Sofien Ayari in verdenking gesteld voor aanslagen van 22 maart in Brussel

Sofien Ayari in verdenking gesteld voor aanslagen van 22 maart in Brussel

Sofien Ayari (links) Foto: BELGA

Brussel -

Sofien Ayari is donderdag in verdenking gesteld voor de aanslagen in maart 2016 in Brussel. Dat melden La Libre Belgique en La Dernière Heure vrijdag en het nieuws wordt bevestigd door het federaal parket. De beslissing van onderzoeksrechter Bernardo-Mendez om de 24-jarige Tunesiër in verdenking te stellen zou kunnen betekenen dat ook Salah Abdeslam hetzelfde lot zou ondergaan maar voorlopig kan het federaal parket zich daar nog niet over uitspreken.

Ayari (24) werd in verdenking gesteld door onderzoeksrechter Berta Bernardo-Mendez voor deelname aan activiteiten van een terroristische groepering, in het kader van de dodelijke aanvallen op de luchthaven van Zaventem en in het metrostation Maalbeek.

Sofien Ayari, ook bekend onder de valse namen Amine Choukri of Monir Ahmed Alaaj, werd samen met Salah Abdeslam opgepakt in Sint-Jans-Molenbeek, op 18 maart. Drie dagen eerder had de politie een huiszoeking proberen houden in een flat in de Driesstraat in Vorst, die dienst bleek te doen als safehouse en waar Salah Abdeslam, Soufien Ayari en een derde man, Mohamed Belkaïd of “Samir Bouzid”, zich schuilhielden. Het kwam tot een vuurgevecht waarbij Belkaïd de politie op afstand hield en Abdeslam en Ayari de benen namen. Belkaïd werd uiteindelijk neergeschoten en Abdslam en Ayari konden drie dagen later alsnog ingerekend worden. Beiden werden op 23 april jongstleden veroordeeld tot 20 jaar cel voor hun aandeel in de schietpartij in de Driesstraat.

Uit het onderzoek naar de aanslagen in Parijs en Brussel is gebleken dat Ayari in oktober 2015 al samen met Salah Abdeslam gecontroleerd was in het Duitse Ulm, wellicht nadat hij was afgereisd uit Syrië. Zijn vingerafdrukken werden ook aangetroffen in verschillende schuilplaatsen van de terreurcel, onder meer in Auvelais, Charleroi, Schaarbeek en Jette. Ook wordt onderzocht waarom Ayari samen met Ossama Krayem, die betrokken was bij de aanslag in het metrostation Maalbeek op 22 maart, op 13 november met een bus vanuit Brussel naar de Amsterdamse luchthaven Schiphol reisde. In de laptop die in de buurt van het safehouse in de Max Roosstraat in Schaarbeek werd aangetroffen stond een map met de naam “13 november” waarin verschillende andere mappen stonden: “Groep Omar”, “Groep Fransen”, “Groep Iraki’s”, “Groep Schiphol” en “Groep Metro”. Mogelijk maakten Ayari en Krayem deel uit van de groep Schiphol en moesten zij de luchthaven van Amsterdam treffen, maar volgens een bron dichtbij het onderzoek zijn daarvoor geen bewijzen.

Krayem zelf gaf tijdens verhoren aan de Belgische politie toe dat hij als opdracht had om daar “kluizen te vinden die voldoende groot waren om er wapens, explosieven of geld te bewaren”. “Hij wandelde er ongeveer twee uur rond zonder er kluizen te vinden en vertrok weer”, verklaarde een bron dichtbij het onderzoek.

Tijdens zijn ondervraging voor de Brusselse correctionele rechtbank in het proces over de schietpartij in de Driesstraat verklaarde Ayari dat hij op geen enkele manier meegewerkt aan de aanslagen van Islamitische Staat in Europa. Wel gaf hij toe dat hij in de weken voor de schietpartij al in de flat in de Driesstraat had verbleven, samen met Salah Abdeslam en Mohamed Belkaïd. Ook andere leden van de terreurcel verbleven een tijdlang in die flat.

Het is een nieuwe belangrijke stap in het onderzoek naar de terroristische aanslagen in Brussel op dinsdag 22 maart 2016, aldus de kranten. Alles wijst er op dat Salah Abdeslam (28) hetzelfde lot zal kennen.

De twee mannen werden eind april veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf voor moordpogingen op de politieagenten die op 15 maart 2016 huiszoekingen kwamen uitvoeren in de Driesstraat in Vorst, waar ze verscholen zaten. De rechters van de correctionele rechtbank in Brussel oordeelden dat het terroristische karakter van de schietpartij duidelijk was bewezen.

Corrigeer

POPULAIRE VIDEO'S