Het gekke jaar van vechtjas Novak Djokovic: van pure miserie naar nummer 1 van de wereld (én unicum)

Het gekke jaar van vechtjas Novak Djokovic: van pure miserie naar nummer 1 van de wereld (én unicum)

Foto: Reuters

Het altijd slopende tennisseizoen zit er nog niet helemaal op, maar Novak Djokovic eindigt het jaar zeker als nummer één op de ATP-ranking. Een plaats die amper vijf maanden geleden héél ver weg leek voor de Serviër.

Het is alsof de tenniswereld bij de mannen enigszins stil heeft gestaan het voorbije decennium. Djokovic domineert samen met Roger Federer en Rafael Nadal al zolang het circuit dat de volgende vaststelling eigenlijk niet zó verbazingwekkend is:

Djokovic stond ooit eens 48 weken lang op nummer één en zit nu aan 224 weken op de eerste plaats op de ATP-ranking. Slechts vier spelers doen beter: Federer (310 weken), Pete Sampras (286), Ivan Lendl (270) en Jimmy Connors (268). Nadal zit aan 196 weken, voor John McEnroe met 170 weken. Het is ook de vijfde keer dat ‘Nole’ het jaar afsluit als nummer één, even vaak als Federer en Connors. 

“Als ik terugkijk op wat ik dit jaar allemaal heb meegemaakt, dan is dat toch wel een fenomenale prestatie”, aldus de intussen 31-jarige Serviër. “Ik ben hier zeer, zeer, zeer trots op. Vijf maanden geleden leek het hoogst onwaarschijnlijk door mijn ranking, de manier waarop ik speelde en hoe ik me voelde.”

Miserie

Het is een gek jaar geweest voor Djokovic, vandaar zijn quasi ongeloof toen hij vernam dat hij weer nummer één van de wereld was. In februari onderging ‘Nole’ een operatie aan zijn elleboog, een ingreep die noodzakelijk was na jaren van pijn. Op de Australian Open ging hij verrassend onderuit in de vierde ronde. In drie sets tegen de verrassende Hyeon Chung. 

Zijn rechterelleboog speelde Djokovic toen al bijna twee jaar parten, nadat hij in 2016 Roland Garros won. De Serviër slaagde er niet in om dat jaar nog een Grand Slam op zijn naam te schrijven en in 2017 was het al niet veel beter op dat vlak. Hij zette zijn coach opzij, trainers kwamen en gingen. Net als legende Andre Agassi en vriend Radek Stepanek.   

Djokovic nam even een pauze na de Australian Open, maar kwam al snel weer terug. Maar in Indian Wells en Miami werd hij in de eerste ronde huiswaarts gestuurd. De Serviër keerde terug naar zijn vorige team met Marian Vajda, die hem weer meer op gevoel deed spelen. Toch zakte Djokovic in juni naar de 22ste plaats na een pijnlijke nederlaag in de kwartfinale van Roland Garros. De Italiaan Marco Cecchinato deed toen het ondenkbare door ‘Nole’ in het gravel te doen bijten.

Even dacht Djokovic eraan om Wimbledon te skippen. “Ik weet niet of op gras ga spelen”, zei een emotionele tennistopper toen. “Ik weet gewoon niet wat ik nu wil doen.”

Opnieuw naar de top

Gelukkig kreeg Marian Vajda hem zover om zich toch toe te leggen op het grasseizoen. Op Queens schopte Djokovic het al tot de finale, waarin hij nipt verloor van Wimbledon-favoriet Marin Cilic. Op het heilige gras in Londen mepte de Serviër vervolgens alle miserie in één klap van zich af.

Hij zette in de derde ronde Kyle Edmund in de wind met briljant tennis en ontdeed zich in halve finale van Nadal na een ware klassieker. Djokovic had twee van de eerste drie sets gewonnen, maar werd dan tegengehouden door een regenpauze. De volgende dag maakten beide toppers er een slijtageslag van die Djokovic uiteindelijk won met 10-8 in de vijfde set.

In de finale van Wimbledon liet Djokovic weinig heel van Kevin Anderson en amper één maand later schreef hij met de US Open ook zijn veertiende Grand Slam op zijn palmares. Juan Martin del Portro moest er in drie sets aan geloven. "Ik voel dat ik op een compleet nieuw en ander niveau aan het spelen ben", zei 'Nole' toen na afloop.

Sinds de start van Wimbledon verloor Djokovic amper 2 van zijn 33 wedstrijden, waaronder de finale in Parijs tegen Karen Khachanov afgelopen week. Daarmee kwam een einde aan 22 opeenvolgende overwinningen. Maar dat zal de Serviër in principe worst wezen. Hij startte het seizoen in mineur, verloor even de liefde voor het tennis, maar werd uiteindelijk de eerste speler die het seizoen als nummer één afsluit nadat die hetzelfde jaar buiten de top 20 stond. Van een straffe ommekeer gesproken.

Corrigeer