België, Nederland en Duitsland voeren strijd tegen grensoverschrijdende criminaliteit op

België, Nederland en Duitsland voeren strijd tegen grensoverschrijdende criminaliteit op

Foto: BELGA

Brussel -

Er komt een nieuw centrum dat meer slagkracht moet bieden in de aanpak van grensoverschrijdende criminaliteit. Minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon en zijn collega’s uit Nederland en Noordrijn-Westfalen hebben daarvoor donderdag een intentieverklaring ondertekend. Minister Jambon benadrukt het belang van gerichte samenwerking over de landsgrenzen heen. “Criminelen kennen geen grenzen, letterlijk noch figuurlijk”.

Het besef dat de strijd tegen georganiseerde criminaliteit niet uitsluitend een taak is van politie en gerecht, is niet nieuw. Het leidde tot het concept van de geïntegreerde aanpak, waarbinnen overheidsdiensten samenwerken, elk vanuit hun eigen opdracht en expertise. Recenter is het concept van de bestuurlijke handhaving. Met andere woorden: de manier waarop burgemeesters en gemeenten kunnen bijdragen aan die geïntegreerde aanpak.

Minister Jambon wees donderdag op een symposium in het Nederlandse Maastricht op de proefprojecten met ARIECS (Arrondissementeel Informatie- en Expertisecentrum) die momenteel in twee Vlaamse provincies lopen, en waar dit jaar een derde in Namen bijkomt. Die zorgen er onder meer voor dat informatie beter wordt uitgewisseld tussen steden en gemeenten, veiligheidsdiensten en inspectiediensten, maar ook dat burgemeesters hulp krijgen bij het opzetten van gecoördineerde controleacties tegen bijvoorbeeld winkels en horecazaken.

“Dat gefocust samenwerken moet dus ook over de landsgrenzen gebeuren”, stelde minister Jambon. “Want anders maken bendes daar binnen de kortste keren genadeloos misbruik van. En dan krijg je het zogenaamde ‘waterbedeffect’. Duw je in België, dan voel je de weerslag in Duitsland of in Nederland, en omgekeerd”. Het leidt ertoe dat criminele bendes misbruik maken van verschillen in de regelgeving tussen de landen onderling.

Daarom ondertekenden de minister en zijn collega’s een intentieverklaring om op korte termijn een EURIEC op te richten, ofwel een Euregionaal Ontwikkel- en Expertisecentrum. “Dat gaat er alvast voor zorgen dat criminele organisaties die België, Duitsland en Nederland in de grensstreek tegen elkaar willen uitspelen, bot gaan vangen”, gelooft de vicepremier. “Ik ben er van overtuigd dat het EURIEC een essentiële rol gaat spelen in de strijd tegen ondermijnende criminaliteit”.

Het centrum moet concrete ondersteuning bieden aan organisaties die aan weerszijden van de grens aan de slag zijn, door hen samen te brengen en juridische expertise te leveren. Ook moet het project nieuwe inzichten en mogelijke oplossingen aanleveren, net als aanbevelingen voor nationale en internationale wetgeving.

Corrigeer

IN HET NIEUWS

Verkiezingen in jouw gemeente:

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees