Food

Op zoek naar rust én een overnemer

Familie Van Tricht van wereldberoemde Vlaamse kaaswinkel stopt ermee: “We willen niet doodgaan achter de toog”

Familie Van Tricht van wereldberoemde Vlaamse kaaswinkel stopt ermee: “We willen niet doodgaan achter de toog”

Schoondochter Veerle, zoon Frederic, Michel en Jeaninne. Foto: Walter Saenen

Antwerpen -

Er zijn amper restaurants te vinden waar ‘Kazen van Van Tricht’ niet op de kaart staan. En op geen enkel moment heeft de klant gevoeld of geproefd dat Michel Van Tricht is opgevolgd door zijn zoon Frederic. Dat zal anders zijn in de winkel aan de Fruithoflaan in Berchem, waar mama Jeannine de plak zwaait. Na meer dan veertig jaar is haar winkel over te nemen. “We willen niet doodgaan achter de toog”, zegt ze in Gazet Van Antwerpen.

Al sinds 1970 zijn de kazen van Van Tricht een toonaangevend onderdeel van menu’s over heel België en ver daarbuiten. The Wall Street Journal schreef het zelfs, terwijl ze hun producten bejubelden als ware delicatesses. “De King van de Kazen”, klinkt het lovend bij restaurants. De business van de familie uit Berchem werd razendsnel groter, ook toen zoon Frederic de boel overnam. In zeven jaar tijd vertienvoudigde hun export, maar dat succes houdt de familie niet in de winkel.

“Het is met een dubbel gevoel dat ook wij afscheid nemen van de winkel op de Fruithoflaan. Want het is een goede zaak”, vertelt Frederic aan Gazet Van Antwerpen. Maar het succes is té groot. “Om ze optimaal te runnen, moet je er als koppel fulltime aan de slag. Bovendien, ik zou de rol van mijn moeder (Jeaninne De Wachter, red.) niet kunnen overnemen. Ik sta er soms versteld van hoe vlot zij dat allemaal doet.”

Ook Jeaninne staat achter de beslissing: ze wil de winkel overlaten. “De winkel zal ik niet missen, de mensen wel. Mijn man Michel verwoordt het goed. Heel ons beroepsleven lang werkten we tot 21.30u ’s avonds. En om 5.45u zijn we alweer weg. Hij is nu soms vroeger thuis en verlangt ernaar om op een gewoon uur te eten, om op een gewone manier te leven. Het leven gaat snel en we willen nog een beetje genieten, ook van onze kleinzoon Ruben. We willen niet doodgaan achter onze toog”, besluit ze.

Corrigeer