GPS-technologie als nieuwe whereabouts? Adviesorgaan WADA heeft ethische vragen bij voorstel

GPS-technologie als nieuwe whereabouts? Adviesorgaan WADA heeft ethische vragen bij voorstel

Het Wereldantidopingagentschap (WADA) blijft proactief strijden tegen dopinggebruik. Niet enkel tijdens wedstrijden, maar ook voor of na competities. Daarom liet het onderzoeken of het systeem van de whereabouts kan vervangen of uitbreiden door het gebruik van GPS-technologie, maar krijgt van adviesorgaan Ethics Panel een negatief advies. “Er zijn de ethische problemen die zich stellen bij zo’n systeem, maar het is ook een illusie dat geolokalisatie de administratieve problemen kan oplossen”, aldus KU Leuven-professor Pascal Borry, vicevoorzitter van het Ethics Panel.

LEES OOK: De beruchte whereabouts: wat is het en waarom zijn de renners boos op de website? (N+)

“De voordelen van zo’n systeem blijven hypothetisch en minimaal, terwijl de potentiële privacyinbreuk reëel is”, klinkt het bij het WADA Ethics Panel. “Het beste alternatief lijkt op dit moment het systeem dat er nu is, verbeteren en ervoor zorgen dat de tools voor de atleten gebruiksvriendelijker worden”, aldus Pascal Borry. “Want het idee dat geolokalisering het bestaande systeem zal vervangen, is een illusie. De voordelen van dit systeem wegen allesbehalve op tegen de nadelen ervan.”

Zo is er het gevaar van hacking. “De recente Fancy Bears datahacking toont dat zulke vragen zeker relevant zijn. Als de gegevens van een atleet gehackt wordt, kan dat leiden tot een negatieve impact op hun carrière”, zo staat te lezen in de motivering van het Ethics Panel. “Ook zijn er al echte gevaren voor de privacy van atleten, terwijl anderen het systeem ook kunnen misbruiken door het gebruik van valse profielen.”

Momenteel gebeuren de testen buiten competitie met gebruik van whereabouts. De atleten geven via ADAMS (Anti-Doping Administration and Management System) hun locatie ruim op voorhand in, waardoor het WADA gerichte controles buiten competitie kan organiseren. Zo voorkomt het dat atleten buiten competitie microdoseringen van verboden middelen innemen in aanloop naar wedstrijden.

Corrigeer