere manier heeft leren kennen. “Congo is echt geen vakantieland dat je vaak tegenkomt in reisbrochures, maar door er te fietsen heb ik het land wel leren kennen. Ik vind dit makkelijker en leuker dan gewoon een beetje normaal vakantievieren.”

Lees de volledige getuigenis via deze link.

Corrigeer