Naar deze Gentse school komen ze zelfs vanuit Zuid-Korea kijken

‘Snelle’ kinderen mogen in de gang werken terwijl de leerkracht aandacht geeft aan minder sterke leerlingen. Foto: foto’s frederiek vande velde

Gent -

Tienjarigen die zelf een uitleendienst voor speelgoed runnen of tijdens de middagpauze waken bij slapende kleutertjes. In basisschool De Kleine Icarus in de Ledeganckstraat is het dagelijkse kost. Vanuit heel Vlaanderen, en nu ook het buitenland, komt men kijken hoe de daltonpedagogie er in de praktijk wordt gebracht. “Zelfs vanuit Zuid-Korea krijgen we vragen.”

In De Kleine Icarus is het niet de directeur die de rondleiding geeft, maar wel Gus Neirinck (10) en Sebastiaan Benjamins (11), leerlingen uit het vijfde leerjaar. Zonder juf of meester die over de schouder meekijkt. De toon is gezet. Vrijheid en zelfstandigheid, begrippen waar het daltononderwijs hoog mee oploopt, zijn hier geen loze woorden.

De twee zijn het intussen ook gewend. De school kreeg het voorbije schooljaar ongeveer elke week bezoekers over de vloer, meestal directies of leerkrachten van scholen uit binnen- en buitenland die willen weten hoe het er hier aan toegaat.

Er kwam onder meer bezoek uit Tsjechië, Polen en Finland. Zelfs vanuit Zuid-Korea kwam onlangs een aanvraag, zegt juf Eva De Muynck. “Maar ze willen in augustus komen. We moeten nog kijken of het praktisch haalbaar is.” Er zijn ook aanvragen voor stages vanuit Nederland.

De daltonpedagogie werd in de jaren 1920 ontwikkeld door de Amerikaanse Helen Parkhurst in een middelbare school in het stadje Dalton, Massachusetts. De Kleine Icarus, een basisschool van het Gemeenschapsonderwijs, was de eerste daltonschool in Vlaanderen. Op initiatief van directie en leerkrachten maakte de school tien jaar geleden de overstap.

Eigen zaakjes runnen

De methode in een notendop: vrijheid, samenwerking en verantwoordelijkheid zijn sleutelwoorden. Leerlingen kunnen hun werk in grote mate zelf plannen. De Muynck heeft het over ‘bewaakte vrijheid’. “Tijdens de taaktijd werkt iedereen in eigen tempo. ‘Snelle’ leerlingen mogen tijdens de les een koptelefoon opzetten of in de gang aan klaptafeltjes werken, zodat ze hun ding kunnen doen en dezelfde instructies niet steeds opnieuw hoeven te horen.”

De juf kan zich intussen focussen op minder sterke leerlingen, die in de kleinere groep beter worden begeleid. Hulp vragen wordt gestimuleerd; in eerste instantie aan elkaar. Door de talenten van iedereen in kaart te brengen, weten klasgenoten wie waar goed in is. “We kunnen allemaal leren van elkaar”, zegt Sebastiaan. “Het is ongelofelijk hoe kinderen elkaar omhoogtrekken”, zegt juf Eva.

Kinderen mogen in De Kleine Icarus hun eigen zaakjes runnen en verantwoordelijkheid nemen. Vanaf het eerste leerjaar krijgt iedereen een weektaak, van brooddozen verzamelen tot de gang opruimen of, voor de oudere kinderen, waken bij de slapertjes tijdens de middagpauze. Ook de moestuin, de melkkar en de spelotheek worden door de leerlingen beheerd. De Muynck: “Zo voelen ze: niet alleen ik, maar de hele school draait op mijn inzet.”

Volgens Eva De Muynck, die ook in andere scholen werkte, leidt de methode tot meer leerwinst, meer zelfvertrouwen en een ruimere blik op de wereld. Intussen zijn er in Vlaanderen vijftien daltonscholen. In Gent is er met De Lotus in de Grensstraat (Bloemekenswijk) een tweede bijgekomen. Sebastiaan en Gus zijn trots. “Een leukere school kan ik me echt niet inbeelden.”

Corrigeer

IN HET NIEUWS

Verkiezingen in jouw gemeente:

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees