Hoofdrolspelers bij vrouwen en jeugd leggen zelf uit hoeveel kans de Belgen maken op wereldtitels in Valkenburg

Hoofdrolspelers bij vrouwen en jeugd leggen zelf uit hoeveel kans de Belgen maken op wereldtitels in Valkenburg

Het WK Valkenburg biedt het komende week veel meer dan een tweestrijd tussen Mathieu van der Poel en Wout van Aert. Er vallen immers in Nederlands Limburg nog vier andere regenboogtruien te rapen. Hoeveel kans op een medaille maken onze landgenoten zaterdag en zondag in de andere categorieën. We laten het hen zelf uitleggen.

 

Vrouwen elite: Sanne Cant ziet een waaier aan concurrentes voor de regenboogtrui

Onze beste kans op Belgisch goud in Valkenburg is allicht Sanne Cant. De regerende wereldkampioene won vorige week nog in Hoogerheide en zag er met de Zwitserse wereldkapioene mountainbike Jolanda Neff een concurrente wegvallen. De zegeteller van Cant staat dit seizoen op veertien.

Maar de concurrentie in het vrouwenveldrijden is bijzonder groot. In Nederland droomt men openlijk van een achtste wereldtitel voor Marianne Vos na 2006, 2009, 2010, 2011, 2012, 2013 en 2014. De 30-jarige Nederlandse wielerlegende heeft nog een eitje te pellen met Cant na het verloren duel vorig jaar op het WK in Luxemburg. En ook met de andere Nederlandse dames - Kaptheijns, Brand, de Jong - zal Cant haar handen meer dan vol hebben. En dan liggen ook nog de Amerikaanse Kathie Compton (onder meer winnares in Baal en Nommay) en de Italiaanse kampioene Eva Lechner op de loer.

“Ik heb een héél jaar met die regenboogtrui rondgereden en ik zou dat graag volgend jaar ook nog doen”, geeft Sanne Cant toe. “Vorig jaar vocht ik op het WK een duel met Marianne Vos uit, maar ik denk niet dat het dit jaar tot een tweestrijd zal komen. Omdat dit een parcours is waarop je meer op jezelf aangewezen bent. Ik vermoed dat het een héél mooi WK gaat worden. Op een erg technisch parcours. En dan schuif ik toch Kathie Compton en de française Pauline Ferrand-Prévot naar voor als mijn belangrijkste concurrenten. Al zijn er ook nog andere dames die hier kunnen winnen.”

Cant verkende donderdag uitgebreid het parcours in Valkenburg. De technische afdalingen voor en na de materiaalpost deed ze tot drie keer na elkaar over. “Die afdalingen zullen zaterdag van belang zijn. Ik heb de verschillende lijnen uitgetest, daar was het vandaag de ideale dag voor. Het parcours zit nu volledig in mijn hoofd. Het kan zijn dat ik daar risico’s zal moeten nemen, maar als het niet hoeft toch liever niet. Je kan het WK daar ook verliezen.”

Mannen beloften: Iserbyt geeft zichzelf 40% kans op een wereldtitel

Bij de mannen beloften zijn alle ogen gericht op het Britse supertalent Tom Pidcock. De 18-jarige alleskunner uit Leeds rijdt sinds juni van dit jaar voor Telenet-Fidea en debuteerde in het veld in de beloftencategorie, nadat hij vorig seizoen de juniorenklasse domineerde met een Europese en wereldtitel. Pidcock verteerde de overstap van de junioren naar de beloften moeiteloos en won dit seizoen al in Boom, Koksijde, Aspar-Gavere, Bogense, Namen, Heusden-Zolder en Diegem en op de Koppenberg. Hij schreef ook het eindklassement in de wereldbeker op zijn naam. En ook op de weg kan Pidcock adelbrieven voorleggen. Hij won het voorbije seizoen bij de juniores met sprekend gemak Parijs-Roubaix en kroonde zich in het Noorse Bergen tot wereldkampioen tijdrijden.

Maar als iemand Pidcock kan kloppen is het Eli Iserbyt. De West-Vlaamse wereldkampioen bij de beloften van 2016 vloerde zijn Britse rivaal dit seizoen vier keer: op het EK, in Loenhout, in Baal en vorige week nog in Hoogerheide. Naast Iserbyt is de belangrijkste outsider de Tsjech Adam Toupalik. De Nederlandse titelverdediger Joris Nieuwenhuis is op de sukkel met een geknelde liesslagader.

“Ik verwacht ook een duel met Pidcock”, meent Iserbyt. “We zijn al een héél seizoen de beste twee van de beloften. Ik hoop dat het een mooie strijd zal zijn. Als we beiden een hoog niveau halen verwacht ik dat het verschil tussen ons héél klein zal zijn. De combinatie kracht en techniek zal doorslaggevend zijn. De zwaardere stukken in de modder moeten mij vooral liggen, dat heb ik onder meer in Loenhout bewezen waar ik hem klopte. Als ik hem ergens eraf kan rijden, zal het dus daar zijn. Meer dan in een technische afdaling waar ik het risico loop om onderuit te gaan. Ik geef mezelf 40% kans op de wereldtitel, net zoals Pidcock. En de andere outsiders elk nog een paar procentjes. Dan denk ik aan de Franse broers Dubeau, Belgisch kampioen Thijs Aerts en de Nederlanders Nieuwenhuis en Wouters.”

Vrouwen beloften: Laura Verdonschot ziet Britse Richards als absolute topfavoriete

Laura Verdonschot is de kopvrouw bij de Belgische vrouwen beloften. Het blonde boegbeeld van Marlux-Bingoal werd begin november nog tweede op het EK voor beloften, maar haar najaar werd om zeep geholpen door een darmschimmel. Daar is ze ondertussen van verlost. De medicatie die werd ingeschakeld tegen een griepaanval voor het BK, verslechterden echter de toestand van haar darmen waardoor ze vorige week wegbleef uit Hoogerheide.

En dus start Verdonschot zaterdag niet bepaald als topfavoriete. Die rol is weggelegd voor de Britse Evie Richards. Zij won afgelopen seizoen in Namen, met de eliterensters erbij nota bene. Aangezien het parcours in Namen gelijkaardig is aan dat van Valkenburg weet Verdonschot wie ze zaterdag in de gaten zal moeten houden. Richards bevestigde haar status van favoriete door voorbije week in Hoogerheide derde te worden bij de elite dames. Achter Cant en Lechner, maar een halve minuut voor Marianne Vos.

“Ik heb ook ogen in mijn hoofd en ik heb gezien dat Richards héél sterk bezig is”, windt Verdonschot er geen doekjes om. “Ik moet realistisch zijn. Ik heb niet zo’n goed seizoen als vorig jaar. De ziekte is wel weg, maar ik sukkel nog steeds met mijn darmen. En dat gaat pas opgelost zijn tegen volgend jaar. Dat is niet plezant.”

Maar dat wil niet zeggen dat Richards gewonnen spel heeft. “Richards steekt er bovenuit, maar ik houd ook rekening met de Nederlandse Alvarado en enkele Italiaanse en Tsjechische dames die meestal op kampioenschappen goed voor de dag komen. Moest het WK in Koksijde worden gehouden, dan gaf ik mezelf zelfs in de gegeven omstandigheden ook een goede kans op de wereldtitel. Maar hier wordt het toch moeilijker voor mij omdat er ook geklommen moet worden. Maar ik vind het wel een mooi parcours, met veel technische stroken. Dat kan ik wel goed. Ik zal een heel goede dag moeten hebben om mee te spelen voor de medailles, laat ons hopen dat ik die zaterdag heb.”

Junioren mannen: Belgen enkel outsiders bij de junioren

Ook bij de mannen junioren zijn de Belgen geen favoriet. Belgisch kampioen Jarno Bellens pikte het voorbije seizoen regelmatig een overwinning mee en stond vaak op het podium in zware wedstrijden. Vorige week werd hij nog tweede in de wereldbeker van Hoogerheide, na landgenoot Niels Vandeputte. In een goede dag spelen Bellens, Vandeputte en Ryan Cortjens mee voor een medaille.

Maar dan zullen ze wel moeten afrekenen met de Zwitserse topfavoriet Loris Rouiller (Europees kampioen en veelwinnaar dit seizoen), de Tsjech Tomas Kopecky (eindwinnaar Wereldbeker), Ben Tulett (winnaar op de Koppenberg en in Overijse) en de Nederlandse thuisrijders Ryan Kamp en Pim Ronhaar.

“Ik vind het héél fijn parcours, maar ik denk dat er op deze omloop een paar jongens beter zullen zijn dan mezelf”, zegt Belgisch kampioen Jarno Bellens. “Loris Rouiller is voor mij de topfavoriet, met Tomas Kopecky en de Nederlanders daar achter. En hou Niels Vandeputte ook maar in de gaten. Zelf hoop ik op een top-vijf. Dromen van de wereldtitel mag, maar ik loop niet graag op de feiten vooruit.”

Programma WK

Zaterdag 3 februari:

11u: Mannen junioren

13u: Vrouwen beloften

15u: Vrouwen elite

Zondag 4 februari:

11u: Mannen beloften

15u: Mannen elite

Hoe ziet het WK-parcours in Valkenburg eruit? Wij zetten een GoPro op de fiets van de Belgische profs.

Corrigeer